Startpagina > Wandelen > De Groene Wandeling
> Voor dit eerste deeltje van de Groene Wandeling vertrekken we 500 meter ten zuiden van het beroemde Atomium. Een voorlopig traject van de Groene Wandeling loopt dan via het tramstation van De Wand door de saaie Pagodenlaan van Heembeek naar de Van Praetbrug van Brussel. Het toekomstige traject is interessanter: Via het Chinees paviljoen en de Japanse Toren over een langgerekte smalle groene strook, waarbij je onderweg zowaar langs een waterkerskwekerij komt, gelegen in de oude bedding van een treinspoor. De eerste kilometers van het parcours kan je niet rond de figuur van koning Leopold II. Nog voor hij koning werd was hij er vanaf de jaren '60 van de 19de eeuw al op gebrand om grote stukken grond van Laken op te kopen. Zijn autoritaire wensen werden vooral vervuld eind 19de, begin 20ste eeuw. Met de resultaten maak je kennis onderweg.
> De lange en drukke Van Praetbrug brengt ons in Schaarbeek, langs het indrukwekkende spoorstation en spoormuseum daar. Wat verder duiken we weer een groene strook in, na een rondje langs de muren van het afgesloten natuurgebied Walckierspark. Door het Goede Herder Park en langs de rand van natuurgebied het Moeraske. Het leidt ons via nog een paar kleinere brokjes natuur Evere in, waar we even na het gemeentehuis de route tijdelijk verlaten om er het treinstation van Evere op te zoeken enkele honderden meters verder.
> Onderweg cafés en winkels op het stationsplein te Schaarbeek, bij het Vredeplein te Evere en in de buurt van het gemeentehuis van Evere.
> Start op het Heizelplateau van De Groene Wandeling onder een zwaarbewolkte Brusselse hemel. Het Atomium vormt als meest opvallende monument van Brussel het uitgelezen decor om het versnipperd groen van Brussel in te duiken.
> De Groene Wandeling vertrekt op zo'n 500 meter van het Atomium, langs de brede Eeuwfeestlaan, tegenover de Sint-Lambertuskerk van Laken. Op dat punt staan een infobord en wegwijzers van De Groene Wandeling.
> En jawel, meteen een valse start. Net op dat startpunt bleek het wegje langs de tramlijn opgebroken en afgesloten voor herstel in het kader van De Groene Wandeling. Er waren wel omleidingsbordjes maar die zetten alleen maar aan tot meer verwarring en bovendien was het even vertrouwd worden met de bewegwijzering van De Groene Wandeling.
> Sinds de lente van 2013 is het asfaltweggetje langs de tramlijn weer helemaal hersteld en toegankelijk, het starttraject ligt er dus weer normaal bij. Op een T-kruising naar rechts over de trambrug en dan het eerste parkweggetje links, dat loopt naar de Dikkelindelaan. We lopen hier door het Park van Laken.
> Na het kanaal Brussel-Willebroek en de Zenne trekken we in het verlengde van de Van Praetbrug ook een spoorbrug over. Daarna dadelijk links over een breed gebetonneerd wandel- en fietspad langs de Monplaisirwijk van Schaarbeek, waarbij vooral de vele mooie stadsgevels in art nouveau en eclectische stijl opvallen. We lopen over De Groene Wandeling recht op het enorme stationsgebouw van Schaarbeek af.
> Tijd om even wat te bekomen van de eerste kilometers Groene Wandeling in een van de verschillende volkscafés rond het stationsplein.
> Rechtdoor over de smalle beboste strook tussen beide verkeerswegen. Zo kom je uiteindelijk in een langzame bocht op het punt waar Vuurkruisenlaan en Van Praetlaan fuseren. Oversteken via de zebrapaden tot op het fietspad dat langs het kanaal Willebroek - Charleroi loopt. Langs de 'Brussels Royal Yacht Club' tot bij de Brug Van Praet.
> Eindelijk weer wat groen! Een verhard maar prettig wandelpad loopt naar en langs de rand van natuurgebied Het Moeraske door het Goede Herderpark. Dit park was vroeger een kloosterdomein, verwoest door oorlogsbombardementen. Van braakland en huishoudelijk stort werd het na de jaren '60 omgevormd tot park. De paden voor De Groene Wandeling door het Goede Herderpark werden hier aangelegd in 2010-2011.

> Alternatieve wandeling Het Moeraske.
Hoewel De Groene Wandeling geen onaardig traject volgt, bestaat er voor wandelaars echter een beter alternatief om Het Moeraske te bezoeken, over onverharde paden dwars door het natuurreservaat. Volg je enkel De Groene Wandeling, dan zie je het eigenlijke moeras zelfs niet.
Verlaat daarom tijdelijk De Groene Wandeling voorbij een aantal stadstuintjes (aan je linkerzijde) bij de eerste mogelijkheid die je hebt om links af te slaan. Een pad leidt je over een klein brugje (een paar balken eigenlijk) wat lager en brengt je na een kleine 100 meter tot bij het moeras.
Je kan het pad tussen spoorlijn en moeras verder blijven volgen. Zowat 100 meter voorbij het moeras volg je dan de rechtse aftakking en nog 50 meter verder klim je over korte trappen naar een rustbank bij het begin van een langgerekte zone van kort gras. Daar, of wat verder kan je rechts door het bos een paadje nemen dat je weer op de (geasfalteerde) Groene Wandeling brengt. Het is mogelijk om nog langere tijd het laaggelegen deel van Het Moeraske te exploreren, het gebied strekt zich uit over meer dan 1 km, maar dan moet je wel backtracken om weer aansluiting te krijgen met De Groene Wandeling.
