Startpagina > Wandelen > GR 571
> De rivier Salm vormt over bijna de hele etappe de rode draad. We volgen haar loop via dal en valleihellingen van de monding te Trois-Ponts tot even voorbij Salmchâteau. De stijgingen zijn niet zo fors als bij de vorige etappe maar gestaag klimt GR 571 door naar Gouvy, gelegen in de Hoge Ardennen op een plateau boven 450 meter.
> Dit dagtraject van 35 kilometer volgt volledig een wandelroute die tot 2006 bekend stond als GR 572 Salm, maar nu bijna integraal is geïntegreerd in de huidige Grote Route 571.
> Opnieuw een biezonder aangename zwerftocht door de Ardennen, met lange bospassages, historische dorpjes, wegkruisen waar geschiedenis is ingegrift, geologische merkwaardigheden, mysterieuze donkere legendes en immense stilte over het hoogplateau naar Gouvy toe. Geniet.
> Bij een volgend kruispunt (toegangsweg tot het dierenpark) verlaat je deze weg door 2 X kort na mekaar rechts te lopen. Zo daal je naar het dorp Hourt, niet zo ver van Grand-Halleux gelegen. Links in Hourt en bij de N68 even rechts-links, de Salm over en ook weer de spoorlijn Trois-Ponts – Gouvy.
> De volgende 10 km zal GR571 een relatief rechte zuidelijke koers volgen. Links dus dadelijk na de spoorweg om deze een tijdje over een parallelle weg te volgen. Aan de bosrand verlaat GR571 de asfaltweg en loopt rechtdoor dwars door het bos. Een prettig bospad dat wat stijgt brengt je snel naar het volgende dorp: De Ruisseau de Rencheux over om dan links het gelijknamige dorp binnen te lopen.
> Langs nog een oorlogsmonument in een bocht van de weg en bij het eerste huis van Rochelinval rechts een onverharde weg op langs een verzameling autowrakken. Rond dit autokerkhof draaien en een wat stijgend pad volgen dat al snel uitvlakt en weer gaat dalen. Links in de vallei ligt Grand-Halleux.
> GR 571 bereikt asfalt en loopt naar het centrum van Grand-Halleux. Tijdens je doortocht door Grand-Halleux passeer je achtereenvolgens een bakker, tabac en een 'Louis Delhaize'. Kort bij de kerk kom je langs een bron.
> Dierenpark 'Le Monti' leidt een haast anoniem bestaan (er is zelfs geen website over). Er lopen dieren rond waarvan de meeste soorten typisch zijn voor de Ardennenfauna of voor het Ardennenklimaat, zoals everzwijnen. Daarnaast zijn er ook enkele uitheemse diersoorten te bekijken.
brug van de spoorweg door en wat verder bereik je een picknickplek gelegen tussen de N68 (Trois-Ponts – Vielsalm) en het GR-pad. Hier slaat GR 571 haaks linksaf. Het pad stijgt in een brede zigzag de Salmvallei uit. Aan een vorksplitsing volg je de rechterkant (links kom je even later op GR14). Het pad blijft op hoogte, daalt dan even en stijgt dan links stevig verder. Weer op niveau kom je in een bocht voorbij een vrij recent kruis en beeldje voor een zekere Cyrille.
> Tijdens deze etappe zijn er onderweg café's en winkels te Grand-Halleux (km 12), Salmchâteau (km 23) en Gouvy-Gare (km 35). Vielsalm is het belangrijkste dorp in de omgeving met oa een regionaal VVV-kantoor (op 2 km van GR 571).
> Start en aankomst van deze etappe zijn vlot bereikbaar per bus en trein. Ook hier is bus 42a erg handig. Ze volgt ruwweg de loop van de Salm en passeert oa in Trois-Ponts, Rochelinval, Rencheux, Grand-Halleux, Hourt, Salmchâteau, Cierreux en Gouvy. Begin- en eindpunt van deze etappe zijn ook verbonden per trein: Gouvy - Trois-Ponts met stop in Vielsalm maar niet in Grand-Halleux.
> Campings in Trois-Ponts op 3 km (volg GR 14 richting Basse-Bodeux), Grand-Halleux (tussen Rochelinval en Grand-Halleux op de rechteroever van de Salm) en in Gouvy op 3 km (volg GR 57 richting Lac de Chérapont).
> Het pad loopt een tijdje langs de Salmoever, de vallei wordt wat ontsierd door caravanachtige koterij langs de rivier. Onder de
Grand-Halleux

