Startpagina > Wandelen > La Grande Traversée de la Forêt du Pays de Chimay
> Verderop krijg je een zicht op het prinselijk kasteel en loop je dan via een steegje en een dalende kasseiweg naar de Eau Blanche. Je steekt er niet de brug over maar vervolgt naar rechts, aan de voet van de burcht. Dat wegje volg je nu zowat 1 km, het volgt de oude buitenmuur van de stad en komt langs een paar oude stadslavoirs (wasplaatsen). Nog wat verder neem je bij de oude gebouwen van een watermolen scherp rechts een paadje. Het brengt je weer in de bovenstad waar je nu zigzag wat straten volgt, tot je even later op het stationsplein staat (nu busstation). Daar links, en achter een frituur wandel je over een voormalige spoorbedding Chimay weer uit.
> Tent ingepakt en weer weg naar de volgende bivakzone. We kiezen voor een pal noordelijke richting, het centrum van Chimay ligt op slechts 3 kilometer. Dadelijk kruisen we de beek Ruisseau de Bardompré. Even wordt het pad dan wat wild en sterk ingesneden. Het stijgt snel naar de bosrand van het Bois des Crayats en we stijgen aanvankelijk nog licht verder op het landbouwplateau. Verderop wandelen we onder een hoogspanningslijn. Vanaf deze grassige veldweg hebben we weidse uitzichten over het Land van Chimay.
> Even later wandelen we voorbij een rustbank in het verlengde rechtdoor over een verharde straat met huizenbouw. Zo komen we licht dalend de stad Chimay binnen. Rechts op een T-kruising en bij een grote kapel op een wegenkruispunt houden we linksvoor aan (Boulevard Louise) tot in het centrum van Chimay. Daar ga je rechts over een RAVeL-wandelpad. Je kruist een straat, daarna de N99 en 70 meter verder ga je links.
> In deze omgeving is sinds januari 2015 ook een 'aire de bivouac' ingeplant, je kan de plek niet missen. We volgen een tijdje vrij vlak rechtdoor in een soms wat venige omgeving. Een paar honderd meter nadat we een hoogspanningslijn zijn onder gelopen, bereiken we de Rue de l'Argloulet, die we naar rechts volgens langs verkavelingen van Frasnes. 500 meter verder gaan we bij een kapel met rustbank en linden rechts, een rechte roetsjbaan naar beneden, hoewel het zeker niet de meest aangename wandelweg is...
> Voorzichtig de N5 (Brussel - Couvin) oversteken om daarna linksvoor een weggetje te nemen dat even later langs het natuurgebied Tienne du Lion zal lopen. Ook aan de voet van deze kalkhoudende heuvel tref je in de late lente misschien wel orchideeën aan zoals mannetjesorchis of bergnachtorchis of andere kalkflora zoals kogelbloem. We wandelen immers langs de warme zuidzijde van het natuurgebied.
> Het eerste weggetje dat naar rechts aftakt, komen we pas een goeie kilometer verder tegen, we nemen het. We lopen een eindje verder weer bos in, komen langs een GSM-mast en verliezen daarna weer snel hoogte over een asfaltweg die naar Petigny en de vallei van de Eau Noire leidt.
> In Chimay is het opletten geblazen met de bewegwijzering. La Grande Traversée volgt er namelijk een zigzaggend traject, waardoor je gemakkelijk zonder het te beseffen een stuk traject overslaat en in de verkeerde richting begint te wandelen. Wil je het centrum van Chimay niet bezoeken volg dan het RAVeL-traject verder, over het busstation (voormalig treinstation) en in het verlengde zal je op het einde van het plein voorbij een frituur weer GR-tekens aantreffen die de stad uitlopen.
> Wil je wel Chimay bezoeken volg dan trouw de GR-tekens. La Grande Traversée neemt ons mee naar de Grand Place, het levendige, historische hart van de stad.
> Heb je nog bevoorrading nodig voor je Chimay verlaat: ter hoogte van het plein met busstation is in de buurt een Delhaize-supermarkt. We lopen verder weg van het centrum van Chimay over de brede treinbedding waar geen sporen meer op liggen maar die momenteel nog is ontsnapt aan RAVeL-beton. Op het einde vervoegen we (helaas) rechtuit de verkeersweg N939 over 800 meter.
