Startpagina > Wandelen > L A W Maasvallei
> Terug bij het instappunt van de langeafstandswandeling, in de buurt van Oud-Dilsen aan de Vissersstraat. We gaan er rechts over de rustige asfaltweg die in een groene omgeving loopt, met aan onze rechterzijde de plassen van de Oude Maas. Dit was de bedding van de Maas tot ze in de 17de eeuw voor zichzelf een nieuwe bedding maakte als gevolg van stevige overstromingen. Na een kleine kilometer nemen we links een steenslagwegje. Dadelijk rechts aanhouden en 300 meter verder vervolgen we linksvoor.
> Steeds rechtdoor op de dijk, nu met verre uitzichten over beide waterplassen. Op het einde van de meren wandelen we links verder over een pad dat enkel voor voetgangers toegankelijk is. Het kan wat overgroeid zijn door opgeschoten gras.
> Wat lager steken we de Kogbeek over en een veldweg voert ons wat verder naar ons volgende doel: de kerk van Elen. We passeren eerst nog in de buurt van een kapelletje waar zich oorspronkelijk het in Heppeneert vereerde Mariabeeld in bevond (zie lager).
> Elen is een stokoude nederzetting, wat bewezen wordt door vondsten van Keltische voorwerpen en de status van parochie al voor de 10de eeuw. Aan de vroege ontwikkeling was zeker ook de doortocht van de Romeinse heirbaan tussen Nijmegen en Tongeren niet vreemd. Van die rijke geschiedenis is niet zo veel te merken vandaag in de dorpskern, wel bezit Elen een mooi behouden exemplaar van een stellingmolen, die nog regelmatig in werking wordt gezet.
> We wandelen door het rustige dorpje, in het centrum ligt een cafť. Na een paar wegafslagen in Elen wandelen we over de bochtende Daalweg weer de velden in. De eerste weg rechts voert ons langs een varkenskwekerij en een appelplantage weer naar de winterdijk van de Maas. We volgen het betonnen dijkpad naar links over 600 meter en kiezen dan voor een mogelijk nogal modderig pad dat ons weer bij de Maasoever brengt. Daar volgen we een keiig pad naar links tot bij een afgelegen woning.
> We gaan er opnieuw links op de Pastoorsdijk te nemen. De dijk werd aangelegd in de 18de eeuw op initiatief van de plaatselijke pastoor, vandaar de naam. Hij werd aangepast en verhoogd in 1995 na overstromingen. De weg slingert door de velden en gaat uiteindelijk weer parallel lopen met de winterdijk.
> Ter hoogte van B&B De Klaproos kruisen we de winterdijk om de geasfalteerde Nuchelenweg een tijdje te volgen. Na bijna een kilometer hebben we de mogelijkheid om rechts een veldweg te nemen. Die loopt recht naar Heppeneert toe. Via de kruisweg van dit bedevaartsoord voor OLV ter Rust komen we bij de kerk van het straatdorp.
> Heppeneert is eigenlijk nog een relatief jong bedevaartsoord. Het beeldje dat wordt vereerd is stilistisch gezien mogelijk van rond het jaar 1500. Het stond oorspronkelijk te Elen in een kapel van een pachthoeve. Er moet toen al een zekere bedevaartstraditie zijn geweest. Tijdens de Franse Revolutie werd de pachthoeve, die eigendom was van religieuzen, verbeurd verklaard. Het beeldje kon worden gered door de pastoor van Heppeneert die het na de ergste uitwassen van de Franse Revolutie onderbracht in de Sint-Gertrudiskerk van Heppeneert.
> De kapel is gebouwd op de plaats waar zich de Willibrordusbron bevindt. Volgens de legende werd hier de god Wodan vereerd, waarna de heilige Willibrordus de heidense bron kerstende begin 8ste eeuw. De kapel, die werd gebouwd rond 1680, is aan Relindis en Harlindis gewijd. Pelgrims kwamen eeuwenlang naar de bron om bescherming tegen koorts en zenuwziekten af te smeken. Daarbij namen ze dan wat gewijd bronwater mee. Verder zijn er in deze stokoude nederzetting niet zo heel veel oude gebouwen bewaard gebleven.
