Startpagina > Wandelen > Kustwandelroute
> Na een half uur Ter Yde wandelen we over een recht pad naar de rand van een Oostduinkerkse verkaveling. Aan onze rechterzijde ligt het laag gelegen natuurgebied De Spelleplekke. In de middeleeuwen lag er een vissersdorp rond het haventje Yde. Eind 14de eeuw begon de zee-inham van het IJzer-estuarium echter dicht te slibben zodat het dorp geleidelijk werd verlaten en de stuifduinen vrij spel kregen. Het in de 16de eeuw haast volledig vergane dorp kreeg van de Oostduinkerkse pastoor Duclos in 1900 de naam 'Spelleplekke' omdat er duizenden spelden werden gevonden, waarvan het gebruiksdoel onbekend was.
> Over de randweg langs een Oostduinkerkse woonwijk bereiken we een T-kruising met de Ter Ydelaan. We gaan er even rechts om nog voor een rustbank weer links te gaan voor een tocht door een volgend duinengebied, de Plaatsduinen. Het gebied van 35 hectaren was oorspronkelijk groter maar het werd aangevreten door de verkaveling waar we net langs wandelden. We treffen er vooral stuifduinen aan die verwaaieren tot hoge paraboolduinen. Ze lopen tot de rand van het Oostduinkerkse centrum, 'de Plaats' volgens de oude benaming, vandaar ook de naam van het duinengebied.
> Let goed op de bewegwijzering, die is niet evident in dit gebied. Hou een westelijke richting aan als je een loofbomenbosje nadert. Verderop loop je soms in het spoor van een ruiterpad, dat kan door het erg losse zand wat vervelend wandelen zijn.
> De naam van het uit zijn voegen gebarsten kustdorp De Panne verwijst uiteraard naar een duinpan, een komvormige laagte tussen duinen. Het dorp is eigenlijk zeer laat ontstaan als we de tijdelijke nederzettingen van 2500 ŗ 1500 jaren eerder buiten beschouwing laten. Pas eind 18de eeuw ontwikkelde De Panne. Het dieper inland gelegen Adinkerke bestond toen al vele eeuwen. De Panne was dus rond 1790 slechts een klein gehucht van Adinkerke. Dat gehucht droeg oorspronkelijk de naam 'Jozefdorp'. In de 19de eeuw was De Panne voor het overgrote deel eigenlijk privť-bezit van ene Pieter Bortier. De man bezat honderden hectaren land. Er bloeide oorspronkelijk vooral een vissersgemeenschap in De Panne. Vanaf eind 19de eeuw veroverde ook hier de toeristische infrastructuur de duinen en de kustlijn. De Panne zette Adinkerke al snel in de schaduw. Dat dorpje is vandaag vooral bekend omdat Plopsaland er ligt.
> In het infocentrum van de Waterleidingmaatschappij Veurne-Ambacht (die eigenaar is van het gelijknamige duinengebied) kun je kennismaken met waterwinning en natuurbescherming van de omgeving. Mooi initiatief maar het moet ook gezegd dat de waterwinning in de duinen ook heel wat schade heeft veroorzaakt aan de natuurlijke evolutie van flora in het gebied, met name door uitdroging van pannen. De waterwinningen, die ook plaats vinden in natuurgebieden verder langs de Kustroute, kwamen in het zog van de sterke verstedelijking en verkaveling van de Kust met een een hoog waterverbruik in het zomerseizoen als gevolg. In de 20st eeuw veroorzaakte hoog waterverbruik wel eens vaker drinkwaterschaarste.
> Even later komen we kort bij de noordelijke voorduinen, aan je linkerzijde tref je een oude grenspaal aan. Het jaartal 1819 en de letters F en N duiden er op dat hij oorspronkelijk de grens markeerde tussen Frankrijk en de Nederlanden. Op dit punt loopt GR 120 (GR du Littoral) westelijk Frankrijk in om de tocht te vervolgen naar Bray-Dunes, Duinkerke, de Opaalkust, Boulogne en verder zuidelijk. Er loopt van deze GR echter ook een oostelijke verbinding over de kustlijn naar De Panne. Die gaan we volgen.
