> Uiteindelijk kom je zo uit bij het provinciaal kasteeldomein d’Aertrycke. Prachtige oude bomen hier in een park dat is ontworpen als Engelse landschapstuin. Helaas had ik geen batterijen meer en kon ik geen foto’s meer nemen, ben er de volgende dag met de fiets nog eens terug gekeerd.

Aertrycke

> Het kasteeldomein d’Aertrycke is 49 ha groot. Centraal ligt het kasteel, gebouwd in 1869 in opdracht van de Gentse ingenieur en politieker Auguste de Maere die later nog bekendheid kreeg als de ‘geestelijke vader’ van de nieuwe zeehaven van Zeebrugge.
> Het kasteel is opgetrokken in Vlaamse neorenaissance. Tesamen met de vijvers en de kronkelende lanen vormt het een mooi kader voor de huidige kasteelfunctie: Internationale seminaries, congressen en recepties. Er zijn ook hotel- en restaurantfaciliteiten.
> Het kasteel is nog steeds eigendom van de familie de Maere. De tuinen worden beheerd als
zijn inderdaad sporen die wijzen op een bewoning die minstens terug gaat tot het Gallo-Romeinse tijdvak. De oudste schriftelijke vermelding van Torhout gaat terug tot 564 n/C en in de 7de eeuw was er een bloeiende kloostergemeenschap. Als machtscentrum ontwikkelde Torhout zich echter vooral toen de eerste Graven van Vlaanderen de omgeving van Torhout in de 11de eeuw kozen als hun vestingsplaats. Het kasteel van Wijnendale, dat we verderop langs GR 131 zullen passeren, dateert wellicht oorspronkelijk uit die periode.
> Van die rijke geschiedenis is in Torhout niet zoveel meer aanwezig, toch niet als je de vergelijking maakt met bvb Brugge. Het oudste monument van de stad is een 17de eeuwse kapel. Het fraaiste gebouw in Torhout is wellicht het laatbarokke stadhuis (1713).
> Een bezoekje waard is het museum van aardewerk, gelegen in het kasteel Ravenhof, waar ook de VVV is gevestigd. Dit museum biedt een overzicht van de aardewerkproduktie in Torhout en omstreken vanaf de 17 de eeuw. Nogal wat van de meest imposante stukken dateren uit de art nouveauperiode toen deze kunst hier een hoogtepunt bereikte.
> De mooiste troeven van de stad liggen wellicht buiten het centrum, in het omringende Houtland, en dan met name de kasteeldomeinen van Aartrijke en vooral Wijnendale, plaatsen waarlangs we al wandelend passeren.
> Een hele tijd over asfalt dan om uiteindelijk veel meer noordelijk dan oorspronkelijk de spoorweg te kruisen. Het was al redelijk laat en blijkbaar is dit traject veel langer, zodat ik er de pas stevig moest inzetten. Ik was trouwens al van de kaart af aan het wandelen. Een beetje vervelend dat je geen zicht meer hebt waar je wandelt. Hopen maar dat de witrode bewegwijzering feilloos te volgen is. Op je linkerkant ligt de stad Torhout, waar je in een grote bocht omheen wandelt.
> Het bos is populair bij joggers. De komende maanden wordt er hier blijkbaar flink gekapt want er zijn nogal wat merktekens in de bomen gekapt. Wat de kruidlaag betreft, in de lente zie je hier ondermeer varens, witte klaverzuring en viooltjes.
> Op het einde van de bos bij een manège rechts. Ietsje verderop was dan een onverwachte (en aanzienlijke!) routeverandering. Deze verandering was mij niet bekend maar is ondertussen gemeld bij Grote Routepaden en is nu beschikbaar op hun site. Verandering vanaf pag 35 ‘aan het einde domein Borgia…’. GR131 loopt dus gewoon rechtdoor, bocht mee met de weg en loopt dan onder een grote verkeersweg door via een korte tunnel.
Startpagina > Wandelen > GR 131
> Met het Meetjesland en Beverhoutsveld achter de rug zijn we aangekomen in 'de Bossen van Vlaanderen', het Houtland. Het meest beboste gebied van West-Vlaanderen was in een lang verleden de schuilplaats bij uitstek voor roversbendes of de plek om duistere moorden te camoufleren, maar het was ook het decor van Rock Torhout en het decor om enkele van de mooiste kastelen van Vlaanderen in neer te planten, zoals het slot van Wijnendale.