> De langeafstandswandeling stuurt ons aan de andere zijde van de Sint-Gertrudiskerk over een servitude door weiden, die parallel loopt met de verkeersweg. Je moet 's zomers onderweg nogal wat weide-afsluitingen open en dicht doen. Het is dus makkelijker om gewoon de verkeersweg te volgen. De uiterwaarden aan de rechterzijde zouden eeuwenoud zijn en ze vormen als weiden dan ook een historisch waardevol landschap. Uiterwaarden zijn gronden die tussen zomer- en winterdijk liggen, ze kunnen (en mogen) al eens overstromen bij uitzonderlijk hoge waterstanden van de Maas.
> Nog een tijdje volgt de langeafstandswandeling Maasvallei een parallel graspad naast de verkeersweg om uiteindelijk dan toch kort de weg te vervoegen. Net voor je de drukke invalsweg bij Maaseik bereikt, kun je aan nummer 9 nog even rechtsaf om te zien waar de oude aanlegkade van Maaseik zich bevond. Je ziet er nog kassei en oude meerpalen langs de verdwenen kade.
> We wandelen onder de grote Maasbrug door en zien hier voor het eerst witrode GR-tekens verschijnen. Ze zijn van het Nederlandse Pelgrimspad, een aanloopwandelroute naar Santiago de Compostela. 200 meter na de passage onder de brug gaan we links over een oninteressante, draaiende weg. Die brengt ons op de Aldeneikerweg, die we volgen tot bij een grote kapel in Aldeneik.
> Aldeneik vormt eigenlijk de oudste kern van de huidige stad Maaseik. Oorspronkelijk heette dit plaatsje gewoon Eik, die naamsoorsprong heeft mogelijk te maken met de inplanting van een klooster bij een gekerstende eik of een eikenbos. Of misschien velde men de eik als heidens symbool en kwam er een klooster in de plaats. Feit is dat grootgrondbezitter Adelhard hier een klooster rond het jaar 720 liet optrekken voor zijn dochters Relindis en Harlindis. Dat is wel erg vroeg op de tijdsladder. Dat klooster zou trouwens enkele eeuwen later een mannenklooster worden. Toen in de 13de eeuw wat verderop een stad werd ontwikkeld, noemde men ze Nieuw-Eyck, en zo werd het aloude Eik dan Alden-Eyck om het verschil te maken. De naam Nieuw-Eyck werd later dan gewijzigd in Maaseik.
> In Kessenich ontstond misschien wel het eerste machtscentrum van de streek. Getuige nog daarvan is een oude motte, of versterkte heuvel in het centrum, mogelijk uit de vroege middeleeuwen. Kessenich is waarschijnlijk echter nog veel ouder, afgaande op de interessante archeologische opgravingen die er zijn verricht en waaruit blijkt dat er al prehistorische en gallo-romeinse bewoning was. Oorspronkelijk lag het dorp langs de Maas. Niet het dorp maar de Maas schoof op. Na bijna 50 kilometer wandelen door de Maasvallei weten we intussen dat de wispelturige Maas haar loop meermaals wijzigde de afgelopen duizenden jaren. Vandaag ligt Kessenich dus meer dan 1 km verwijderd van de Maas.
> De lappendeken van moerassen, natte bossen en weilanden die natuurgebied Vijverbroek vormen, zijn gelegen in een duizenden jaren geleden verdwenen Maasmeander. Dit moeilijk toegankelijke land vormde een natuurlijke verdedigingszone voor de stadjes Thorn en Kessenich. Uiteraard heeft de mens ook hier altijd geprobeerd om het land naar zijn hand te zetten, wat maar gedeeltelijk lukte, slechts een deel kon worden omgezet naar weiland.
> De nattere delen waren de bevolking van de omliggende dorpen tot nut als gemeenschappelijke gronden om hakhout te kappen of om turf te steken.
> Sinds 1998 is het beheer van Vijverbroek in handen van Natuurpunt. Het beleid heeft vooral op het oog om de diversiteit aan karakteristieke verschillende landschappen te behouden en nog te verhogen.
> Eind september lagen de velden hier bezaaid met rijpe pompoenen, dikke oranje ballen in de velden. Door de zanderige grond is ook de aspergeteelt in opkomst in de streek. Rechts in de verte zien we de koeltorens van de Nederlandse electriciteitscentrale Maasbracht. Niet zo zichtbaar rechts is ook weer een enorm gat geslagen door grind- en zandwinning. Een deel wordt terug opgespoten voor landbouwgrond, een ander deel wordt opnieuw een recreatieve waterplas. Inmiddels gaat ook de grindwinning nog verder door, er is een concessie tot minstens het jaar 2032.