> Grand-Halleux behoort tot de gemeente Vielsalm en is met zowat 1200 inwoners het grootste dorp van de gemeente na Vielsalm zelf. Het dorp is in twee gesneden door de N68 en de spoorlijn Luik – Luxemburg. Nogal wat karakteristieke oude gebouwen uit de 18de en 19de eeuw zijn opgetrokken in grijze steen hebben de tand des tijd overleefd. Wil je meer weten over de oorlogsmonumenten die je voorbij liep de vorige uren dan kan je het museum van de Slag om de Salm bezoeken.
> Een wat langere etappe. Aan het station van Trois-Ponts splitsen GR14 (die er even voordien was bijgekomen) en GR 571 alweer. Tussen een draaihekje en een vangrail daal je over een paadje naar de beboste vallei van de Salm. Onderweg is nog oude markering merkbaar van GR 572, Vallée de la Salm, een GR die werd geïntegreerd in de vernieuwde GR571 sinds 2006.
Grand-Halleux >
Croix Cyrille
Langs de Salm
> GR 571 loopt nog een tijdje door de bossen boven de Salm om een paar huizen te bereiken van het gehucht Aisomont. Rechts en wat later links loopt de tocht verder. Over het hele traject tussen Trois-Ponts en Spineux wordt
regelmatig aan boskap gedaan.
> Het grootste deel van dit woud is in de eerste plaats produktiebos van den, met in mindere maten loofbomen. Het kan dus zijn dat je wordt geconfronteerd met verdwenen tekens, daarom is het goed om de cartografische intekening van de route in de topogids wat mee te volgen om je beter te kunnen oriënteren in geval van verdwenen padmarkering. De houtvesters hebben niet de vriendelijke gewoonte om het verdwijnen van signalisatie te melden.
Coticule

> Coticule is een geel-ivoorkleurachtig mineraal in leisteenlagen, samengesteld uit andere mineralen, waaronder spessartien. Dit laatste bevat fijne korreltjes die zeer hard zijn, wat dit mineraal uiterst geschikt maakt voor fijn slijpwerk. Het gesteente is zowat 480 miljoen jaren oud. De regio rond Vielsalm was de enige plaats ter wereld waar dit mineraal werd opgedolven voor slijpsteengebruik. Ter plaatse kreeg het de naam ‘coticule’ en er werd in de bloeiperiode van de ontginning wereldwijd geëxporteerd. Het was een echt kwaliteitsprodukt. De belangrijkste toepassing was hoogwaardige slijp- en wetsteen voor scheermesjes. Er waren talloze ambachtelijke mijnen in de streek, de geschiedenis rond de ontginning gaat terug tot minstens de 17de eeuw. Sinds de jaren ’60 werd coticule als slijpmiddel echter verdrongen door goedkopere synthetische produkten. Op zoek gaan naar oude mijnschachten waar coticule uit de ondergrond werd onttrokken zou een boeiende speurtocht kunnen opleveren. Vele van de oude mijnschachten en -putten zijn wel ontoegankelijk gemaakt of dicht gegooid, ze zijn ook meestal op privé-terrein gelegen. Maar eigenlijk is de nijverheid rond coticule niet helemaal uitgestorven. Sinds 1998 wordt in Petit-Sart (gemeente Lierneux) weer coticule ontgonnen door de bvba Ardennes. Als je wil kan je zelfs een blokje coticule online bestellen... De ontginning is bovengronds en ook de massa leisteen die vrijkomt wordt verkocht (als rustieke bouwsteen). Biezonder aan de leisteenontginning hier is dat het om de typische paarse leisteen van de streek gaat, Salmiaan. Indien je gefascineerd bent door dit merkwaardige mineraal, dan moet je absoluut een bezoekje brengen aan het museum van de slijpsteen in Salmchâteau.
> Na een paar uren door bos kom je op een rustig asfaltwegje. Rechts hier en afdalen naar Spineux. Je passeert hier een bron, vlakbij een oorlogsmonument. GR 571 gaat rechts op die plek en loopt rechtdoor in een bocht net voor een hoeve. Dit pad komt op een andere asfaltweg, die je dalend verder volgt tot aan de weg N68. Langs een frituur de weg oversteken en kort daarna ook de Salm en de spoorlijn Trois-Ponts – Gouvy.
> Deze weg komt uit recht bij de ingangspoort van het kasteel waarnaar het laaggelegen dorp is genoemd: Salmchâteau. Die stoere (gerestaureerde) ingangspoort is zowat het enige dat nog herinnert aan het middeleeuwse kasteel.
Koepelnest van bosmieren
Croix Jean Giet
Onderweg tussen Rochelinval en Grand-Haleux
De kleine vermiljoenzwam is eerder een zeldzame verschijning, maar met zijn opvallende oranje kleur is hij moeilijk te missen. De gele ringboleet (rechts) is meer courant in de Ardennen. Als je de sporenbuisjes aanraakt verkleuren ze blauw-bruin.
Rode zwavelkoppen
Klein kruiskruid
Over de Salm te Salmchâteau
Zwartpurperen russula
Oorlogsmonument en bron te Spineux
Braakrussula
> De huidige eigenaar van het kasteel lijkt wel geobsedeerd door verbodsborden. Overal waar je kijkt is het verbod voor dit en voor dat, om op de kettingen te zitten, om op de muur te klimmen enz.
> De christelijke geschiedenis van deze site gaat terug tot minstens de 9de eeuw en nog vroeger stond er wellicht een pre-romaanse tempel, behorende tot een villa. Dit is dus een stokoude plaats van verering waarrond een gehucht of dorpje groeide dat bekend stond als Saint-Martin. Dat dorp is geheel verdwenen, waar de kern precies lag is wat onduidelijk. Vermoedelijk verdween het al begin 17de eeuw als gevolg van oorlog en plundering in de streek. Mogelijk hergroepeerde de verjaagde dorpsbevolking van herders zich in het huidige Bovigny.
Rencheux