> GR 131 gidst je er met witrode streepjes probleemloos door heen, nu ja, vergeet niet rekening te houden met enkele aanzienlijke trajectwijzigingen in het oorspronkelijke routeverloop. Een etappe met toch behoorlijk wat afwisseling, ook nu steden vermijdend, je wandelt de hele tijd door velden met af en toe een domeinbos om even te ontsnappen van de beerlucht die overal rondhangt in de lente.
GR 129
> GR 129 is een pad dat onder het thema 'Dwars door België' van Brugge naar Aarlen loopt. Hoewel dit pad al werd ontwikkeld in de jaren '80 duurde het nog tot de lente van 2012 vooraleer het hele traject tot Aarlen werd afgewerkt. Hiermee is GR 129 uitgegroeid tot een pad van meer dan 573 km lengte. Het hele traject is beschreven in 3 topografische gidsen. 120 km lopen op Vlaamse bodem (Brugge - Ronse), vandaaruit gaat het Henegouwen in langs Ath en Bergen. Dan door de provincie Namen met Dinant en verder naar de Gaume tot de bron van de Semois te Aarlen. GR 131 loopt in Bulskampveld een paar km te samen met deze wandelroute. Topogidsen te koop bij GR-paden en Sentiers de Grande Randonnée (SGR).

> Voorbij een boomgaard links en bij een mooi domein met klokje op het dak draait GR131 zacht mee naar rechts. Verderop neemt het pad de toegangsweg tot de hoeve ’t Soetewey. Als je hier doortrekkend bent kan je hier zowaar flink je proviand aanvullen met hoeveprodukten: Van chocopasta tot yoghurt! Via een zigzagje passeer je de mooi gelegen hoeve en trek je door een halfverharde veldweg, omzoomt met populieren langs nog een paar afgelegen hoeves.

De moorden van Beernem.