> In de Panne hebben we het westelijke eindpunt van onze driedaagse wandeltocht bereikt. En daarmee zit de hele Kustroute erop! Einde.
> Terug in Nieuwpoort-Bad, op het punt waar de rivier IJzer in de Noordzee vervloeit. We gaan bij een infobord van het GR-routenetwerk links de zeedijk op van Nieuwpoort. Ook nu heb je de mogelijkheid om eventueel 2 km over het strand te lopen of op de wandeldijk te blijven. Doe je dit 's morgens op een zonnige dag, dan is de keuze misschien snel gemaakt, aangezien de appartementenmuur dan de wandeldijk nog in de schaduw zet en je op het strand lekker in de zon kunt wandelen.
> Helemaal op het einde van de Nieuwpoortse bebouwing nemen we even een pad tussen duin en strand om dan al snel de duinen in te draaien langs een grote bunker.
> Het laatste deel van de GR 5A - Kustroute voert ons helemaal tot aan de Franse grens. We ontdekken onderweg heel wat resterende duingebieden met vaak nog zeldzame flora. Ter Yde, dicht bij Nieuwpoort, is zo'n natuurparel. Wandelen door mul duinzand kan vermoeiend zijn, af en toe wisselen we ook af met een lap wat door verkaveling verkwanseld landschap , zoals te Oostduinkerke. De duinen van Witte Burg en de Doornpanne brengen ons langs de Hoge Blekker, de hoogste kustduin. Door de kleine natuurrestanten van Noordduinen, Kerkepanne en Oosthoekduinen bereiken we het Westhoekreservaat. Hier krijg je nog het gevoel door ongeschonden landschap te wandelen. We botsen op de Franse grens en zoeken voor het eerst sinds Nieuwpoort weer op het strand op. En wat voor een! Het erg brede zandstrand van De Panne vormt ons wandelterrein om het eindpunt van de Kustroute te bereiken.
> We komen na de korte zanderige passage weer op de Koninklijke Baan ter hoogte van het revalidatieziekenhuis 'Koningin Elisabeth Instituut'. De verkeersweg over om aan de andere zijde een volgend duinwandelpaadje te vinden. Het brengt ons al snel in een verkaveling van Groenendijk.
> Op een kruispunt van wijkstraten gaan we rechts de Kolonel d'Haenenlaan in tot bij de toegang tot de 68 hectaren grote kern van het natuurreservaat Ter Yde. Voor ons ligt met Ter Yde een van de interessantste duingebieden van de Kust. We dalen naar een panne waarin een aantal bijzonder zeldzame planten gedijen.
> We gaan op het kruispunt nog 100 meter rechtdoor en gaan dan links het relatief uitgestrekte natuurgebied van De Doornpanne binnen, een van de grotere duingebieden aan de Kust. Het is vooral waterwingebied, een kleiner deel is natuurreservaat in beheer van Natuurpunt. Even verstoren een paar misplaatste villa's de hoog gelegen omgeving.
> We zijn inmiddels in het deelgebied Hoge Blekker, genoemd naar de hoogste duin aan de Kust (33 meter hoog) en die de vissers dus al van ver konden zien blinken of 'blekken'. We komen langs een uitzichtpunt over het natuurgebied.
> Dit deel is dan ook afgespannen om illegale bloemenplukkers te bannen. In dit afgesloten gebied groeien in de lente dan ook orchideeŽnsoorten zoals de vleeskleurige orchis, de zeldzame, onopvallende honingorchis en de moeraswespenorchis. Op het einde van de zomer vind je er ondermeer het mooie parnassia terug. De GR Kustroute neemt ons door een verrassend gebied van hoge stuifduinen, pannen en doornig struweel.
> Dit natuurgebied is het resultaat van doorgedreven natuurbeleid waarbij ondermeer een oud vakantie-oord weer werd afgebroken en door kap van bomen waardoor de stuifduinen zich weer vrijer kunnen 'verplaatsen'. Onderweg zie je naast veel duindoorn wellicht ook het kleine duinviooltje of kokardebloemen. Het is misschien wat vermoeiend stappen maar dat is dan de toegangsprijs voor deze waardevolle brok natuur.