> Rencheux lijkt ontwikkeld te zijn rond de kazerne Ratz die in 1994 de deuren sloot. Zowat alle gebouwen zijn ondertussen door bedrijven in gebruik genomen. Nogal wat woningen in de buurt zijn in eenzelfde stijl gebouwd. Het dorp van zowat 500 inwoners is vrij levendig dankzij de aanwezigheid van enkele scholen.
Salmchâteau

> Dit dorp ontwikkelde zich aan de voet van de gelijknamige burcht. Vandaag is het gelegen op een kruispunt van wegen met behoorlijk wat verkeer. Ook de spoorlijn Luik – Gouvy kruist het dorp. Salmchâteau heeft naast nogal wat vakantiehuizen zo’n 620 permanente inwoners.
> In de topografische gids over GR 571 wordt gewaarschuwd om in deze omgeving het pad zeker niet te verlaten, omwille van de aanwezigheid van oude mijnputten. Het gaat hier om een oud exploitatiegebied voor ‘coticule’.
> Over de N822 volgt GR571 een tijd een stijgend asfaltwegje. Op 2 km ligt het belangrijkste dorp van de streek: Vielsalm.
> Hogerop bereikt het pad een kruispunt van oude wegen. Een verroeste wegwijzer en het kruis Jean Giet markeren dit punt. Rechts hier over een weg van steenslag en stroken puttenasfalt langs het kruis Marc Marquet. Deze weg loopt vrij vlak langs de afspanningen van het dierenpark Le Monti.
> Wat voorbij de kerk links een asfaltweg op die je in dezelfde richting blijft volgen, ook als het asfalt overgaat in gras. Dit graspad stijgt flink door. Rechts zie je een witgeverfd groot kruis, een missiekuis. Er is hier een rustbank, een geweldige plek om de rugzak even af te gooien voor een picknick. Voor jou ontvouwt zich immers een mooi panorama over de wijde omgeving rond Grand-Halleux. Dit witte kruis is het eerste van een reeks wegkruisen waarlangs GR 571 zal lopen.
> Verder op GR 571. Onderweg op je linkerkant, voor je bos bereikt, groeit nogal wat reuzenberenklauw. Men lijkt hier pogingen te ondernemen om de gevaarlijke plant in te dijken door de tot drie meter hoge bloemstengels af te snijden. De stijging wordt wat harder als het pad het bos intrekt. Voor het eerst sinds de passage over de Vecqué (40 km eerder) passeert GR571 weer de hoogtelijn van 500 meter.
> Rond 515 meter bereik je het hoogste punt tussen Rencheux en Salmchâteau. Over wat smalle paden, die vanaf eind augustus zijn afgezoomd met bloeiende heide, loop je door jonge denaanplant over een klein hoogplateau. Niet voor lang, wat het pad gaat weer stevig dalen over een steenslagweg.
Vielsalm