> Tot op de dag van vandaag is Beernem misschien nog het best beken voor de moorden die er in de bossen plaats vonden. De moorden van Beernem vormen met ondermeer de verdwijning van het Lam Godspaneel tot op de dag van vandaag één van de grote mysteries van Vlaanderen. Waarover gaat het?
Op 15 mei 1915 verdwijnt baron Henri d’Udekem d’Acoz. Zijn half begraven lijk werd in de bossen van Bulskampveld gevonden op 2 september 1915.
Op 28 augustus 1915 verdwijnt Kamiel Dierickx, boswachter in Bulskampveld, zijn lichaam werd nooit gevonden. Mogelijk was hij getuige geweest van de moord op de baron.
Op 16 mei 1921 valt René de Baene dood op het erf van een herberg. De officiële vaststelling is dat hij stomdronken over een omheining is gevallen. Praat hij in zijn dronken gelal zijn mond voorbij? Als 10 jaren later de zaak wordt heropend is zijn lijk niet meer te vinden...
Op 30 november 1926 wordt het lijk van Hector de Zutter uit het kanaal Brugge – Gent gevist, er waren duidelijk sporen die wezen op moord. Hij verdween 3 weken eerder na een avondje op de kermis.
Op 9 mei 1927 kwam Ernest van Poucke om het leven door verdrinking in dezelfde vaart, alweer in verdachte omstandigheden. Mogelijk was hij getuige hoe het lijk van de Zutter, dat onder een mesthoop was verborgen, met een kar naar de vaart is gevoerd.
Behalve deze 5 moorden is er nog het verdachte overlijden van Omer van Haecke in 1944, schoonbroer van veldwachter Hoste.
> Vreemd is de lange moordperiode: Van 1915 tot 1944. Vermoed wordt dat de eerste moord mogelijk in verband stond met buitenechtelijke relaties en ruzies, waarbij de toenmalige burgemeester van Beernem, baron Etienne de Vrière, betrokken was. Over Baron de Vrière werd wel eens gefluisterd dat hij een bastaardkind was van Leopold II. Hij bleek alvast dezelfde amoureuze escapades gemeen te hebben. Henri d’Udekem d’Acoz zou mogelijk wat ‘in de weg hebben gestaan’ voor een geheime relatie tussen zijn echtgenote en de burgemeester van Beernem. De daaropvolgende moorden zijn blijkbaar gepleegd op personen die mogelijk getuigen waren van een andere moord of op personen die zich wat te fel roerden over de zaak.
> Er zijn weinig concrete bewijzen om dat hard te maken of zelfs om een verband te leggen tussen de verschillende moordzaken maar alles wijst er op dat alle moeite werd gedaan van hogeraf om de eerste moorden in de doofpot te duwen. Er was blijkbaar een verlammende angst van de Beernemnaren tegenover de lokale landadel en gezagsdragers. Pas met de moord op Hector de Zutter in 1926 kreeg de zaak meer aandacht in de media en werd de beerput van Beernem open getrokken. Journalist Victor de Lille beet zich vast in de zaak en richtte zelfs een steunfonds op om de getroffen familie De Zutter bij te staan tijdens het proces dat in 1929 plaats vond. 2 mannen werden tot 20 jaar gevangenisstraf veroordeeld voor deze moord, veldwachter Hoste en diens schoonbroer Schepers.
> Heemkundige Alfons Ryserhove uit Knesselare spitte de zaak verder uit en publiceerde na de Tweede Wereldoorlog verscheidene boeken over de moorden van Beernem. Als geboren verteller hadden ook zijn urenlange voorstellingen over deze zaak overal in Vlaanderen een groot succes. Alfons Ryserhove stierf in 1997, maar zijn dochter Katrien nam het thema over, publiceerde op haar beurt een boek over de zaak en voert nog steeds monologen op over de moorden.
> De moorden werden echter helemaal in de schijnwerper geplaatst toen de VRT in 1991 er een prestigieuze dramareeks over maakte, 'De Bossen van Vlaanderen', waarin het kruim van Vlaamse acteurs meespeelde. In Beernem is het drama decennia lang door de meeste inwoners laffelijk in de doofpot gehouden, tot voor kort rustte er over de moorden in het dorp een groot taboe. Het leek hier wel een Siciliaans maffiadorp waar je op een woord teveel genadeloos kon worden afgerekend. Alfons Ryserhove heeft bijvoorbeeld nooit de toelating gekregen om zijn voorstelling in een Beernemse zaal op te voeren.
> De generatie uit de periode van de dramatische opeenvolging van moorden is bijna geheel uitgestorven en de zaak lijkt ook weer meer bespreekbaar te worden. Zoals dat wel meer gebeurd met historische feiten, worden ze naar de toekomst toe wellicht in een meer folkloristische sfeer verpakt: Zo kan je sinds kort in de bossen van Beernem zowaar een moordspel doen waarbij alles draait rond teambuilding en waarin de meest saillante details van de Beernemmoorden zijn verwerkt. Zelfs een combinatie met champagnepicknick is mogelijk…Ondenkbaar zoiets enkele jaren terug, maar dit nieuwe spel lijkt zelfs de steun te hebben van het gemeentebestuur van Beernem. De moorden van Beernem als toeristische attraktie! Tja. De gemeente Maldegem dan weer organiseert zowaar ramptoeristische rondritten van drie uren waar je zelf de plaatsen van het onheil kan ontdekken.