> Het Westhoekreservaat werd al in 1957 uitgeroepen tot 'staatsnatuurreservaat' en is daarmee volgens Wikipedia tesamen met de Hoge Venen het oudste erkende natuurreservaat van BelgiŽ. Toch slaagde in de jaren '70 de burgemeester van De Panne (Raf Versteele) er nog in om nog 100 hectaren Westhoekduinen in te pikken voor verkaveling, ondanks grote protesten van allerlei natuurminnende organisaties. Alle redenen waren voor de arrogante burgemeester Versteele goed om zijn wil door te drukken, zoals de argumentatie dat Leopold I (het standbeeld) er nogal verweesd bij stond, zo uitkijkend over de duinen. Een nieuwe laan naar het monument met flatgebouwbewoners die naar hem toe wandelen zou meer passelijk zijn! Versteele zou uiteindelijk eindigen in de gevangenis omwille van passieve omkoping, schriftvervalsing en belangenvermenging. Ondertussen was het kwaad echter geschied: in de duinen verschenen zogenaamd 'authentieke vissershuisjes' en Leopold I werd inderdaad welkom geheten met smaakloze flatgebouwen. Die wansmaak passeren we straks nog.
> Eerst wacht ons nog het Westhoekreservaat. Hier mag het bewegend landschap van zand en duinen nog relatief ongemoeid zijn gang gaan door windverstuiving en andere weersinvloeden. Onderweg zal je merken dat er zo verschillende biotopen ontstaan: paraboolduinen, loopduinen, droge en natte pannen. Ook de begroeiing kan sterk verschillen naargelang de landschapsaard. Duindoorn en kruipwilg zijn ook hier alom tegenwoordig maar je kunt naast typische duinflora en -struiken op het juiste moment ook echt zeldzame pareltjes ontdekken zoals parnassia op het eind van de zomer of orchideeŽnsoorten in de lente. Enige menselijk inmenging moet hier zorgen voor het in stand houden van die variatie, zoals begrazingspercelen op sommige plaatsen of afdijking tussen strand en duinen.
> We nemen dus rechts een zanderig pad door de voorduinen, dadelijk links van ons ligt het strand. Als het dus even genoeg is met 'zandwandelen' kun je ook over het wat hardere strand wandelen. Het erg brede strand van vrij vast zand hier is ook het uitgelezen speelterrein voor zeilwagens en speedsailers, die er een hoge snelheid kunnen halen.
> Het gaat op en af en verderop vervoegen we een wijkstraat aan onze linkerzijde (Piet Verhaertstraat). We zijn in het centrum van Oostduinkerke-dorp aangekomen en steken er de drukke Leopold II-laan over. Op 400 meter links langs de Leopold II-laan ligt het Nationaal Visserijmuseum maar we gaan rechts, langs en achter de kerk en verder over buurtpaden.
> De Sint-Niklaaskerk werd opgetrokken in 1952, nadat de oude kerk in 1940 door een brandbom werd vernield. De bonkige toren met zijn neogotische fantasiestijl is wat gebaseerd op de stoere polderkerktorens van Damme, Lissewege, enz. We wandelen nu door het duingebied Witte Burg, alweer een door verkaveling aangevreten duinenlandschap, doorsneden met tal van paadjes. Die leiden ons deels over een aangelegd en druk gebruikt wandelpad naar het bezoekerscentrum 'De Doornpanne'.
> De witrode streepjes leiden ons daarna naar een panne tot bij de verkeersweg tussen Koksijde en Koksijde-Bad. Aan de overzijde trekken we over een pad naar meer duinen en struweel tot bij de drukke Leopold III-laan (N8). Die kruisen we niet ver van de Koksijdense Zuid-Abdijmolen. Deze van oorsprong 18de eeuwse korenmolen werd na WO II vanuit polderdorp Houtem naar Koksijde getransporteerd om in 1953 te worden heropgebouwd op een plek waar wellicht vroeger een windmolen stond. Sindsdien is hij al talloze malen sterk gerestaureerd. Het is mogelijk om deze windmolen te bezoeken tijdens het toeristisch seizoen en er wordt ook nog gemalen.