> Na het kruispunt met de ringweg nemen we het eerste straatje linksaf (Terme Saint-Martin), dat snel de vallei van de Eau Blanche indaalt. We kruisen de rivier even later om in het centrum van het dorp Virelles te arriveren (horeca). Het dorpscentrum van Virelles is niet onaardig, met enkele fraaie huizen rond een kerk die is getopt met een peervormige spits.
> La Grande Traversée gaat ter hoogte van de kerk links en volgt de Rue des Marcheurs (what's in a name?), ook als ze licht oplopend naar rechts draait. Op het kruispunt bij het kerkhof van Virelles moet je even opletten. Hier vervoegt het traject van La Grande Traversée de eveneens witrode bewegwijzering van GR 125.
> Niet naar links voor dat kerkhof (tenzij je richting Rance wil wandelen) maar rechtdoor vervolgen op dat kruispunt en pas op het volgende kruispunt afslaan, naar rechts. Steeds rechtdoor nu, na een paar wegkruisingen komen we op de N939, Rue du Lac, niet meteen een aangename weg maar we volgen hem over over 1 km. Onderweg heb je aan de linkerzijde toegang tot de oevers van het meer van Virelles.
> La Grande Traversée gaat even later rechts een autoparking op (rustbank) en volgt op het einde daarvan een paadje dat een bocht in de verkeersweg afsnijdt. We gaan dan weer naar rechts 100 meter langs de verkeersweg en slaan voorbij de ruïnes van een oude smederij rechtsaf, eindelijk weer wat 'forêt' in. Aan de rechterzijde ligt achter de voormalige smederij de bivakplaats 'Bois de Blaimont'. Ze ligt eigenlijk op een stukje parking, met als gevolg dat de bivakbodem er nogal stenig is. Het verkeer van de N393 kan storend werken, je hebt er wel toegang tot beekwater.
> Het traject door het Bois de Blaimont is leuk wandelen door hellingbos, eindelijk weer weg van asfalt en verkeer. Onderweg kruisen we nogmaals de verdwenen spoorlijn Momignies - Mariembourg. Mogelijk spot je onderweg nog jeneverstruiken, een voor België inheemse conifeer, maar zeldzaam geworden in het wild. We komen na een aantal padsplitsingen uit bij een van de mooiste Waalse dorpen, Lompret.
> Het dorp is fotogeniek gelegen tegen een steile rotswand in de vallei van de Eau Blanche. Nogal wat huizen zijn opgetrokken in de plaatselijke steen van de streek en dat is kalksteen. We zijn hier immers in een uitloper van de kalkband van de Calestienne aan het wandelen. Er druppelen nog net genoeg toeristen tot in Lompret om er het enige café-restaurant draaiende te houden. Dat is te danken aan de listing van Lompret op de lijst van 20 mooiste dorpen van Wallonië.
> La Grande Traversée de la Forêt du Pays de Chimay loopt niet door de dorpskern van Lompret. Op de toegangsweg tot Lompret gekomen, gaan we meteen rechts. Wat verder bij een kapel en grote wegwijzer van GR 125 gaan we links en kruisen we de Eau Blanche. Over het riviertje en dan rechts het bos in. Een onverwacht scherpe stijging verderop links wordt even later gevolgd door een al even ruwe daling naar rechts.
> We wandelen nu een tijdje door de mooie beekvallei van de Ruisseau de Rawe. Kan best zijn dat je delen van de beekbedding helemaal droog vindt, er zitten nogal wat verdwijngaten in de bedding, wat niet ongewoon is in deze sterk kalkhoudende bodem van de Calestienne. De bedding loopt pas vol water bij overvloedige regen, als de verdwijngaten het vele water niet meer kunnen slikken. Een ander verschijnsel van kalkhoudende grond is dat je langs het wandelpad in de late lente mogelijk orchideeën zal zien, met name mannetjesorchis en bergnachtorchis. Verder kleurt het bos in die periode op plaatsen ook wit van bosmuur.
> Het licht stijgend pad arriveert bij een asfaltweg en gaat daar naar links stijgen uit de groene beekvallei. Helemaal boven komen we in halfopen akkerlandschap, we kruisen er de verkeersweg N589 (Walcourt - Frankrijk). Over een veldweg gaat het licht dalend verder, hij loopt meer westelijk uit in een hol, vochtig paadje dat sterker daalt. Het komt uit op een verharde weg, we lopen rechtuit een groene vallei in en steken ongemerkt de provinciegrens tussen Henegouwen en Namen over.