Bulskampveld

> GR131 loopt langs de rand van het provinciaal domein Lippensgoed-Bulskampveld. Dit provinciedomein is met zowat 232 ha het grootste van West-Vlaanderen. In de middeleeuwen was het huidige Bulskampveld onderdeel van een veel groter wastinegebied, onvruchtbare grond van heide en struweel dat zich haast uitstrekte van Brugge tot Gent. Dit gebied werd voor de bevolking dan ook hoofdzakelijk gebruikt om vee te laten grazen. Wellicht zit in deze aktiviteit ook de naamsoorsprong verborgen: ‘Bulnas kampa’, veld van de stieren. Vanaf eind 18de eeuw werden delen gerooid voor landbouw, de minst geschikte stukken werden bebost voor hout en jacht. Typisch vanaf de Oostenrijkse periode was dat bossen en velden werden doortrokken met rechte dreven, wat nu nog duidelijk merkbaar is op een topografische kaart. In de 20ste eeuw was Bulskampveld grotendeels eigendom van de familie Lippens tot ze het domein, inclusief kasteel, in 1970 verkochten aan de provincie West-Vlaanderen. Het kasteel heeft een bezoekerscentrum en verder is er ondermeer een vogelopvangcentrum, museum van landbouwmachines en kruidentuin (niet langs GR 131, maar wel langs GR 129).
Bosviooltje
> Terug in de buurt van de weg Wingene - Beernem. GR 131 zigzagt over asfaltwegels tot de wandelboom bij de eerste kruising met GR 129.
Deze wandelboom blijkt zowat 1 km te zijn verplaatst in vergelijking met het oude traject! Hij staat nu in het bos van Bulskampveld voorbij de kruising met de weg Ruiselede – Beernem.
Wandelboom Grote Routepaden GR 129 X GR 131
Ruddervoorde
Stadhuis Torhout
Torhouts aardewerk
Industriële veestallen
Zingende watermolen
> Kort na Kortekeer verlaat GR131 het oude traject uit de topogids voor een traject dat 1,3 km langer is en volgens Grote Routepaden afwisselender is en bevoorrading in Ruddervoorde mogelijk maakt. GR131 loopt dus langs het erf van een veekwekerij en het pad wordt lekker onverhard, neemt een veldweg die bij een opvallend kromgegroeide populier over de Leugaartsbeek loopt. GR131 houdt dezelfde richting aan door dit open landschap, kruist de weg tussen Brugge en Kortrijk en draait links bij de rand van een wijk die tot Ruddervoorde behoort. Aan de rechterkant passeer je een speelweide met zitbanken. Hier kan je de wandeling onderbreken om naar het centrum van Ruddervoorde te wandelen dat vlakbij ligt.
> Na een laatste en erg pompeuze woning op je rechterkant loop je nog even over een wilder stukje bos, stevige modderpaden tonen het meer oorspronkelijke karakter van Bulskampveld. De Getebeek, waarlangs het traject loopt, durft hier nog wel eens ongemoeid uit haar meanders te treden.