> Dit 1700 inwoners tellende dorp is - behalve het administratieve centrum van de streek - ook het dienstencentrum van de weide omgeving. Er is een zwembad, bibliotheek, treinstation, winkels en een toeristische dienst.
> Er was eens een groepje jongeren dat (langs GR 571 ?) op zoek was naar bosbessen. Helaas was het bessenseizoen maar matig dat jaar en uren zoeken leverde niet veel plukbaars op. Met een lege mand dropen de jongeren weer af naar het dorp toen de avond viel. Daar aangekomen liepen ze een vrouw tegen het lijf die een volle mand blauwe bessen aan de arm. Het was Gustine Maca, bekend voor haar reputatie als heks. Benieuwd hoe Justine zo’n volle mand had bijeen geplukt lieten ze zich door haar leiden tot haar huisje. Gustine tracteerde de jongeren op een elixir van tcha-tcha, een drankje gemaakt uit behekste bessen. Het verliep de jongeren slecht, onderweg naar huis veranderden ze in macralles.
Ben je in de buurt van Vielsalm op 20 juli dan mag je zeker de heksensabbat van de macrallen niet missen. Met trompetgeschal van jachthoornblazers worden de heksen op 20 juli, de avond voor de grote bessenplukdag, naar de sabbat gelokt. De aansnellende heksen beroven de burgemeester van Vielsalm van zijn sleutels en nemen het dorp over.
Onderweg naar Rencheux
Croix Marc Marquet
Donkere onweerswolken boven een oude wegenwijzer:
Alsof de bliksem insloeg op de roestige wijzerplaten.
Heksenboter, een slijmzwam
Voormalig klooster van Grand-Halleux
Croix de Mission

> (Foto: Zie helemaal bovenaan deze pagina) Dit grote witgeverfde houten kruis is een typisch missiekruis. 'Missie' slaat hier wellicht niet op de herdenking van de uitzending van een lokale missionaris. Eerder omgekeerd. Het is hier vermoedelijk geplaatst naar aanleiding van een studiedagen, bezoek van een hoge geestelijke of een project rond meer betrokkenheid van de lokale inwoners met hun parochie rond het katholieke bewustzijn. Gewoonlijk zijn deze kruisen nogal groot van vorm, alsof ze het christelijke geloof op overtuigende moeten uitstralen. Ze werden in kerken geplaatst maar vaak ook op een geïsoleerde en dominerende plaats, zoals hier te Grand-Halleux. Het kruis van Septroux, dat we passeerden langs de eerste etappe, is vermoedelijk van origine ook zo'n missiekruis.
> Het zit zo: Nabij de oude kasteelruïnes hebben de graven van het Salmkasteel ooit hun schat verborgen onder een rots. Hij zit in een metalen kist die bewaakt wordt door een geit met gouden horens. Elke zaterdag rond middernacht huppelt de geit naar het kasteel. Kwestie dus van haar onderweg te onderscheppen. Voorwaarde is wel dat je ouder bent dan 50, geboren bent op een nacht tussen zaterdag op zondag en regelmatig te biechten gaat. Draag een takje van een jonge hazelaar met je. De geit zal je dan een plek aanwijzen waar je moet graven, dat moet wel in alle stilte gebeuren...
> Enkele arbeiders die in 1915 aan de aanleg van de spoorlijn Vielsalm – Sankt Vith werkten hadden alvast geluk. Ze ontdekten onder de muur van een oud kasteel twee aarden potten, gevuld met 7.399 munten uit 1580…
> De gouden geit is één van die mythologische figuren die in een pak oude Ardense legendes opduiken. We komen zowaar de zuster van de gouden geit nog tegen verder langs GR 571, lees verder op deze pagina...
> Nabij Salmchâteau bevond zich ook een Keltische oppidum van wel 6 hectaren groot.
> Een ander hoogtepunt in het macrallenleven vindt eind oktober plaats. Een hele dag feest in Vielsalm eindigt met een verlichte avondstoet van macralles door de straten van Vielsalm. Het is één van de kleurrijkste folkloristische optochten in de Ardennen, met deelname van ‘internationale heksen’ en heksenverenigingen. Het gebeuren trekt duizenden bezoekers en is zeker ook leuk voor kinderen.
Tussen Salmchâteau en Cierreux
Onderweg naar Cierreux
De kruisweg bestaat uit oude graf-kruisen uit typische paarse schist
Kapel Cierreux
Rodekoolzwam
Burchtpoort Salmchâteau
Salmchâteau & de gouden geit