> Weer in bos gaan we we wat sterker stijgen en eens boven lopen we verder op het landbouwplateau door open landschap tot op een veldwegenkruispunt met het naambord 'La Campagne Là-Haut', gelegen in een dennenbosje. Pas daar gaan we links.
We dalen zacht door een lappendeken van weiden en bospercelen met zichten links in de verte over het straatdorpje Aublain, waarvan de kerk en de hoofdstraat op een richel liggen.
> We dalen door een dennenbos tot op de N939 en gaan er even rechts en 50 meter verder links (aan de rechterzijde is een rustbank). We volgen een schaduwrijk pad langs een bosrand over meer dan 1 km, waarna we scherp rechts de asfaltweg oplopen die naar Dailly kronkelt al dalend en stijgend. We komen Dailly binnen ter hoogte van sportvelden, je treft er ook een picknickbank / schuilhut aan. Wat verder maken we een rondje om de kerk van Dailly. Behalve enkele fraaie dorpshuizen in streekeigen natuursteen, vallen hier zeker ook enkele stokoude bomen op (kastanjelaars, linden).
> Even later lopen we het stille dorp zonder cafés of winkels alweer uit over de Rue de la Loresse. Voorbij een kapel met dikke linde volgen een paar snelle wegaftakkingen. La Grande Traversée loopt een stukje door gekapt dennenbos en het pad kan dan wat modderig worden, als het tussen struikgewas langs een bosrand loopt. Verderop stijgen we naar links tot op het landbouwplateau.
> Weer bij bos gekomen volgen we resoluut rechts de bosrand. Na een tijdje komen we op een GR-splitsing aan de rand van het dorpje Boussu-en-Fagne. Naar links vertrekt een GR-traject naar de meren van Cerfontaine, La Grande Traversée volgt echter rechtuit verder het tracé van GR 125.
> We steken te Pétigny de Eau Noire niet over maar nemen naar links een weggetje dat wat verder overgaat in een bijzonder aangenaam wandelpad door de vallei van de Eau Noire. Dat pad loopt helemaal naar het centrum van Nismes maar ter hoogte van een voetbalkantine laat La Grande Traversée ons eerst nog een ommetje maken. We gaan daar dus scherp links over een stijgend pad door een bosgebied waarin ook een reservaat en het arboretum Mousty liggen.
> Na wat padsplitsingen en een paar rustbanken, dalen we ter hoogte van de oude kerkruïne over trappen af naar het centrum van Nismes. We komen langs de toeristische dienst, waar ook de overheid van het Parc Naturel Viroin-Hermeton haar zetel heeft. Naar rechts om even later te arriveren in het hart van het levendige stadje Nismes, bij de brug over de Eau Noire. Einde van deze lange etappe.
> De bivakplaats van Nismes, 'La Roche Trouée', ligt nog enkele kilometers verder, want La Grande Traversée passeert eerst nog langs Fondry des Chiens (zie volgende etappe). Het is mogelijk om die afstand in te korten via de verkeersweg. Check vooraf waar deze bivakplaats precies ligt, het is immers niet onmiddellijk langs het wandelpad.
Ontwaken op de bivakplaats Les Crayats
Onderweg naar Lompret
Bivakplaats 'Bois de Blaimont'
Lac de Virelles
De Eau Blanche bij Lompret
Onderweg naar Dailly
Dailly
Nismes
Wilde akelei
Aublain
La Grande Traversée langs oude molengebouwen
Kasteel Chimay
Virelles
Chimay centrum
Lompret
Onderweg naar Chimay, net voorbij Bivakzone Les Crayats
Pétigny langs de Eau Noire
> Afwisseling troef op deze lange tweede etappe. La Grande Traversée de la Forêt du Pays de Chimay neemt je zigzag mee door het levendige stadje Chimay, onderweg ontdek je de mooiste hoekjes. Vandaar wandelen we langs Virelles en zijn meer om dan weer bos in te duiken, op zoek naar een van de mooiste dorpen van Wallonië, Lompret. Een wandeling door halfopen landschap brengt ons naar Dailly en Petigny, in de vallei van de Eau Noire. Tot slot volgt La Grande Traversée nog een sterk kronkelend traject rond Nismes en zijn merkwaardige karstige geologie, typisch voor de kalkband van de Calestienne.