Atomium
> Buitenlandse toeristen die Brussel bezoeken zijn vaak verwonderd over de nietigheid van dat kleine ventje dat als Manneken Pis door het leven gaat. Omgekeerd zijn ze dan weer verrast door de grootte en schaalomvang van het Atomium als ze 'onder de bollen' staan. Het Atomium is een restant van het meest populaire en besproken cultureel evenement dat plaats vond in 20ste eeuws België, de Wereldtentoonstelling Expo 58.
> Hoewel het Atomium enkel gebouwd werd voor de duur van Expo 58, dacht niemand er achteraf aan om het weer af te breken. De Belgen en andere bezoekers vonden het zo'n fantastisch gebouw dat in de roes van en het enthousiasme van de overweldigende Expo dat idee gewoon niet opkwam, er was geen publiek draagvlak. Het Atomium was een icoon geworden omwille van zijn spectaculaire vorm. België had zijn eigen trotse versie van wat de Eiffeltoren betekent voor Parijs.
> In de plannen rond de Brusselse Expo 58 speelde atoomenergie een voorname rol. Jaren na de verschrikking van de eerste atoombommen op het einde van WO II, kwam ook de toekomst van kernenergie voor vreedzame toepassing op het voorplan als - toen nog futuristische - bron van energieverschaffing. Het atoom zou het symbool voor Expo '58 worden. Niet enkel een groot atoommonument maar ook een kernreactor in het Brusselse, die de Expo van stroom moest voorzien en ook te bezoeken zou zijn tijdens de Expo. Van die laatste plannen werd uiteindelijk afgezien om voor de hand liggende veiligheidsredenen. Toch maar geen kernreactor in Brussel. Het monument moest met zijn bekleding van aluminiumplaten ook een showpiece worden voor wat de boomende Belgische metaalindustrie in petto had. 'Atomium' = atoom + aluminum.
> Ingenieur André Waterkeyn maakte het basisontwerp en Fabrimetal financierde de bouw en de onderdelen ervan. Het Atomium is eigenlijk de weergave op enorme schaalvergroting van een ijzerkristal, 165 miljard keer vergroot. Werfleider Frans Cools opperde het idee om onder drie van de negen bollen grote steunpoten te plaatsen, teneinde de zwaartekracht niet te tarten. Het duurde 19 maanden voor Frans Cools en zijn arbeiders om het hele monument op te trekken, daarbij werd toen nog geen gebruik gemaakt van kranen of stellingen. Bol per bol werd afgewerkt en zo naar omhoog. Dat is allemaal gebeurd zonder enig ernstig ongeval. Enkele uren voor de opening van Expo 58 voor het grote publiek, werden de laatste bouten vast gedraaid.
> Na de Expo werd het Atomium, net zoals enkele andere opvallende gebouwen toch niet afgebroken. Het monument bleef een massa bezoekers trekken, in de jaren '60 tot 800.000 bezoekers per jaar. Dat aantal kalfde vanaf de jaren '70 traag maar gestaag af. Rond 2000 haalde het Atomium zelfs geen 200.000 bezoekers meer, het monument bood bovendien ook letterlijk een doffe aanblik. Terwijl de constructie op zich zeer stevig is en zonder probleem nog decennia lang kan staan, waren de aluminiumplaten op de bollen niet voorzien op zo'n lange levensduur. Roest en scheuren maakten duidelijk dat een grondige restauratie noodzakelijk werd. Renovatie werd steeds uitgesteld omdat niemand voor de dure kosten wou opdraaien.
> Het Atomium staat op grond van Brussel maar is eigenlijk eigendom van een vzw. Vanuit de privé-sector doken de wildste voorstellen op om het Atomium te renoveren en uit te baten maar het Atomium privatiseren was voor velen een brug te ver. Uiteindelijk kwam de federale regering over de brug voor de financiering in 2001, aangevuld met geld van de Brusselse overheid, de stad Brussel en de vzw Atomimum. 1000 oude aluminium dekplaten werden ook verkocht aan souvernirjagers voor 1000 € per stuk. In maart 2004 ging de 27 miljoen € kostende restauratie van start. Alle aluminium platen van de bollen werden vervangen door roestvrij staal (inox). De ontmanteling door aan touwen bengelende hoogtewerkers was een spectaculair zicht. Ook de hele metalen structuur werd grondig aangepakt door ondermeer behandeling met zandstralen. Binnenin werd het interieur helemaal eigentijds ingericht, met respect voor de sfeer uit eind jaren '50. Architecten en kunstenaars werden hiervoor aangetrokken.
> Ingenieur Waterkeyn heeft de voltooiing niet meer mogen meemaken. Hij stierf in 2005. In februari ging het vernieuwde, weer blinkende Atomium open voor het publiek. In 2008, ter gelegenheid van 50 jaar Atomium, kreeg het gebouw bovenop weer een Belgische vlag geprikt, zoals in 1958.
> Het Atomium is 103 meter hoog en elke bol heeft een diameter van 18 meter. De bollen staan op precies 29 meter van elkaar. 5 van de 9 bollen zijn publiek toegankelijk. Door middel van gewone trappen en roltrappen. In één van de bollen is een permanente tentoonstelling over Expo 58 te zien, in de hoogste bol is een restaurant. www.atomium.be
Park van Laken
> Dit groene, open graspark van golvende grasheuvels en verspreid staande bomen en bosjes (Engels landschapspark) werd aangelegd op initiatief van Koning Leopold II rond 1875 en maakte deel uit van een groter plan. Leopold II wou grote groene zones en brede lanen naar en rond het centrum van Brussel en ondermeer te Laken was daarvoor veel ruimte. In de loop van zijn regeerperiode zou Leopold II nog meer stukken grond opkopen te Laken voor allerlei prestigieuze projecten die hij meestal uit eigen zak financierde (lees: met geld dat hij verdiende aan de uitbuiting van zijn privé-staat Congo).