> We blijven de Kessenicherweg maar volgen tot in het gelijknamige dorp. Even op de bewegwijzering letten in Kessenich. We wandelen in de buurt van de kerk op een gekasseid wegje. Best wel een mooie dorpskern.
> 't Was er even opletten met de Galloways die onderweg wat het pad blokkeerden en er niet zo welkomsgezind uitzagen. Sommige paddelen kunnen zeer modderig zijn.
> Over graspaden en knuppelpaden komen we ongemerkt de Nederlandse grens over. Hier kruisen het Pelgrimspad en het Grenslandpad elkaar. We gaan rechts het pad langs de Itterbeek volgen en zo wandelen we het bijzondere dorpje Thorn binnen.
> Enkele straten verder wandelen we via een asfaltwegje (Vijverbroekstraat) het vrij grote dorpje alweer uit. Niet ver van een rustbank wandelen we naar rechts het natuurgebied Vijverbroek binnen.
> Eerste straat rechts, verder langs de jachthaven. We wandelen intussen al lange tijd over asfalt. Op een T-kruising gaan we links naar het oude gehucht Geistingen en dan eerste rechts tot bij de Luurskapel. Daar nemen we rechts de Kessenicherweg.
> Het aparte en aantrekkelijke uitzicht van Thorn is onlosmakelijk verbonden met het abdijvorstendom hier of meer oneerbiedig uitgedrukt 'de vrouwenrepubliek' die Thorn eeuwenlang was. Er werd een benedictinessenklooster gesticht in de twaalfde eeuw, een beetje als aanvulling op het monnikenklooster van Aldeneik (waar trouwens voor die tijd al een nonnenklooster was geweest). Na 1200 werd het klooster omgevormd tot een Stift, eerder te vergelijken met een gemeenschap van begijnen dan met nonnen met dat grote verschil dat je van rijke komaf moest zijn om te kunnen toetreden tot die 'Stift'. Ze legden bijvoorbeeld ook geen 'gelofte van kuisheid' af. Het aantal toegelaten stiftdames werd bewust beperkt tot een twintigtal om het elitair te houden.
> Dankzij de meegebrachte 'bruidsschatten' van de nieuwe intreders, kreeg Thorn een welvarend uitzicht, wat je nu nog kan zien aan het harmonieuze, rijkelijke uitzicht van vele huizen. De huidige kerk is de vroegere abdijkerk. Die was eigenlijk veel te groot voor de stiftdames, ze diende eerder om hun rijkdom te etaleren. Met de komst van de Franse Revolutie eind 18de eeuw moesten de dames van Thorn opkrassen. De te kleine parochiekerk werd afgebroken en de abdijkerk werd de parochiekerk.
> Tijdens de middeleeuwen hadden de stiftdames haast vrij spel om beslissingen te nemen, recht te spreken of belastingen te heffen, de nederzetting hing enkel af van het verre keizerlijke gezag. De geest van de stiftdames hangt er blijkbaar ook nu nog, want om de voormalige stiftkerk te bezoeken moet je inkom betalen.
> De benaming van Thorn, het Witte Dorp, kwam er na de Franse Revolutie. Er werd toen een belasting ingevoerd op basis van het aantal en de omvang van de ramen in de huizen. In het snel verarmende Thorn maakten daarom velen niet echt noodzakelijke ramen van de rijkelijk ruime huizen dicht en overkalkten deze, waardoor er opvallend veel witte gevels verschenen in het straatbeeld. Het aparte uitzicht begon later ook kunstenaars aan te trekken en in hun zog toeristen. Ondanks de massale influx van toeristen vandaag heeft Thorn nog een bijzonder bloeiend gemeenschaps- en verenigingsleven.
> We wandelen langs de met opzet grillig gevormde visvijver om zo bij enkele rustbanken en een parking te belanden. In deze omgeving kiezen we rechts voor de Leeuwerikstraat, we zullen ze lange tijd volgen. De straat loopt langs een camping en chalets, waarrond ook enkele horecazaken zijn gelegen. Begin 19de eeuw was hier al een cafť-pleisterplaats voor de vele schippers en treklui die over en langs de Maas passeerden. Tijd om even de rugzak af te gooien voor een koffietje.