> GR131 bereikt weer asfalt en gaat bij het eerste kruispunt links, weg van de dorpskern van Hertsberge. Je loopt nu een hele tijd over open weidelandschap en passeert daarbij ondermeer de Ringbeek en een mooie linde met kapel bij de ingangweg naar een hoeve in het gehucht Kortekeer. De hoevekapel uit 1899 is gewijd aan OLV van Troost en de voorbijganger langs GR 131 wordt er met een bord aan herinnerd dat God het vloeken verbiedt.
> Het volgende uur loopt GR131 door het bos van Bulskampveld, helaas zowat volledig verkavelt hier. De éne woning is nog storender in de omgeving dan de volgende. Veel slechte smaak hebben de bewoners ook in de aanplantingen rond hun huizen, de keuze in haag- en andere planten staat vaak als een tang op een West-Vlaams varken met de bosomgeving. De bewoners kappen ook nogal wat tuinafval in het bos, wat resulteert in ondermeer uitzaaiingen van allerlei plantensoorten die helemaal niet thuishoren in het bos. De bosstroken die nog overbleven zijn een wat trieste opvulling geworden die de smakeloze optrekken wat moeten camoufleren. Het bos heeft hier dus alles behalve een homogeen karakter.
Zingende watermolen
> Achter het gebouwtje met fabrieksschouwpijp schuilt een oude watermolen. Een zekere Francis Maes liet de molen optrekken op de Ringbeek rond 1820. Al vlug bleek het debiet van de Ringbeek vaak te laag om de werking van de molen continu te verzekeren. De eigenaar kreeg na wat aandringen de toestemming om op de top van het gebouw een windmolen toe te voegen. Blijkbaar niet zo'n succes want de windmolen verdween alweer een tijd later.
> Nieuwe eigenaars en nieuwe technieken: In 1910 werd een stoommachine toegevoegd aan het gebouw. Tesamen met de watermolen moest de stoominstallatie de werking van pletstenen voor allerlei granen en zaden garanderen. In die periode begon men er een boterfabriekje. Vanaf 1920 werd er ook vlas geroot en in 1926 kwam er zelfs een vlaszwingelarij. De vlascrisis van 1929 bracht tegenspoed en in 1930 stopte deze aktiviteit alweer.
>GR131 kruist even later de drukkere weg Wingene – Beernem en vervolgt over een gedeeltelijk onverhard pad langs een plantenkwekerij dat blijkbaar een privé-weg is. Zo bereikt het gemeenschappelijke traject met GR129 alweer zijn einde en kom je langs een tweede wandelboom.
> De volgende decennia kwamen er ondermeer een turbine, dieselmotor en elektrische motor. Al in 1925 kon de molen voorzien in de opwekking van electriciteit voor verbruik ter plaatse. Tot 1987 werd de maalderij in gebruik gehouden waarna de machines voorgoed zwegen. Verval trad in, in die mate dat een groot deel van de constructie tot voor enkele jaren dreigde in te storten.
> Guy van Wassenhove renoveerde de molensite grondig en herbestemde de gebouwen door er ondermeer enkele verblijfskamers en een feestruimte in te richten. Het project kreeg de naam 'Zingende watermolen'