> Nog wat verder noordelijk langs de Leopold III-laan (maar niet langs de Kustroute) ligt het abdijmuseum Ter Duinen, een archeologische site met levendig museum. De Ter Duinenabdij van Koksijde was ooit de machtigste abdij aan de Kust. De cisterciŽnzerabdij beleefde haar 'hoogtij' al in de 13de - 14de eeuw.
> Aan de overzijde van de Leopold III-laan wandelen we na een bocht door een groenstrook van grasland om dan na het kruisen van een wegje verder het natuurgebied Noordduinen in te wandelen. Het natuurgebied bestaat er vooral uit paraboolduinen (U-vormige duinen gevormd door de wind), pannen die door de boeren als duinakkers werden benut en duingrasland waar begrazing plaats vond en waar natuurbeheer soms ook nu nog bestaat uit begrazing. Ook hier bleef maar een deel van landschap bewaard omwille van oprukkende verkaveling. We wandelen soms door dicht struweel.
> Als we de Strandlaan hebben bereikt, beginnen we aan een zigzagtocht over zuidelijke wijkstraten van Sint-Idesbald. Die eindigt op de Jan van Looylaan, waar we in een bocht een bospad nemen door een een uithoek van het Kerkepannebos. Dit is een van oudste duinbosjes aan de kust. Je treft er vooral grauwe abeel en esdoorn aan.
> We komen verderop via een wegje bij een parking met frituur, gelegen op een kruispunt van drukke wegen. Wandel hier ongeveer rechtdoor langs de drukke Veurnestraat. Nog voor het Q8-tankstation nemen we schuinrechts een parallelstraat die achter het tankstation loopt. Voor de weg weer de Veurnestraat vervoegt, gaan we rechts het bos in. Het Artiestenpad voert ons langs de rand van de Oosthoekduinen en een zone met natte weiden. Verderop draaien we na enkele honderden meters naar rechts de Oosthoekduinen in. Wat opletten om de GR-tekens hier niet te missen.
> Helemaal doorwandelen tot aan het standbeeld van Leopold I. Het herinnert aan de aankomst op Belgische bodem op 17 juli 1831 van Leopold I van Saksen-Coburg als kersverse en eerste Belgische Koning. Voila, voor ons is dit het eindpunt van de Kustroute. Via een brede esplanade tussen lelijke woonblokken kun je de tramhalte 'De Panne Esplanade' bereiken.
> Het deel van het Calmeynbos waar het bezoekerscentrum ligt, is eigendom van de gemeente De Panne, in beheer door Agentschap Natuur & Bos. Het deel waar we nu wandelen is van de Waterleidingmaatschappij Veurne-Ambacht. Ook hier wordt dus aan waterwinning gedaan. Het bos werd aangeplant vanaf 1903 op voormalig akker- en duingebied. Maurice Calmeyn wou als landbouwingenieur uitzoeken welke boomsoorten goed gedijen op duinbodems. Tegelijk moest het proefbos ook een buffer worden om achterliggende akkers te beschermen tegen stuifduinen. Hij beschikte over zowat 50 hectaren grond in eigendom om dit uit te proberen. Na enkele decennia bleven er nog een 25-tal boomsoorten over, evenals een 40-tal soorten struikgewassen. De watermaatschappij kocht het bos over van de familie Calmeyn in 1964. De eigenzinige Maurice Calmeyn krijgt wel eens de titel van 'ecologist avant-la-lettre' al kun je daar een groot vraagteken bij plaatsen als je weet dat Calmeyn in Congo ook op olifanten ging jagen.
> We wandelen door een gebied dat bekend staat als 'de Romeinse Vlakte' of 'de Sahara', omwille van de woestijnachtige omgeving. Wat de Romeinen er dan weer mee te maken hebben kan worden verklaard door archeologische vondsten hier van Keltische periode tot middeleeuwen. Wellicht hadden die nederzettingen te maken met de nijverheid van zoutwinning en visserij.
> Zanderige paden voeren ons traag naar de Frans-Belgische grens, die we bereiken op een T-kruising. GR 120 neemt ons verder mee naar rechts, parallel met de grens en richting strand. Net voor we de kust bereiken wandelen we nog langs een botanisch bijzonder interessant gebiedje, een deel ervan is afgerasterd ter bescherming.