> We gaan links voor de kapel en maken een ommetje door Aldeneik om uiteindelijk bij de kerk te komen (rustbanken). Langs enkele wijkstraten zoeken we een weg naar voormalig grindwinningsgebied, nu veranderd in grote waterplassen waarrond nieuwe natuur werd ontwikkeld. De grindwinning hier te Heerenlaak werd beŽindigd rond het jaar 2000, waarna een project voor herinrichting kon beginnen met ondermeer visvijvers, een meer, kunstmatige eilanden, strand, jachthaven, wandel- en fietspaden. Heerenlaak werd officieel opengesteld als recreatiegebied in 2007.
> Door het centrum van Maaseik zullen we niet wandelen. Maaseik beroemdste inwoners zijn ongetwijfeld de schilderbroers Jan en Hubert van Eyck geweest, al is het nooit 100 % zeker geweest dat ze van Maaseik afkomstig waren. Het 19de eeuwse standbeeld van de broers kun je op de Grote Markt van Maaseik zien. Andere bezienswaardigheden op en rond dat stadsplein zijn een aantal fraaie gevels, de oude stadspompen, het apothekermuseum en de kerkkunstschatten. De stad brandde enkele keren af, waardoor het hedendaagse centrumuitzicht relatief harmonieus oogt omdat een groot deel van het stadscentrum in eenzelfde stijlperiode werd opgetrokken.
> Het asfaltwegje loopt alsmaar door en wordt vooral vrij druk befietst. We krijgen weidse zichten over de Maas. Links zien we de kerktoren van Ophoven opdoemen. We wandelen echter rechtdoor tot bij de grote horecazaak De Spaenjerd, waar ook de aanlegkade is van het wandel- en fietsveer tussen Ophoven aan Belgische zijde en Ohť en Laak aan Nederlandse zijde. Daar draaien we links weg van de Maas om langs de grote binnenjachthaven De Spaanjerd te wandelen. Opnieuw is het ontstaan van deze waterplas, waar een groot aantal zeiljachten en plezierboten kunnen aanmeren, het resultaat van verlaten grindwinning. Alles draait hier rond watersport, je kunt hier ondermeer zeil- en surfcursussen volgen of een boot of waterfiets huren.
> De tweede en meteen al laatste etappe van langeafstandswandeling Maasvallei brengt ons na 25 km op het eindpunt te Thorn, net over de Nederlandse grens. Ons gekozen startpunt bij Oud-Dilsen is nog vrij vlot te bereiken via een bus van de Lijn langs de verkeersweg N78 + 1 km wandelen. Eindpunt Thorn is niet goed bereikbaar omdat er geen aansluiting is op de bussen van de lijn. Het is via een alternatief uitgezocht wandeltraject wel mogelijk om weer naar Kessenich te wandelen (3 à 4 km), waar je wel een bus kan vinden richting Maaseik.
> Onderweg naar Elen wandelen we opnieuw langs de Maas en door een landschap van oude grindwinningen, nu gewijzigd in aantrekkelijke nieuwe natuur. Te Heppeneert gaan we even rust zoeken bij Onze-Lieve-Vrouw-ter-Rust, een populair bedevaartsoord. Langs uiterwaarden van de Maas lopen we langs de rand van de stad Maaseik om via het watersportgebied van Heerenlaak bij Aldeneik weer getrouw de breed vloeiende Maas te volgen. Meer watersport en plezierboten bij de Spaanjerd. Kessenich is het laatste Belgisch dorpje want via natuurgebied Vijverbroek bereiken we het bijzonder aantrekkelijke eindpunt van de langeafstandswandeling, het witte dorpje Thorn, net over de Nederlandse grens.
> De latere pastoor Froyen bracht het Mariabeeld en de verering weer volop in de belangstelling tijdens de jaren '80 van de 19de eeuw. Aan het Mariabeeld hangt trouwens een legende vast. Het kwam aandrijven in de Maas. Een herderin zag het aan haar voorbij drijven tot het aan de kant bleef aan een weide hogerop te Elen. Een teken dat daar een Maria-oord moest komen.