> Onder supervisie van de Duitse landschapsarchitect Eduard Keilig, die ook tekende voor een aantal andere parken in h het Brusselse, werd het Park van Laken aangelegd tussen 1876 en 1880. Klaar voor de viering van 50 jaar België. In het park (maar niet langs De Groene Wandeling) staat ondermeer het monument van de Dynastie, een monument in neohooggotiek. Vanop de hogere delen van het park heb je vergezichten over Brussel. In het park werden voor de wereldtentoonstelling Expo 58 allerlei tijdelijke gebouwen opgetrokken waarvan de meeste nadien weer verdwenen.
Amerikaans theater
> Nog een icoon van de wereldtentoonstelling op de Heizel: het gebouw dat Vlaanderen en Brussel kent als het Amerikaans theater waar de BRT-VRT decennia lang honderden grote shows, spelletjes en feuilletons inblikte, is gedeeltelijk een overblijfsel van het Amerikaans paviljoen.
Dat was tijdens de Expo 58 een van de populairste gebouwen. De bezoekers vergaapten er zich aan de nieuwste snufjes uit de Verenigde Staten, zoals kleurentelevisie, computer en een ruimte waarin over 360° geprojecteerd werd. Amerikaanse showattracties en gastronomie van hamburgercultuur waren toen ook nog novelties voor de Belgen. Na afloop van de Expo schonken de Amerikanen hun paviljoenen aan de Belgische Staat.
> De BRT nam er haar intrek en zou haar eerste grote publieksstudio nog gebruiken tot in 2012. In de jaren '00 vond ook Radio 2 Vlaams-Brabant hier zijn stek. De investeringen voor grondige en noodzakelijke renovatie lagen echter veel te hoog, de VRT besliste daarom om er zich volledig uit terug te trekken in 2012. Momenteel staat alles te koop en is de toekomst van het Amerikaans theater onzeker. Mogelijk wordt het als concertzaal 'een bijhuis' van de Ancienne Belgique. De muurschildering van Kiekeboe uit 2009 kadert in het thema van Brussel als hoofdstad van de stripverhalen. Striptekenaar Mehro ontwierp de Kiekeboewand zelf.
Ossegempark
> Achter het Amerikaans theater en noordwestelijk uitlopend tot het Atomium, ligt het Ossegempark. Een groot deel ervan is bebost parkgebied. De grond waar nu het Ossegempark ligt, was eeuwenlang bezit van de machtige abdij van Affligem (sinds ongeveer 1160). Tijdens de vroege bloeiperiode van de abdij waren er ondermeer een pachthoeve, wijngaard en steengroeven. Met de Franse Revolutie werden alle goederen en bezittingen van de meeste abdijen verbeurd verklaard. Meestal kwamen de gronden en gebouwen in bezit van gegoede burgerij en de nieuwe industriëlen. Ossegem werd zo eigendom van de familie Goffin die er een kasteeltje liet bouwen en de omgeving liet beplanten met beuk. In zijn drang naar uitbreiding hier in Laken kon Leopold II Ossegem opkopen in 1908. Een jaar later, met de dood van Leopold II, kwam het onder de Koninklijke Schenking. De gronden werden radicaal heringericht voor de Wereldtentoonstelling van 1935, de stad Brussel had daarvoor de gronden in 1927 aangekocht. Boomgaarden en akker moesten plaats maken voor park en tentoonstellingsruimte. Landschapsarchitect Jules Buyssens maakte van de qua reliëf meest accidentele delen een Engelse landschapstuin, een oude groeve verwerkte hij in een openluchttheater. Dat staat er nog steeds en biedt op zomerse Brusselse dagen ruimte voor muzikale evenementen in een picknicksfeer. De vijver werd voorzien van bruggetjes. Voor de wereldtentoonstelling van 1958 werd het Ossegempark nogmaals gebruikt, waarbij het kasteel Rongé plaats moest ruimen.
Graffitiwand 'The Walk' De Wand
> Het gerenoveerde tramstation De Wand, gelegen tussen Laken en Heembeek, is een aangename verrassing. De betonnen muren werden er opgefleurd met fantastische graffiti. Maar liefst 4.500 m² muur werden zo bespoten, daarmee is het de grootste graffitimuur van België, misschien wel van Europa. Tramreizigers lijken op te gaan in een wereld van fantasie.
> Dit is een realisatie van de vzw Tarantino, geleid door Gaëtan Tarantino, geboren in Parijs maar sinds zijn jeugd in Brussel verblijvend, waar hij in het wereldje van illegale graffitispuiters en tagging terecht kwam. Dat vandalisme leverde hem een gevangenisstraf en zware boetes op. Met de oprichting van een vzw en de aanvaarding van officiële opdrachten rond 2004, wordt Tarantino een legaal kunstenaar.
Neptunusfontein
> De fontein van Neptunus is een kopie van de orginele 16de eeuwse die in het Italiaanse Bologna staat. Die beroemde Italiaanse fontein werd ontworpen door de uitgeweken Vlaming Giambologna (Jan van Bologna). Hij trok na zijn opleiding als beeldhouwer op 25-jarige leeftijd in het jaar 1554 naar Italië, waar hij in dienst van het Florentijnse huis De Medici heel wat sculpturen realiseerde. Enige erotische fantasie moet Giambologna niet vreemd zijn geweest. De nymfen boven het waterbassin drukken de waterstralen rechtstreeks uit hun weelderige borsten...
> Leopold II, die met al zijn geld uit Congo wellicht geen blijf wist, kreeg het lumineuze idee om langs de Meiselaan allerlei reproducties van beroemde monumenten te plaatsen. De Neptunusfontein was er één van. Voor 143.000 goudfranken maakte de Romeinse bronsgieter Sangiorgi een kopie in 1903. Onaangename verrassing was dat het brons en marmer niet bestand bleken tegen de Belgische vrieskou. 's Winters moest Neptunus worden ingepakt, wat het beeld de bijnaam van 'De Strooien Man' opleverde. Een andere bijnaam in de volksmond was 'zwette Jef', omdat het beeld zwart uitsloeg.