> In tegenstelling tot de vorige etappe heb je tijdens deze dagtocht onderweg volop horeca en bevoorradingsmogelijkheden. Je vindt winkels in Chimay en Nismes, cafés en restaurants in Chimay, Virelles, Lompret (open 's middags en 's avonds, niet op woensdagavond en donderdag) en in Nismes.
> Je kunt bivakkeren te Virelles Bois de Blaimont (km 8, langs het pad), Boussu-en-Fagne (km 21, langs het pad), of Nismes La Roche Trouée. De bivakplaats van Nismes ligt 3 km voorbij het centrum, La Grande Traversée doet immers eerst nog een ommetje langs Fondry des Chiens. Dus moet je boven de etappeafstand nog eens 3 km bijtellen, ze ligt ook niet onmiddellijk langs het pad maar op 300 meter. Voor meer detailinfo, zie op bivakzone.be . Een camping onderweg is er ook in het centrum van Chimay.
> Met 31 km + eventueel 3 km tot bivakplaats La Roche Trouée valt deze etappe voor sommigen misschien wat lang uit. Eventueel overnacht je te Boussu-en-Fagne. Je hebt te Virelles ook de mogelijkheid om La Grande Traversée in de richting van Sivry te volgen, waarbij je onderweg zou kunnen overnachten te Froidchapelle. Onderweg naar Nismes is er trouwens een en ander dat uitnodigt tot een langere stop of verkenning, zoals de stad Chimay, het meer van Virelles, mooi dorp Lompret of de natuur rond Nismes. Over de bijzondere natuur rond Nismes en de Calestienne hebben we trouwens een extra pagina.
> In tegenstelling tot de eerste etappe zit in het reliëf van deze etappe wat meer golving, het gaat richting Nismes af en toe dus wat meer op en af, hoewel van grote hoogteverschillen ook geen sprake is. In het centrum van Nismes vind je ook een toeristische dienst en daarnaast is ook het bureau van het Parc Naturel Viroin-Hermeton, initiatiefnemer van de wandelroute La Grande Traversée de la Forêt du Pays de Chimay.
Lompret
> Ongetwijfeld heeft Lompret het label van 'één van de mooiste dorpen van Wallonië' mee verdiend omwille van zijn natuurstenen (kalkstenen) huizen, kerk en kasteel die prachtig ingebed liggen langs de Eau Blanche. De rotsige omgeving heeft er toe bijgedragen dat de site omwille van zijn defensieve ligging al zeer vroeg bewoond moet zijn geweest. Zo zijn er neolithische resten ontdekt en werd er zelfs een schat van 600 zilverlingen gevonden uit de Galloromeinse periode (3de eeuw).
> Zoals vele dorpen ontwikkelde het huidige Lompret zich sinds de middeleeuwen rond een versterkt kasteel. Traditioneel werd er aan landbouw gedaan, waarbij het water van de Eau Blanche werd gebruikt voor irrigatie en watervoorziening. Ambachtelijk waren er ondermeer een watermolen en een smederij voor gietijzer. Ook de 19de eeuwse stenen brug over de Eau Blanche oogt pittoresk. Bij het verlaten van Lompret kruis je overigens een kunstmatig aangelegde zijarm van de Eau Blanche. Langs de oevers rijzen de kalkrotsen tot 50 meter op. Zowel het dorpje zelf als de omgeving bieden volop wandel- en ontdekkingsmogelijkheden.
Chimay
> De eerste connotatie die 'Chimay' oproept, is ongetwijfeld het trappistenbier. De befaamde cisterziënserabdij Notre Dame de Scourmont, ligt eigenlijk op 8 km van de stad. Het fameuze trappistenbier wordt wel nog binnen de abdijmuren gebrouwen (anders zou het niet het label van 'trappist' hebben), de botteling gebeurt echter op een industrieterrein tussen Chimay en Couvin. De heerlijke Chimay-kaas wordt trouwens ook op dat industrieterrein gemaakt. Sinds een tijd is datt kaasassortiment trouwens uitgebreid tot 6 soorten en vertienvoudigde de produktie. De bekendheid van de kaas moet ondertussen niet onderdoen voor die van het bier. In de abdij zelf werken en bidden nog een tiental monniken. Eigenlijk heeft de abdij een relatief jonge geschiedenis, ze werd pas gesticht rond 1850, op vraag van de prins van Chimay. Uitgeweken monniken van de West-Vleterse Sint-Sixtusabdij vormden er de eerste kloostergemeenschap.