Torhout
> Torhout claimt de oudste stad te zijn van het vroegere graafschap Vlaanderen, een stuk ouder dus dan nabij gelegen grotere broer Brugge, dat veel later tot ontwikkeling kwam. Er
Aertrijcke
en werd tijdens Open Monumentendag 2005 voorgesteld aan het grote publiek. In 2008 werd een procedure ter bescherming van de watermolen ingeleid.
> In de buurt van Baliebrugge neem je dan een brede asfaltweg links die je via een brug over de A17 leidt. Vlak na de brug rechts naar het Groenhovebos. Best leuk wandelen hier, de boswegen zijn wel geasfalteerd, maar de giergeur heeft weer even plaatsgemaakt voor verfrissende boslucht.
19de eeuwse boom in het
provinciaal domeinpark Aertrycke
> Kort na de watermolen ligt een huis bij een kruispunt, met een soort ‘loergat’ waardoor de bewoners je zien aankomen over GR131.
> Verderop wandel je weer op een graspad met rechtsvoor de kerk van Baliebrugge die uit de velden opdoemt en rechts een industriële veekwekerij (gelukkig zat de wind goed).

Rock Torhout.

> Misschien wel het meest bekend in Vlaanderen is Torhout omdat het 20 jaren was gekoppeld aan Rock Werchter in de vorm van het dubbelfestival Torhout / Werchter, afgekort als T/W.
> Eigenlijk had het Koekelare / Werchter moeten heten. De West-Vlaamse organisator Noël Steen was immers eerst gaan aankloppen bij het gemeentebestuur van Koekelare, dat het festival niet zag zitten. Voor de omdoping tot T/W in de jaren ’80 was het Torhouts luik bekend als het Woodland festival (cfr ‘houtland’).
> Tussen 1977 en 1998 kwam de wereldtop van de rockmuziek hier langs: U2, R.E.M., Talking Heads, Dire Straits, Jackson Browne, Simple Minds, Lou Reed, Bob Dylan, Sting, Paul Simon, David Bowie, het zijn maar enkele namen van de artiesten die hier passeerden. Zaterdag werd er opgetreden in Torhout, zondag in Werchter. Groepen en zangers waren altijd verwonderd hoe, op een afstand van slechts een goeie 100 km, dit dubbel optreden zo veel volk trok. Herman Schueremans wist dit rockconcert op een uitgelezen wijze te promoten, niet in het minst met de steun van het weekblad Humo, dat rond T / W elk jaar maandenlang voor de concertdata een hype op gang trok.
> Voor jou loopt in de verte terug de weg Brugge-Kortrijk maar GR131 blijft nog even zigzaggen over asfalt door de velden waarna je weer over onverharde ondergrond door een prachtige eikendreef loopt. Als je weer asfalt bereikt kom je weer op het oude oorspronkelijke traject van GR131.
> Het pad volgt nu een hele tijd asfaltwegels in westelijke richting, waarbij tijdens de maand april de geur van beer en veestallen nooit ver weg is. Je komt ondermeer langs ‘de zingende watermolen’, een taverne-restaurant, waar je bij goed weer ook buiten kan zitten.
aandacht en de potentiële recreatieve mogelijkheid. Stimulans voor de provincie West-Vlaanderen om de spoorbedding van de NMBS aan te kopen. De sporen werden opgebroken in 1984 en 1985 en de bedding werd belegd met een laagje fijn grind. Gelukkig dus geen asfalt of beton, zodat het ook voor wandelaars prettig blijft.
> Vanaf 1991 is de Groene 62 dus een fietspad van 22 km, erg populair bij fietsrecreanten. Kijk ook (vooral tijdens de zomer) uit naar de gevarieerde kruidlaag aan wilde planten langs de beddingrand. De Groene 62 is een prachtig voorbeeld van een project waarbij oud industrieel patrimonium een nieuwe nuttige bestemming krijgt en perfect wordt geïntegreerd in de omgeving door ze uit te bouwen voor zachte recreatie.
Centrum Torhout
(niet langs GR 131)
Groene 62 omgeving Wijnendale
Ingang domein Wijnendale
> Van een festivalletje in 1977 met 2000 bezoekers in Torhout en 3000 in Werchter groeide het dubbelfestival naar een uitverkocht evenement met op beide locaties tot 70.000 bezoekers.
> Waar liep het dan verkeerd? Waarom werd het Torhout-luik dan op een bepaald moment afgeschaft? In 1998 bleek plots dat de populariteit van het dubbelfestival een plafond had bereikt, de mindere toeloop van festivalgangers dat jaar werd echter ook toegeschreven aan het ontbreken van een sterke hoofdact. Het luik Torhout werd afgeschaft en Rock
Werchter ging alleen door als een meerdaags festival. Schueremans had echter ook andere plannen, hij verkocht Rock Werchter in 2000 aan de multinational Clear Channel. Ondertussen is Rock Werchter een puur commercieel festival geworden.Toegangsprijzen kosten een veelvoud van jaren terug en allerlei lucratieve nevenevenementen werden op touw gezet. Eigenlijk is Rock Werchter geëvolueerd naar een ordinair pretpark waarbij zangers de kermisattrakties vervangen en waarbij het publiek organisatorisch vooral vanuit commercieel standpunt wordt benaderd.
> Terug naar Torhout. Van de éne dag op de andere was het dus gedaan met Rock Torhout. De plaatselijke organisator Noël Steen probeerde een nieuwe formule, Torhout World, wat geïnspireerd door ‘wereldmuziek’. Het werd niet echt een succes. In 2002 kwam de formule ‘Feeling the world’, waar in het kader van het kasteeldomein Aertrycke zachte pop/folk ten gehore werd gebracht voor 5000 festivalgangers. Meer succesvol was het hardcorefestival Earect, maar de spaarpot die was opgebouwd in de jaren ’90 met Rock Torhout was in 2003 uiteindelijk leeg en de NV Rock Torhout werd failliet verklaard. Dat had ook rechtstreekse gevolgen voor het domein Aertrycke omdat de hotel- en restaurantuitbating daar in beheer was van dezelfde NV onder leiding van Noël Steen.