Chinees Paviljoen & Japanse Toren
> Deze Oosterse gebouwen zijn geen restant van Expo 58, ze zijn nog 50 jaren ouder. Alweer een folie van Leopold II. De Belgische koning bezocht in het jaar 1900 de wereldtentoonstelling van Parijs en moet er zo danig van onder de indruk zijn geweest dat hij zelf zo'n exotische bouwwerken wilde oprichten onder het thema 'Reis rond de wereld'. In dat kader werd ook de kopie van de Neptunusfontein gerealiseerd maar meer opvallend zijn deze gebouwen.
> Leopold II ontboot de Franse architect Alexandre Marcel, die het Parijse project had gerealiseerd. De opdracht was om naar het Parijse voorbeeld een gelijkaardige Japanse toren op te trekken hier en ook om een Chinees restaurant te laten bouwen. Leopold II financierde dat 'uit eigen zak' maar door vertraging in de bouw zou hij de volledige afwerking niet meer meemaken. De jarenlange vertraging in de afwerking had ondermeer te maken met het feit dat de bouwheer bepaalde ornamenten rechtstreeks uit China liet halen, wat nog niet zo evident was begin 20ste eeuw. De Belgische staat bekostigde dan maar de afwerking in 1910. Alleen al het Chinees paviljoen zou minstens 1 miljoen franken hebben gekost.
Als Chinees restaurant zou het gebouw nooit dienst doen, er werden tentoonstellingen gehouden en later groeide het gebouw uit tot museum van Oosterse kunst.
> Ook de Japanse toren (1905) maakt vandaag deel uit van het Museum van het Verre Oosten. Je kan er niet de verdiepingen bezoeken, naar verluid omdat je er kan uitkijken over het koninklijk domein.
> Het Museum van het Verre Oosten is open elke dag. De eerste woensdagnamiddag van de maand is het bezoek gratis.
Nutteloze Koninklijke spoorlijn
> Ook deze spoortunnel is er in opdracht van Leopold II gekomen. De nogal megalomane koning had het idee om zijn koninklijke domeinen te verbinden met eigen spoorlijnen en -stations. Zo ook voor het koninklijk domein van Laken. Er moest een koninklijke aftakking komen van de spoorlijn Gent - Denderleeuw - Brussel tussen de stations van Laken en Koninklijke Halte. In een grote draai moest de spoorlijn langs het kanaal komen over een 154 lang viaduct (nooit gebouwd). Ter hoogte van de Van Praetbrug kwam een ondergronds station van 123 meter lang, dat nog steeds bestaat. Daarna draaide de lijn noordelijk om via een sleuf en de tunnel (waar we nu zijn) verder naar links te draaien, met de bedoeling de Van Praetlaan ondergronds te kruisen en zo rechtstreeks het koninklijk paleis in te lopen! Restanten van die bedding kan je nog zien op Google Earth bij de noordoostelijke vleugel van het paleis.
> De bouw werd echter nooit voltooid. In 1907 vingen de zware grondwerken aan maar in 1908 droeg Leopold II veel van zijn bezittingen over aan de speciaal gecreëerde Koninklijke Schenking, ondermeer op voorwaarde dat zijn grote werken zouden worden voortgezet. Ook de afwerking van de spoorlijn dus. Zijn opvolger Albert I verzette zich echter tegen die megalomane plannen, in 1911 vielen de werken stil. Bovendien had de tunnelaanleg toen al te kampen met grondwaterproblemen omwille van aanwezige bronnen.
Waterkerskwekerij
> De tweede verrassing hier is de waterkerskwekerij. Het is niet evident om waterkers te kweken. Niet alleen is daarvoor zuiver water nodig, er moet ook nog eens een constante aanvoer van vers water zijn. En dat is hier aanwezig midden tussen 2 drukke verkeersaders naar Brussel! Het water is afkomstig uit bronnen vanuit het Koninklijk Domein en komt via de tunnel de sleuf van de oude spoorbedding ingelopen. Verderop vloeit het water weer terug naar het Koninklijk domein om er een vijver te voeden.
> De waterkerskwekerij is sinds 2013 gerestaureerd. Er werd hier al zeker sinds de jaren '60 van vorige eeuw waterkers gekweekt. Netteke 'Cresson', zoals ze bekend stond bij groentenhandelaars, baatte toen al met haar echtgenoot een kwekerij uit. Toen haar man stierf onder de tram verkocht ze de kwekerij aan de familie Vandeneede-Steppe, die over twee generaties de kwekerij voortzetten. In de jaren '00 ging het bergaf. Vervuiling, sluikstorten en aanhoudend vandalisme werkten zo ontmoedigend dat de waterkerskwekerij werd gesloten in 2007. Alles overwoekerde snel en wat nog aanwezig was viel ten prooi aan vandalen en daklozen.
> Leefmilieu Brussel nam de oude kwekerij ter harte en ontwikkelde een plan om ze te restaureren en te integreren als een attraktief punt langs De Groene Wandeling. Het resultaat kan je nu bekijken. De kwekerij wordt beheerd door de Heembeekse zorgboerderij Nos Pilifs. De oude kweekbedden uit asbest werden over de volledige lengte van 200 meter vervangen door bedden in gerecycleerd plastic en de stadsomgeving waarin de kwekerij ligt vraagt om extra monitoring tegen vandalisme. Het is geen primair doel om er een lucratief bedrijf van te maken, het project is eerder sociaal en ecologisch gericht. Voor de dienst Leefmilieu Brussel past de waterkerskwekerij niet alleen perfect in De Groene Wandeling, het sluit ook aan bij hun programmabeleid rond voeding & milieu.