> Ondanks de bekende naam is het stadje Chimay misschien wel een van de meest ondergewaardeerde en onbekende steden van België. Reisjournalist Maurice Cosyn had eind jaren '30 van vorige eeuw in zijn wandelgids over het Land van Chimay al erg aardige woorden over voor het Henegouwse stadje: 'De stad Chimay lijkt op geen enkele andere stad in België, haar opbouw en omgevingskader zijn zo apart dat je deze elders in België niet terug vindt. Dat maakt het stadje zo charmant.'
> De schrijver heeft niet eens zo ongelijk: hartje Chimay oogt inderdaad mooi en pittoresk: het gezellige stadsplein met de collegiale kerk, de stadswallen, fraaie gebouwen, gekasseide straten, stegen en trappen en het dominant gelegen prinselijk kasteel. Vanuit het kasteel, dat te bezoeken is tegen betaling, bouwden adellijke geslachten eeuwenlang een sterke politieke macht uit, tot ver buiten het Land van Chimay.
> Zoals vele kastelen ontstond ook dat van Chimay uit een oude versterkte vesting of burcht, gelegen op een strategische, dominerende rots, van waaruit het passerend verkeer over de oude Romeinse weg en over de Eau Blanche kon worden gecontroleerd. Nog tot eind 19de eeuw overheerste de (prinselijke) macht over de hele streek. In 1935 brandde het kasteel af, behalve een zware donjon is het uitzicht van het heropgebouwde kasteel dus grotendeels jonger dan 100 jaar, ondanks het klassieke uitzicht.
> Een wandeling over het zigzaggende tracé door Chimay van la Grande Traversée de la Forêt du Pays de Chimay, is eigenlijk de leukste manier om het stadje met zijn 10.000 inwoners te ontdekken en aan te voelen.
Meer van Virelles & Aquascope
> Het natuurgebied Lac de Virelles is ongeveer 125 hectaren groot, waarvan 80 hectaren water. Zoals veel meren en vijvers in deze streek is ook het Lac de Virelles niet op natuurlijke wijze ontstaan. Het meer ontstond in 1580 als gevolg van afdamming op de beek 'Ruisseau de Lambercies', ten voordele van een metaalsmederij om als bron van continue waterkracht te dienen.
> De smederijen rond het meer zijn intussen verdwenen, we komen verderop langs La Grande Traversée trouwens langs de ruïnes van de smederij, waarvan de werking rond 1870 definitief stil viel. Op dat terrein ligt nu trouwens ook de bivakplaats 'Bois de Blaimont'.
> Sinds het interbellum ontwikkelde zich aan de meeroevers recreatief toerisme met bootjevaren, strand om te baden, zeilen enz... De ontwikkeling van die recreatieve faciliteiten ging niet gepaard met enig ecologisch respect, zoals ondermeer betonnen oevers bewezen. Na de jaren '70 verschoof de recreatieve interesse voor een groot deel naar het veel grotere meer van de Eau d'Heure bij Cerfontaine. Er werd een nieuwe bestemming gezocht voor het Lac de Virelles begin jaren '80 van de 20ste eeuw. Een tijdje leek het er op dat de oevers ten prooi zouden vallen aan bouwpromotoren maar een consortium van natuurverenigingen kon het beheer overnemen dankzij sterke financiële input van een bank. Het meer onderging een grondige herinrichting, zo verdwenen de betonnen oevers ten voordele van natuurlijk aflopende oevers en sterke oeverbegroeiing. Sindsdien is het meer weer een paradijs voor vogelspotters en ornithologen geworden.
> Voor bezoekers is er een toeristisch-educatief centrum geopend sinds 2004, Aquascope. Verder zijn er ondermeer nog een picknickweide, bbq-ruimte, verscheidene vogelkijkhutten, geleide natuurwandelingen,... Een ander deel is strikt natuurreservaat. De filosofie rond het beheer van het meer van Virelles staat vandaag in het teken van toerisme verzoenen met milieubescherming. De toeristische bestemming van de site moet behouden blijven, maar met een zo gering mogelijke impact op het natuurlijk milieu en met ecologische bewustmaking als hoofddoel.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

La Grande Traversée (178 km)