De Groene 62

> De spoorweg Oostende – Gistel – Torhout – Ieper – Armentières is tussen Oostende en Torhout omgetuned in een zeer prettig, 22 km lang, fietspad: De Groene 62. De spoorlijn werd oorspronkelijk aangelegd tussen 1867 en 1873 en was 68 km lang. Bouw en uitbating gebeurden door een privé-genootschap, zoals dat gebruikelijk was in die tijd. Bedoeling was in de eerste plaats om de nieuwe badplaats Oostende te verbinden met Parijs en zo mondain stadsvolk aan te lokken. In de andere richting kon de spoorlijn dan vooral West-Vlaamse pendelaars naar de Noord-Franse industriële metropolen vervoeren.
> De aanleg van zo’n spoorlijn ging altijd met het nodige gekonkel en ellebogenwerk van de lokale burgemeesters en gezaghebbers gepaard. De flauwe bocht die de lijn maakt om door het centrum van Eernegem te lopen is daar een mooi voorbeeld van. De kasteelheren van Aertrycke en Wijnendale dan weer behaalden een pyrrusoverwinning in de strijd om een station bij hun domein te krijgen: Er kwam een station maar dan precies halfweg tussen de 2 kastelen en zo werd de kerk, euh…het station in het midden gehouden. De Belgische staat kocht de lijn op enkele jaren later. Oorspronkelijk droeg deze spoorlijn nummer 63, maar vanaf 1955 werd de lijn opgesplitst in 62 (Oostende – Torhout) en 63 (Torhout – Ieper).
> Precies 100 jaar nadat de eerste sporen werden gelegd reed de laatste trein tussen Oostende en Torhout. Bussen namen de dienst over. De Houtlandse Milieuvereniging bracht de plantenrijkdom van de zateranden onder de
provinciaal domein (open voor het publiek) door de provinciale overheid, terwijl de uitbating van het kasteel en bijgebouwen in privé-handen is.
> Op een Michelin wegenkaart die ik toevallig in de rugzak heb zitten ontdek ik ondertussen waar ik ongeveer loop. GR 131 loopt immers nog steeds over een nieuwe route die niet in de oude topografische gids is opgenomen maar beschikbaar is via de website van Grote Routepaden.
> Door het domein en aan de andere kant over een asfaltwegje naar Wijnendale-dorp toe. Wijnendale is ondanks de uitstraling met het kasteel, nooit een onafhankelijke gemeente geweest, enkel een parochie. Aan het voormalige station links de oude spoorweg op.
> 500 meter verder komt GR131 weer op zijn oorspronkelijke traject door rechts te gaan. Langs een wat vervallen hoeve en dan over veldwegen en graspaden door veld (toch nog even verkeerd gelopen), tot uiteindelijk de grote weg Torhout – Oostende wordt bereikt. Even links hier (horeca) en oversteken naar het domein Wijnendale.
> Voor het laatste stukje tocht, dwars door het Wijnendalebos was het door de onvoorziene extra kilometers te donker geworden. Morgen maak ik dus de etappe maar wat langer door aan het kasteel van Wijnendale te beginnen. De full story over het historische kasteel van Wijnendale lees je dan ook in het volgende etappeverslag. We zijn ondertussen over halfweg tussen Maldegem en Stavele.
Ooievaarsbek
Omgeving Leugenaarsbeek te Ruddervoorde
Kortekeer: Linde en kapel van OLV van Troost.
GR 131 langs een wilder stukje Bulskampveld
Paadje tussen de 1ste en de 2de wandelboom GR 129 / GR 131
Groenhove