Brussels Royal Yacht Club
> De Brussels Royal Yacht Club bestaat al sinds 1906. De locatie behoort eigenlijk tot de Koninklijke Schenking, gecreëerd begin 20ste eeuw naar aanleiding van de overdracht van een groot aantal persoonlijke eigendommen van Leopold II aan de Belgische Staat maar onder bijzonder statuut. Er worden cursussen navigatie en zeilen gegeven maar de BRYC is eigenlijk al jaren vooral een overwinteringsplaats voor plezierboten die 's zomers over de Europese kanalen en kustwateren varen. Het clubrestaurant is aangenaam gelegen.
Verbrandingsoven Heembeek
> Op de achtergrond modern uitziende fabrieksgebouwen met een hoge schouwpijp: de verbrandingsoven te Heembeek. Er wordt jaarlijks meer dan een half miljoen ton afval verwerkt. De vrijgekomen stoom wordt deels omgezet in electriciteit. De oven van Heembeek was in de jaren '90 en begin '2000 aanleiding voor veel protesten, niet in het minst door aktiegroepen van Heembeek zelf, die de indruk kregen dat hun dorp wat 'de vuilbak' van het Brussels Gewest aan het worden was. Inmiddels zijn die protesten geluwd. Investeringen in oa filters beperken vervuilende uitstoot. De installaties kunnen nu zelfs worden bezocht.
Jules Van Praet
> De laan waarmee we een tijd parallel liepen en de bekende brug over het kanaal zijn genoemd naar Jules Van Praet (1806 - 1887). Van Praet ging na de Belgische omwenteling van 1830 mee onderhandelen in Londen over een koning voor België. Zijn gedegen talenkennis werd hiervoor zeer geapprecieerd. De kersverse eerste Belgische koning benoemde hem dadelijk tot zijn eerste kabinetssecretaris, een functie die hij decennia lang uitoefende, ook nog onder Leopold II. Sommigen stellen daarom ook dat hij op een gegeven moment eigenlijk de tweede machtigste man van België was, met name rond 1865, toen Leopold I aan het eind van zijn leven zijn macht niet meer aktief uitoefende.
Zenne
> Misschien niks opvallends aan maar het is pas vanaf deze plek bij de Van Praetbrug dat de Zenne weer (over 500 meter) het daglicht ziet na een kilometerslange ondergrondse passage van Brussel-Zuid tot hier.
> Zoals bekend is Brussel afgeleid van 'Broeksele', een nederzettting in een broek of moerassig gebied. Er was door Brussel eigenlijk niet één Zenneloop maar een laag stroomgebied met verschillende aftakkingen en zijbeken. Naarmate de stad zich verder ontwikkelde in de middeleeuwen, werd de Zenne gemanipuleerd door kanalisatie. Dat zorgde voor problemen door overstromingen bij hoog water. Half 19de eeuw was de rivier, die steeds meer vuiligheid moest slikken van een groter aantal inwoners, zo'n open riool geworden dat zich maatregelen opdrongen. De Zenne was een probleem geworden, temeer daar de vuile rivier door verschillende cholera-epidemies duizenden doden veroorzaakte.
> Onder de grote werken die burgemeester-bouwer van Brussel, Jules Anspach, liet uitvoeren, was de overwelving van de Zenne tussen 1867 en 1871. Daarbij verdwenen ook honderden huizen die tegen de gekanaliseerde Zenne waren aangebouwd. In de plaats kwamen boven de Zenne boulevards met klinkende namen, die het patroon van stadsverkeer radicaal wijzigden. De Anspachlaan, Zuidlaan, Adolphe Maxlaan en Emile Jacqmainlaan konden zo worden aangelegd boven de Zenne. Het paste in de tijdsgeest om prestigieuze boulevards door het centrum van de stad te trekken, ook Leopold II zag het allemaal graag gebeuren.
> Daarmee was Brussel echter wel zijn rivier kwijt en een hoofdstad zonder rivier wordt vandaag toch wel als een gemis in het stadsbeeld ervaren. Sommigen pleiten er voor om delen van de Zenne weer bovengronds te halen. De rivier is echter tot vandaag nog steeds een hoofdriool in Brussel zelf. Te Neder-over-Heembeek wordt het water gelukkig gezuiverd nu.
> De Zenne zo Vlaanderen laten instromen als een zwarte, dode riool waarop schuimkoppen en een massa vuiligheid drijven, zou vandaag ondenkbaar zijn, alleen al omwille van verstrengde milieureglementeringen op alle beleidsniveaus. Toch is die grootschalige waterzuivering van de Zenne nog relatief jong. Pas sinds 2008 is het zuiveringsstation van Neder-Over-Heembeek, dat bijna 1 miljard € kostte, operatief. En zo zwemt er stroomafwaarts door Vlaanderen voor het eerst sinds meer dan 100 jaar weer vis in de Zenne.
> Er wordt inmiddels ook in het Brussels Gewest zelf gewerkt om een gemoderniseerd waterbeleid te voeren, door het scheiden van beekwater en rioolwater bijvoorbeeld. Niet makkelijk om dat te realiseren op een waterafvoersysteem in een stedelijk milieu dat al eeuwen is gebaseerd op de loop van beken naar de Zenne en op de rivier zelf. Dit is een van de andere bekommernissen vandaag en in de toekomst voor Leefmilieu Brussel, dat ook De Groene Wandeling ontwikkelde.