> De gouden geit is één van die mythische dieren die vaak terug keren in Ardense legendes. Als je nog niet van je goudkoorts af bent tijdens je zwerftocht over GR571 krijg je in Salmchâteau nog een kans om rijkdom te verwerven, je hoeft er zelfs geen goudpan voor mee te sleuren.
> GR571 gaat in wijzerzin langs het kasteel, let daarbij ook even op de rotsen die je passeert en de aparte kleuren hiervan. Al snel loop je zo het dorp Salmchâteau binnen.
> De kerk van Mont St-Martin is eeuwenlang ook de dorpskerk van het nabijgelegen dorp Bovigny geweest. Ze was dubbel zo groot dan de kapel die je nu ziet. Toen in Bovigny zelf in de 18de eeuw de huidige kerk werd gebouwd is dat deels gebeurd met gerecupereerde bouwsteen van de vervallen kerk van Saint-Martin nadat deze in 1717 ontwijd werd. Een eeuw lang heeft de kapel nog in ruïne gelegen, tot de pastoor van Bovigny de opdracht gaf in 1850 om er de huidige kapel ‘Notre Dame des Malades’ (OLV van de Zieken) te bouwen. De kapel werd opgetrokken met de laatste nog aanwezige schist van de oude kerk. Een eenvoudig grondplan: Een rechthoekig gebouwtje met portaal.
> Binnenin is van de oude kerk niet veel te merken: Enkel de 12de eeuwse doopvond is bewaard gebleven. Naast het portaal is een oude grafsteen geplaatst waarop mysterieuze symbolen. Op het grasveld rond de kerk zijn nog duidelijke sporen terug te vinden van oude fundamenten van de kerk of bijgebouwtjes van voor 1850. Verder zie je er nog oude steenfragmenten zoals een stuk zuil dat mogelijk deel is van een Romeinse pilaar.
> Het eerste deel van de wandeling naar de heuvel van Saint-Martin loopt door een open landschap over een asfaltwegje. We lopen hier op hoogtes tussen 450 en 500 meter. Het asfaltwegje passeert voorbij Cierreux een jonge zijbeek van de Salm, draait links en loopt op 3 eenzame naaldbomen af, waar je rechts draait. Bij slechte weersomstandigheden ben je hier volledig geëxposeerd aan de weerselementen.

> Langs veld en wei loopt het asfaltwegje verder om even licht te dalen en over te gaan in een grindpad.
Rogery, allen aan de mobiele melktap
Dit pad draait even en komt uit op een T bij de asfaltweg Rogery – Bovigny. Links hier en bij een grote schuur rechts over een grindpad.
> Verderop door bos en dalen naar de vallei van de jonge Glain (of Salm). Het autolawaai kondigt aan dat je weer de N86 nadert. Net voor je de Glain en deze weg bereikt kan je even van de route afwijken door links de heuvel van Saint-Martin op te lopen.
GR 571 over Ardens hoogplateau, omgeving Rogery
> GR571 kruist dus de N86 en vervolgt rechtdoor. We verlaten nu definitief de bovenloop van de Salm, die hier Glain heet. De volgende kilometers loop je over brede grassige brandgangen in dennenaanplantingen. Zowat 400 meter na de kruising met de N86 moet je links over een andere brede brandgang.
> Vanaf nu volgt GR57 over 2 km een overwegend zuidoostelijke richting. De flora onderweg langs de kant van het pad is vrij gevarieerd: Violetten, knoopkruid en in augustus veel boerenwormkruid. Enkele 'verdwaalde' lupinen. Stilte overheerst hier over het Ardense hoogplateau.
Mont St-Martin - Kapel ND des malades