Vrijgeweed


> Terwijl je licht stijgt naar de brug over de A 17 kijk dan even links. Het uitgestrekte landbouwgebied was honderden jaren lang een gemeenschappelijke goed, het Vrijgeweed.
> Deze oppervlakte van zowat 460 hectaren werd op 24 april 1424 door de toenmalige kasteelheer van Wijnendale, Adolf van Kleef, geschonken aan de bewoners van het gebied tegen een symbolische rente. In de keure werd ondermeer het volgende bepaald: "Sy sullen mueghen hebben ende haelen eeuwick gedeurende water ende gemeene wede met heur lieder beeste...ende sullen meughen gars maeien ende plokken gaeghel, biesen, maeien ende snieden ende turfen delven". (noot: gagel = aromatische struik uit venig of zanderig gebied, in de middeleeuwen oa gebruikt als ingrediënt voor 'gruut', diende om bier te kruiden.)
> Dit wastinegebied bestond hoofdzakelijk uit moeras en braakland en werd vooral gebruikt om turf te steken. Mogelijk dienden de turfputten later om vijvers in aan te leggen waar vis werd gekweekt. Die vijvers verdwenen alweer eind 19de eeuw, vermoedelijk omdat snellere transportmogelijkheden de aanvoer van verse Noordzeevis verbeterden.
> Er is over de eeuwen heen enkele malen geprobeerd om het Vrijgeweed in eigendom te krijgen maar pas in 1940 (eigenlijk zeer recent dus) werd het gebied toegeëigend door de Belgische Staat. De Maatschappij voor Kleine Landeigendom liet er een aantal typische modelhoeven optrekken, hoeves waarvan zowel woonhuis, schuur en stal onder een zelfde dak lagen. Je kan een aantal van zulke boerderijen nog steeds bekijken in het Vrijgeweed. Ook het landschap onderging een onomkeerbare metamorfose: De waterhuishouding werd radicaal aangepakt door drainage en inbeking. Het Vrijgeweed werd helemaal herverkaveld voor landbouwuitbating. Het landschap dat je nu ziet links zag er dus een eeuw geleden erg verschillend uit.
> Op 26 september 2008 werd op het grondgebied van Zwevezele de gemarkeerde landschapswandelroute 'Vrijgeweed' ingewandeld.

Groenhovebos
> Dit bos behoort grotendeels toe aan het Virgo Fidelisklooster en -bezinningscentrum, gelegen midden in het bos op je linkerkant langs het GR 131-traject. Sinds 1967 staan die gebouwen open voor groepen tot 200 personen die er op retraite komen en kunnen beschikken over volledige verblijfsfaciliteiten.
> Het bos dankt zijn naam aan een boschalet die werd opgetrokken in 1870 door boseigenaar en burgemeester van Brugge, Anatole Van de Walle. De huidige kloostergebouwen vervingen die chalet na WO II. Ook hier zien we weer een staaltje van West-Vlaams bosbeheer. Een deel van het bos werd verkwanseld voor verkaveling en een soort park met weekendhuisjes. Een ander stuk bos werd eigendom van de gemeente Torhout die het herbestemde als recreatief bos.
> Wil je dit Groenhovebos en zijn begroeiing wat grondiger exploreren dan kan je in de topografische gids over GR 131 de mooie wandelsuggestie volgen.
Boshyacint

 

 

 

 

 

 

GR 131 Kreken - Ieperboog (128 km)