Kanaal Brussel - Willebroek
> Dit kanaal, dat Brussel verbindt met de Rupel te Klein-Willebroek en zo ook met de Schelde is één van de oudste in Europa. De plannen gaan terug tot de 15de eeuw maar het duurde nog tot 1551 vooraleer de graafwerken begonnen. Ze werden in enkele jaren afgerond, ondanks de intensieve handenarbeid in die tijd. 'De Brusselse Schipvaert', zoals het kanaal toen heette, moest het drukke verkeer op de kronkelende Zenne ontlasten. Zeer tegen de zin van de toen machtige stad Mechelen, die haar tolrechten op de Zenne bedreigd zag. Het was eerst de bedoeling om het kanaal op de Dijle aan te sluiten te Mechelen maar de stad werkte dat tegen. Alternatief werd het kanaal dan maar
doorgetrokken naar de Rupel en voorzien van sluizen, vrij revolutionair in die tijd. Het kanaal was in die tijd veel smaller, slechts tot 30 meter breed en amper 2 meter diep. Door verbredingen en uitdiepingen in de 19de en 20ste eeuw is het nu toegankelijk voor zeeschepen tot 4500 ton.
Station Schaarbeek - Trainworld
> Het prachtig en gerenoveerd stationsgebouw van Schaarbeek dateert uit 1913 en verving toen een ouder stationsgebouw. Schaarbeek is één van de alleroudste treinstopplaatsen van het Europese vasteland. De eerste trein stopte hier al bij de openingsrit op 'de ijzeren weg' tussen Brussel en Mechelen op 5 mei 1835.
> Station Schaarbeek is wel fors uitgebouwd met een machtig gebouw en maar liefst 13 perrons. Het station van Schaarbeek had dan ook een cruciale rol te vervullen in geval van problemen met de treinstations in het centrum van
Brussel. Plaats voor massaal veel treinen en reizigers op te vangen hier en sporen die alle richtingen uitwaaieren. Op 29 juni 2013 sloot na bijna 150 jaar het laatste treinloket in het station, je moet het vandaag stellen met een biljettenautomaat. Inmiddels werd het stationsgebouw omgevormd tot toegangspoort voor het nieuwe Belgische treinmuseum Trainworld. Het opende de deuren in september 2015.
Walckierspark
> Als het van Leefmilieu Brussel afhangt dan wordt de Groene Wandeling door het Walckierspark gelegd. Er is echter felle tegenkanting, met name uit de hoek van de franstalige natuurvereniging CEBE (Milieucommissie Oost-Brussel) en Natuurpunt en voorlopig is er dus nog geen uitsluitsel of de meer rechtstreekse wandelroute zal worden gerealiseerd.
> Het Walckierspark is van oorsprong een oud kasteelpark, genoemd naar Adriaan Walckiers (1721-1799), een op latere leeftijd naar Brussel uitgeweken Oostvlaming die zich onder het Oostenrijkse bewind had kunnen opwerken tot grootbaljuw en zich had kunnen verrijken als succesvol bankier. Walckiers richtte dit domein - dat al zeker sinds eind 17de eeuw bestond - rond 1765 verder in met eigentijdse aanpassingen aan het kasteel en met een Engelse tuin (misschien wel de eerste Engelse tuin op het Europese vasteland, inclusief watervallen en kunstgrotten).
> Tijdens de eerste helft van de 19de eeuw kende het kasteel en zijn park opeenvolgende eigenaars. Een ervan liet het kasteel afbreken rond 1825. Het park zelf werd opgesplitst in verschillende loten, een deel werd vele jaren lang gedegradeerd tot weide voor vee. Rond 1860 kocht Edouard Vandersmissen het domein en liet er een nieuw kasteel bouwen evenals het park herinrichten. Het huidige (zij het verwilderde) uitzicht van het Walckierspark gaat grotendeels terug tot deze periode. In 1891 nemen de Zusters van de Heilige Familie hun intrek in het kasteel. Ze laten er nog wat bijgebouwen optrekken voor een meisjesschool met internaat. Rond 1921 wordt het laagst gelegen stuk van het domein ingepikt voor de rangeersporen bij het treinstation van Schaarbeek.
> In de jaren '50 van vorige eeuw wordt bijna het gehele park onteigend met de bedoeling er een snelweg door te trekken, die kwam er echter nooit. Het domein is daarna nog het speelterrein voor allerlei wilde plannen die nooit werden gerealiseerd. De verwildering zet intussen decennia lang voort, in die mate dat in de jaren '80 natuurverenigingen Walckiers herontdekken als natuurgebied. De bedreiging van mega-industriële projecten wordt succesvol afgeslagen en op aandringen van de natuurverenigingen krijgt Walckiers rond 2002 het statuut van 'groene zone met uitzonderlijke biologische waarde'. In 2003 gaat het eigendom van 4,5 ha volledig over van de Belgische Staat naar het Brussels Gewest, waaronder ook Leefmilieu Brussel valt. Het natuurbeheer is al sinds de jaren '80 in handen van CEBE-MOB, de vereniging die ook is gekant tegen de aanleg van De Groene Wandeling in het Walckierspark.
> Wat hebben CEBE-MOB en Natuurpunt tegen De Groene Wandeling dat er in 2011 zelfs bezwaarschriften werden ingediend en een petitie georganiseerd tegen de doortrekking van De Groene Wandeling door Walckiers? Ze voeren aan dat de biologische waarde te hoog is, het voortbestaan hier van enkele soorten in gevaar komt, meer dan 100 bomen zullen worden gekapt, rustverstoring en de stadsdruk van het meer dan 100.000 inwoners tellende Schaarbeek. Ongetwijfeld willen de natuurverenigingen ook het soort vandalisme vermijden waaronder het nabijgelegen en wel opengesteld natuurgebied Het Moeraske al eens onder te lijden heeft. Verder voeren ze aan dat Walckiers wel open is voor bezoekers via de maandelijkse geleide wandelingen. Als alternatief voor de Groene Wandeling stellen ze voor het tracé te laten lopen over een dienstweg van de NMBS, tussen de spoorlijnen en ten noorden van het Walckierspark (de groenzone die je ziet links als je van Antwerpen naar Brussel spoort net voor Schaarbeek).