> Zowat 100 meter voor de dreef een verkaveling bereikt, slaan we links af. Al snel volgt ons pad weer een westelijke koers door bebost duinenlandschap. We bereiken uiteindelijk een kruispunt van GR-paden. GR 5A Noord eindigt hier. Naar links vertrekt GR 5A Zuid naar Adinkerke, De Moeren en het West-Vlaamse Heuvelland. Die route nemen we niet. De Kustroute volgt hier GR 120, eigenlijk een Franse GR die de Noordzeekust volgt (GR du Littoral) en hier bij de Panne haar uiterste oostpunt heeft bereikt.
> Vooraleer we GR 120 een eindje gaan volgen door het Westhoekreservaat, loont het de moeite om even rechts de trappen op te lopen. Op een hoge duin is een platform geplaatst van waarop je een mooi uitzicht krijgt over het uitgestrekte duinenlandschap dat we het volgende uur gaan verkennen. Daarna gaan we dus de witrode tekens van GR 120 (of GR du Littoral) volgen. Ze nemen ons dwars door een van de meest bijzondere natuurreservaten van BelgiŽ.
> We lopen vanaf nu over het grondgebied van de gemeente De Panne. Het pad loopt over zandvlakte, duinen maar ook verbost landschap. Ik had het geluk hier een heivlinder te kunnen waarnemen, een vlindersoort die in BelgiŽ praktisch enkel hier in de duinen van de Westkust en in delen van de Kempen voorkomt. Zeker niet de meest spectaculaire vlinder qua uitzicht, wel een interessante waarneming.
> Uiteindelijk moet je uitkomen achter enkele tennisvelden. We bereiken kort daarna de Olmendreef. Rechts bevindt zich het Provinciaal bezoekerscentrum De Nachtegaal. Je leert er alles over duinen, zee en landschap en hoe de mens dit over de eeuwen heen economisch naar zijn hand zette. De toegang is gratis. Op de Olmendreef vervolgen we echter naar links. De kaarsrechte dreef loopt naar de snelle verkeersweg N34 (De Panne - Adinkerke) en de kusttramlijn, die we oversteken om meteen in het Calmeynbos terecht te komen. We volgen er een lijnrecht bospad.
> Langs het duinenpad groeit en bloeit heel wat blauwe zeedistel, een plant uniek voor de kustlijn, je treft hem niet aan dieper in het binnenland. Verderop krijgen we een verharde dijk onder de voeten. Tijd om een halve kilo zand uit de wandelschoenen te hozen. De dijk voert ons langs heel wat rustbanken helemaal tot in De Panne. Hier wandelen we ook langs die verkaveling uit de jaren '70 die een stuk van het natuurreservaat opslokte.
Nieuwpoort Groenendijk, bunker
Nieuwpoort Groenendijk
Ter Yde, orchideeŽn
Natuurreservaat Ter Yde
Natuurreservaat Ter Yde
Oostduinkerke Plaatsduinen
Natuurgebied Oosthoekduinen
Onderweg tussen Koksijde en Sint-Idesbald
Zuid-Abdijmolen te Sint-Idesbald
Onderweg door de Noordduinen
Heivlinder. Hij ziet er niet erg fotogeniek uit maar deze dagvlnder is wel een zeldzame verschijning in Vlaanderen. Hij komt enkel in de Kempen en in de westelijke Kustduinen voor.
Splitsing GR 5A Noord/Zuid en GR 120 (Kustroute)
Westhoekreservaat
Westhoekreservaat
Strand van De Panne
Grenspaal uit 1819, markeerde de grens tussen de Nederlanden en Frankrijk
De Panne, standbeeld Leopold I
Parnassia, een bloem die slechts op een paar plaatsen in BelgiŽ groeit, waaronder het Westhoekreservaat
Blauwe zeedistel
Oostduinkerke St-Niklaaskerk
Lepelblad
Zeewolfsmelk
Gewone Ossetong
Duinviooltje
Kokardebloem
Kustwandelroute - 65 km