> Het is zeker de moeite om tot op de heuvel te wandelen waarop de kapel “ND des Malades” ligt. Je volgt een soort kruisweg, aangelegd rond 1930. De verschillende staties zijn eigenlijk gerecupereerde oude grafkruisen van blauwe schiefer uit het oude kerkhof van Bovigny. Op de top van Mont-St-Martin arriveer je bij de kapel die dateert uit het midden van de 19de eeuw, niet zo geweldig oud dus. Duidelijk is echter dat er hier over de eeuwen heen andere kerkgebouwen hebben gestaan.
Parasolzwam
> Rond de kapel was het oude kerkhof van Saint-Martin gelegen, vandaar de grote open grasvlakte die je er nu ziet. Van dat kerkhof is enkel nog de kerkhofmuur overgebleven, wellicht een stuk ouder dan de huidige kapel, bewijs daarvan is de opbouw van de 180 meter lange muur met op elkaar gestapelde breukstenen zonder dat er mortel werd gebruikt.
De afgelegen site is helemaal gerestaureerd en mooi onderhouden. De heuvel van Saint-Martin geniet de status van beschermd monument sinds 1973.
> Een plek met zo’n lange en mysterieuze geschiedenis is uiteraard onderwerp van allerlei legendes. En jawel, ook hier komt er, net zoals te Salmchâteau (zie kadertekst hogerop) een Gouden Geit (of een Gouden Bok?) op de proppen: Tijdens de woelige jaren van de Franse Revolutie (eind 18de eeuw) zouden de inwoners van Bovigny de kerkklokken verborgen hebben in een modderpoel aan het beekje Eau St-Martin (eigenlijk de Glain of bovenloop van de Salm), tesamen met hun meest waardevolle persoonlijke bezittingen. Volgens de overlevering bewaakte een Gouden Geit die plek tegen dieven.
Zwammen rond de kapel van St. Martin: 2 x kleine stinkzwam en een kleefsteelmycena (midden)
> In het centrum vind je winkels, oa een 'Louis Delhaize'. Het pad kruist de drukke N68 nogmaals (café) en neemt tegenover een asfaltwegje dat uit de Salmvallei draait. Even opletten om een pad scherp links niet te missen.
> GR 571 tussen Salmchâteau en Cierreux maakt gebruik van een combinatie van een aantal mooie en zeer prettige wandelpaden. Eerst klim je langs een kruisweg, weiden en dennenbos naar een kapel. Iets hoger loop je voorbij een galerij mooie eiken.
> Bij een X-kruispunt van paden neem je rechtsvoor. Het pad stijgt nog wat golvend hoger, daarbij wandel je door stroken jonge denaanplant over een oude steenweg, met de aanwezigheid van veel heide en brem langs de padboorden. Je bereikt Cierreux bij een Sint-Rochuskapel (zitbank).
Amerikaanse aster