> Leefmilieu Brussel wil voor het zeer verstedelijkte Schaarbeek met een gedeeltelijke opening (1/3de) van het Walckierspark beantwoorden aan de hoge nood voor meer recreatief groen. Behalve De Groene Wandeling willen ze er ook een speelpleintje creëren aan de rand van het park en investeren in restauratie en inrichting van het natuurgebied zelf als rustzone voor plant en dier. Er wordt momenteel op bijkomende adviesrapporten gewacht naar aanleiding van het conflict tussen beide visies. Er wordt elke tweede zondag van de maand een gratis begeleide wandeling door MOB ingericht.
Het Moeraske
> Dit erkende natuurgebied dat zowel in het nederlands als in het frans de naam 'Het Moeraske' heeft, is tussen alle druk van verkaveling en aanleg van transportlijnen kunnen bewaard blijven als historisch landschap. Eigenlijk werd het gebied door de aanleg van de spoorlijnen vanaf 1834 grondig omgewoeld maar ontstond door decennia verwildering weer een halfnatuurlijk landschap.
> Het is een langgerekte strook groen tussen het rangeerstation van Schaarbeek en het Everse Goede Herderpark. De laatste grote aanslag op het gebied was begin jaren '80 toen werken werden uitgevoerd met het oog op de doortrekking van de A1-snelweg, die er nooit is gekomen. Begin jaren '00 waren er plannen om de Thalys-spoorlijn door het gebied te trekken en de beek te doen verdwijnen. Het nog half natuurlijke gebied tussen Schaarbeek en Evere herinnert er aan dat Brussel - Broeksele - ontwikkelde op een moerassig gebied in de vallei van de Zenne. Langs De Groene Wandeling ontdekken we de hogere (en drogere) rand van het natuurgebied.
> Je kan van de wandeling afwijken door ook meer noordelijk op ontdekking te gaan in het smalle natuurgebied. Het Moeraske bestaat uit moeras, braakland, vijver en plassen, struweel, beboste helling met loofbomen en broek. Er komen zowat 350 plantensoorten voor waaronder nogal wat soorten die typisch zijn voor moerasland. Enkele invasieve exoten zijn ook aanwezig, met name Japanse duizendknoop is een pest. Ornithologen kunnen er een hoog aantal verschillende soorten vogels ontdekken en in het water komen drie kikkersoorten en 2 soorten salamanders voor. Het moerasgebied wordt gevoed door de Kerkebeek, die in Haren ontspringt en hier in de vijver uitmondt. Sinds 1984 is Het Moeraske geklasseerd als natuurgebied. Het beheer is sinds 1989 in handen van RNOB (Natagora)/ Natuurpunt. Het Moeraske staat sterk onder druk van vandalisme. Er worden maandelijks gegidste wandelingen georganiseerd (franstalig) in natuurreservaat Het Moeraske waartoe ook het afgesloten Walckierspark behoort.
> De laannaamgeving kwam er op vraag van Leopold II zelf, Van Praet was toen nog in leven. Voor zijn verdiensten kreeg Jules van Praet een staatsbegrafenis waarop uitzonderlijk ook Leopold II aanwezig was. Oorspronkelijk vertrok de Van Praetlaan rechtstreeks uit het paleis van Laken. Later werd ze een paar maal herlegd en ze loopt nu langs het met een hoge bakstenen muur omheinde Koninklijk domein.
> Voor dit werk in station De Wand bracht hij tientallen Belgische en Europese graffitispuiters te samen. De spuitwerken werden uitgevoerd in augustus 2007 en 2008. Het kostte 200.000 € en er zouden 6000 spuitbussen zijn gebruikt.
> Kort voor het pad naar links bocht kan je even uitwijken naar links om op een hooggelegen groene zone een rustbank te vinden voor een picknickstop. Hier kan je een deel van Het Moeraske overkijken. De Groene wandeling gaat via twee tunnels onder een paar wegen en komt aan de andere kant uit op het parkje Doolegt.
Je kan hier bij het vijvertje als wandelaar kort afsnijden naar links.
> We zijn inmiddels al even op het grondgebied van Evere aan het wandelen. Hier eindigt de eerste etappe in de gids maar op onze eigen etappe wandelen we nog wat verder. De volgende kilometers lopen helaas veel door bebouwing, amper door natuur.
> Ga na het doorsteekje voor wandelaars links op de straat, draait mee naar rechts (Parijsstraat) en dan op het Vredeplein (horeca, winkels) de Vliegpleinstraat in. Deze straat herinnert aan het vliegveld van Evere-Haren, aanvankelijk gebouwd door de Duitse bezetter in 1915 en na WO I de eerste internationale luchthaven van België. De Onze-Lieve-Vrouwwijk waar we wandelen, ontstond voor het luchthavenpersoneel.
> Op het volgende kruispunt kruisen we de Haachtsesteenweg. Bodemvondsten in de buurt van deze weg tussen Brussel en Haacht, wijzen er op dat de weg al moet in gebruik zijn geweest tijdens de Romeinse periode. Hij volgt ruwweg de noordelijke zijde van de Zennevallei en liep 2000 jaar geleden mogelijk verderop richting Elewijt ipv Haacht.
> Even opletten voor de markeringen van De Groene Wandeling; niet de Haachtsesteenweg volgen maar hem kruisen en achtereenvolgens de JB Bauwensstraat in en dan ongeveer dezelfde richting aanhouden tot bij het gemeentehuis van Evere (zie ook volgende pagina). Op de rotonde daar naar links en de spoorbrug oversteken.
> Hier verlieten we de Groene wandeling om rechts naar het treinstation van Evere te wandelen.