> Merkwaardig is ook de legende van De Kaartridder, wiens standbeeld je ook kunt zien in het Mariapark. De kaartridder was gokverslaafd aan kaarten. Hij ging diep in de schulden om toch maar aan zijn wereldse genot te kunnen voldoen. Uiteindelijk moest hij de hulp inroepen van de duivel, die hem bijstond maar als tegenprestatie eiste dat hij na 7 jaren zijn ziel mocht komen halen. Toen die termijn om was gaf de ridder nog een laatste feest voor zijn vrienden, die hem aanmaanden toch eerst nog een heildronk te brengen ter ere van Sint-Gertrudis, patroon van de reizigers. Dat deed hij, daarna begaf hij zich spoorslags naar de brug waar de duivel hem opwachtte.
> Op de brug aangekomen bleek er plots nog iemand anders achterop het paard van de ridder te zitten. Het was zowaar Sint-Gertrudis zelve. Zowel de duivel als de ridder waren geschrokken. Die laatste sprong van zijn paard en knielde neer voor haar om vergiffenis te vragen, waarna de duivel met de staart tussen de benen moest afdruipen.
> Heppeneert is ook vandaag nog een vrij populair bedevaartsoord. De pelgrims komen dan wel niet meer massaal te voet, kaarsen worden er nog steeds aangestoken. Het beeld van de kaartridder tref je aan in het Mariapark, achter de kerk. Om de duivelsbrug te vinden moet je wat backtracken. Je wandelt terug over het paadje achter de het Mariapark. Terug op de asfaltweg aangekomen ga je niet links maar rechtdoor. De duivelsbrug ligt net voor de hoeve die je in de verte ziet. Zoek bij de duivelsbrug ook naar het merkwaardig stenen kopje in de beekmuur. De kaartridder zelve? Moeilijk te zeggen hoe oud het kopje is, ergens tussen twee en tien eeuwen oud...
> De langeafstandswandeling leidt ons langs de rand van het Witte Dorp en dan gaan we rechts over een rechte weg naar de waterplas De Grote Hegge met links van onze route gelegen de gelijknamige hoeve Grote Hegge. Nogmaals een grote waterplas die ontstond als gevolg van grindafgraving. Bij het water gaat de langeafstandswandeling links-links om weer naar Thorn te lopen en te eindigen aan een autoparking aan de rand van het mooie dorp. Dat laatste leek me een wat overbodig rondje.
> Zo de Langeafstandswandeling Maasvallei zit er op. Tijd om nog even van Thorn te genieten om dan via een alternatief pad terug te wandelen naar Kessenich. Einde.
> We lopen langs populieren en een maÔsveld en komen uiteindelijk op een verharde weg. Rechts-links tot bij de winterdijk van de Maas. We steken die over om dan naar links een met de dijk parallel lopend, keiig pad te volgen. Het kan zijn dat dit pad wat onderwater staat of hier en daar wat overgroeid is, alternatief is dan toch die dijk waarop een verhard fietspad loopt. Tussen het pad en de dijk staat wel een schrikdraad, dus kies je best tijdig. We wandelen tussen twee grindplassen in: Bichterweerd en Meerheuvel, alweer grotendeels ontstaan door niet lang geleden beŽindigde industriŽle grindwinning.
> Deze meren lijken nogal behoorlijk populair te zijn bij vogelspotters. Ik fotografeer er met mijn klein fototoestel een roodborsttapuit. Een bijzonder vogeltje dacht ik maar deze vogelsoort blijkt hier in de streek niet zo zeldzaam te zijn vertellen me enkele vogelspotters ter plaatse, die zelf met buizen van lenzen op de uitkijk staan.
Heppeneert, bedevaartskerk
Standbeeld van de kaartridder
Oude aanlegkade Maaseik
Mysterieus kopje
aan de Duivelsbrug
Natuur- en watersportgebied Heerenlaak bij Aldeneik
Heppeneert
Aldeneik, kapel van Relindis en Harlindis
Onder de Maasbrug van Maaseik
Jachthaven De Spaanjerd
De motte van Kessenich
Te Thorn splitsen twee van de langste Nederlandse wandelroutes: het Pelgrimspad en het Grenslandpad
Natuurgebied Vijverbroek
Thorn
Thorn
Thorn
Natuurgebied Vijverbroek
Kessenich
Pompoenenveld met in de achtergrond centrale van Maasbracht (NL)
Fiets- en wandelpad naar Ophoven
De Maas voorbij Aldeneik
Maaseik
De Maasbrug van Maaseik
Bichterweerd
Grote parasolzwam
Meerheuvel
Roodborsttapuit
Elen
Onderweg naar Heppeneert
Pad door het nauurgebied Meerheuvel
LAW Maasvallei - 52 km