> Nabij de afslag voor de kapel van St-Martin staat rechts in een moerassig stuk land een bosje Amerikaanse (Nieuw-Nederlandse) aster, in bloei van augustus tot oktober. Het is een exoot. Langs GR 571 kom je hem wel meer tegen in de late zomer. Het zijn eigenlijk bosjes opgeschoten 'groenafval' uit tuinen. Ze kunnen snel uitbreiden maar evenzeer weer verdwijnen. In vergelijking met Japanse duizendknoop of reuzenbalsemien is hij niet echte een bedreiging voor inheemse soorten, hij geeft een leuke tint aan je wandeling in het najaar.
> Later is de pastoor van Bovigny eens op zoek gegaan naar de plaats waar de schatten verborgen lagen. Hij zondigde al meteen tegen het eerste gebod, dat iedere speurder verbiedt om ook maar iets te zeggen. Op een zaterdag om middernacht was de pastoor van Bovigny tesamen met 2 parochianen dus present op de bewuste plek om de schat boven te halen. Terwijl hij zijn 2 onderdanen gebood volledig te zwijgen stak hij zelf met luide stem een donderpreek van bezweringen af. Een orkaan brak los in de hemel, vergezeld van het geluid van rammelende kettingen en onaardse geluiden. Uit de donkerte werd de schim zichtbaar van een gehoornd dier dat nog het meest leek op een briesende stier. Ondertussen begon bij de niet aflatende bezweringen van de pastoor de modderpoel te borrelen. Uit de kolkende poel kwam een grote kist te voorschijn die langzaam naar de oever schoof. De 2 parochianen bogen al naar voren om hem te grijpen toen er plotseling een afgrijselijke kreet van victorie klonk. Een bliksem sloeg in en de mannen werden weggeslagen van de oever. Donderslagen verstomden het geprevel van de pastoor. Toen de orkaan ging liggen was de kist weer verdwenen en moesten de mannen, die door de bliksem waren getroffen, als zwaar afgeslagen sukkels weer naar huis afdruipen...

Boerenwormkruid
> Voor mij het einde van deze prettige etappe. We zijn nu op het meest zuidelijk punt van GR 571 aangekomen. Op de volgende etappe draaien we in noordwestelijke richting. Enkel nog afsluiten met een schitterende zonsondergang; volgens mijn wandelmaat Ludo kan je in de ijle Hoge Ardennenluchten de meest schitterende gouden zonsondergangen zien. Tja, dat is dan telkens als ik er niet ben precies. 't Is wellicht de schuld van al die mythische gouden geiten in de Ardense legendes...
> Bij de kruising van de zoveelste bosweg en bij het verlaten van het bos moet je rechts zuidwestelijk vervolgen, recht naar Gouvy toe. Je kan hier eigenlijk moeilijk verkeerd lopen.
> Na een uur genieten van bijna absolute stilte loopt GR571 Gouvy binnen. Het is niet meteen een druk dorp, daarvoor ligt Gouvy als grensdorp net iets te afgelegen van belangrijke doorgaande routes. GR 571 komt niet door het oude dorpscentrum maar komt wel in de stationsbuurt, waar je winkels vindt, een frituur, de toeristische dienst én het Gulden GR-boek , waarin je je ervaringen over je tocht langs GR571 of GR57 kan neerkribbelen bij koffie en gebak (ga langs in bakkerij Willemet en vraag er naar het boek). Camping op 3,5 km (Lac de Chérapont). Update dec 11: Gulden Boek bestaat niet meer.
> De bewuste plaats ging verloren in de tijd en werd later nooit meer gelocaliseerd. Wel vonden wegarbeiders rond 1851 in de buurt onder een heuveltje een grote overwelfde kelder. Hierin werden echter enkel aarden potten en keukengerei gevonden.
> Van goud gesproken. We hadden het eerder in dit wandelverslag al over de goudader die ondermeer door de vallei van de Salm loopt. Geoloog Lepersonne ontdekte in de omgeving in 1933 in een kwartsader sporen van goud. Enkele padvinders die hier hun kamp hadden konden genoeg goudschilfers verzamelen om er voor hun leider een dasspeld uit te laten vervaardigen. In 1967 was er de onderzoeker Jean-Claude Gillet die een blok kwarts met 26 goudsplinters ontdekte. Dan zijn er nog de theorieën dat de Keltische versterkingen in de streek verband hielden met het beschermen van hun goudvoorraad tegen vreemde legers, zoals het Romeinse. De versterking van Salmchâteau (en ook Saint-Martin ?) zouden deel hebben uitgemaakt van deze ‘fortengordel’. Die theorie is niet onmogelijk daar er archeologische sporen zijn van goudwinning uit de Romeinse periode (en waarschijnlijk nog ouder) in de hele streek waar GR 571 door loopt. De Romeinen waren er op uit om het goud van de Keltische stammen in te pikken en naar Rome te verslepen.
Zonsondergang over De Hoge Ardennen te Gouvy (foto Kathleen Verdonck)
> GR571 loopt niet langs de overdekte banken rechts maar loopt links richting de kerk van Salmchâteau.
Gouvy station

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

GR 571
Ardennen
169 km