> Op een mooie lentedag lijken de grasheuvels van het Park van Laken massaal te zijn ingenomen door picknickende Belgische Maghrebijnen. Eens op de geasfalteerde Dikkelindelaan, gaan we rechts en wandelen zo langs het Amerikaans theater (aan onze linkerzijde).
> Voorbij het Amerikaans theater maakt de Dikkelindelaan een bocht naar links. Die neem je niet, je gaat rechtdoor over het wandelpad. Hier moet je momenteel kiezen. Het toekomstige traject naar de Van Praetbrug te Schaarbeek was op het moment dat we de tocht deden (2013) nog niet klaar. Een tijdelijke traject van ongeveer 3 km leidt je naar links door een tunneltje om via het tramstation De Wand aansluiting te zoeken op de Pagodenlaan van Heembeek. Het definitieve traject zal niet langs daar lopen maar tussen de Van Praetlaan en de Vuurkruisenklaan. Dat laatste traject wordt een stuk interessanter dan de ronduit oninteressante Pagodenlaan. We raden dan ook al aan om over het toekomstige traject te lopen.
> We steken het Prinses Elisabethplein (stationsplein) over en vervolgen in de Georges Rodenbachlaan. Deze stijgt tot bij het Walckierspark. De Groene Wandeling zal nu zowat volledig rond het Walckierspark lopen. Op T-kruising rechts langs het niet toegankelijke park en hogerop eerste straat links (Chaumontelstraat). Dan weer eerste links, een achterafweggetje dat lager overgaat op een steenslagpad. Op het einde meedraaien naar rechts over een pad tussen het Walckierspark en natuurgebied het Moeraske. Op dit pad wandelen we Schaarbeek uit en Evere in.
> Voorlopig traject: De Groene Wandeling gaat voorbij het Amerikaans Theater links een tunneltje door. Zo wordt een druk autowegenkruispunt omzeild. Je komt uit bij het kleurrijke tramstation De Wand.
De Groene Wandeling loopt te Schaarbeek recht op het treinstation af
Over een spoorbrug naar Schaarbeek
Geromantiseerde ets van de Brusselse Zenne rond 1850 (Paul Lauters)
Dikke Linde, begin 20ste eeuw, met op de achtergrond de Japanse Toren. De legendarische boom was toen in zijn eindstadium
Jachthaven + verbrandingsoven
Wachtend op de tram in een
omgeving van kleurrijke graffiti
Vijvertje in het Doolegtpark, aangelegd in 1992.
Tussen Goede Herderpark en Doolegtpark
Het Moeraske
De Groene Wandeling door het Park van Laken
Van rotonde naar rotonde over de Pagodenlaan te Heembeek
> Met de graffiti in MIBV-station De Wand hebben we het enige interessante van dit voorlopig traject meteen al achter de rug. De rest is booorrring...Via een rotonde loopt De Groene Wandeling de Pagodenlaan in, die is afgelijnd met rijen saaie appartementen. Veel groen is er niet te merken, enkel wat bloemen en hagen op de rotondes... De Pagodenlaan werd in 1927 opengesteld en dankt haar naam aan de oosterse paviljoenen waarlangs het toekomstig traject van De Groene Wandeling loopt. De verkavelingen vonden vooral plaats in de jaren kort na WO II.
> Na een zestal rotondes en enkele kruispunten, loopt de Pagodenlaan 1,8 km verder over in de drukkere Vuurkruisenlaan. Deze volg je tot aan de jachthaven van Brussel, waar het toekomstige traject van De Groene Wandeling er weer bij komt.
> De Groene Wandeling moet ter hoogte van de Neptunusfontein nog worden aangepast om een veilige oversteek voor wandelaars en fietsers mogelijk te maken. Neem niet het eerste zebrapad maar het tweede om de Koninklijk Parklaan over te steken en dan links verder te wandelen.
> Ter hoogte van die oversteek zie je rechts de prachtige glas- en ijzerconstructies van de Koninklijke Serres. Alweer een ideetje van Leopold II, mogelijk geïnspireerd op de Londense serres van Kew Garden. Ze worden in de lente enkele weken opengesteld voor het publiek.
> Wat verder moet je ergens de Van Praetlaan oversteken, opgelet want het autoverkeer rijdt hier snel! Vind een toegang tot het Chinees Paviljoen. Achter het paviljoen start dan de wandeling van zowat 1,8 km die de hele tijd tussen de Van Praetlaan en de Vuurkruisenlaan loopt.
> Achter het Chinees Paviljoen volg je de parkpaden. Je blijft in de groene zone, parallel met de Van Praetlaan en steekt via een zebrapad een straat over om aan de overzijde te vervolgen over het wandelpad langs de Van Praetlaan. De groene strook naast de Van Praetlaan is hier slechts 30 à 50 meter breed. Na 400 meter wacht je een verrassing: Je bereikt de ingang van een spoortunnel. Nog meer verrassend is de waterkerskwekerij die zich in de oude spoorbedding bevindt.
> Zowel het Chinees Paviljoen als de Japanse Toren zijn tot 2017 gesloten omwille van noodzakelijke renovatiewerken uit veiligheidsredenen.
> Toekomstige traject: Dat wordt een stuk interessanter en er zitten een paar verrassende contrasten tussen. Waar de Dikkelindelaan naar links draait, wandel je rechtdoor over het wandelpad en neem je ook niet de tunneldoorsteek naar links. Volg het wandelpad langs bos, het loopt naar de Koninklijk Parklaan. Links en aan de overzijde van de weg zie je een enorme Neptunusfontein.
> Meer links waar nu een grote wegenrotonde ligt, stond tot 1909 de dikke linde waarnaar de straat waar we uitkwamen is genoemd.
> We steken over verscheidene honderden meters de Van Praetbrug over en kruisen daarbij nogal diverse verkeersaders.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Groene wandeling (56 km)