Startpagina > Wandelen > GR 575/576
> Twee interessante dorpen langs deze tweede etappe van GR 575/576 A Travers le Condroz, die het verdienen om even 'te blijven plakken' daar: Spontin, gelegen in de vallei van de snelstromende Bocq en het dorpje Crupet, één van de mooiste van Wallonië. Tussenin loopt het het traject van GR 575/576 door de mooie, intieme vallei van het riviertje Bocq en over de glooiende heuvels van de Condroz met vaak mooie open zichten. Kleinere boerendorpen en -gehuchten in de valleien zoals Taviet en Ivoy maken het plaatje kompleet.
> In 2008 werd het domein te koop aangeboden (2,8 hectare inclusief dus de omliggende gebouwen). De gevraagde verkoopprijs van 3,6 miljoen € bleek veel te hoog. Een kasteel onderhouden vandaag is dan ook geen lachertje. En zo ging het kasteel van Crupet onder de hamer met een publieke verkoop, georganiseerd in een patisserie te Courrière. Op de 2de zitdag werd een prijs geboden van 1,26 miljoen € door Hollanders. Vooraleer een 3de zitdag plaats vond, kwamen de eigenaren tot een akkoord met de Hollandse familie De Bever uit Den Bosch, dat was in de zomer van 2009. Vermoedelijk is het kasteeldomein verkocht aan hen voor een prijs van zeker 1,5 miljoen € maar de Hollanders willen hierover niet communiceren. Het valt te betwijfelen of ze het bijzonder pittoreske kasteeltje ook nog zullen openstellen voor bezoekers. Helaas.
Kasteel van Taviet , ooit helemaal
omwald door een slotgracht.
GR 575/576 tussen Tige de Taviet en het dorp Taviet
> De bushalte in Tige de Taviet aan de N 936 is een handige plek om snel bij het treinstation van Ciney te geraken met TEC-bus 43/1. Ciney en het eindpunt, het treinstation van Sart-Bernard, liggen op dezelfde treinlijn, het is slechts 20 minuten sporen tussen de 2 stations. De dorpen Spontin, Durnal en Crupet zijn ontsloten door TEC-bus 128a die Yvoir met Ciney verbindt. Cafés, tavernes en restaurants onderweg in Spontin en Crupet (resto). In Spontin inkoopmogelijkheden. Je komt bij het verlaten van Spontin langs een wat verborgen gelegen superette. In Durnal komt de vernieuwde GR 575/576 niet meer langs de camping daar. Ze ligt er 2,5 km af. Camping Le Bocq van Purnode ligt iets dichter (zie ook bij wandelinfo). Het kasteel van Spontin is sinds de moord op de kasteelheer enkele jaren geleden niet meer te bezoeken. Mits uitgekiende planning is het mogelijk om op sommige dagen een ritje met de toeristische trein van de Bocq-spoorlijn te combineren met wandelen over GR 575/576.
> Op eindpunt Sart-Bernard nam ik vroeg op de morgen de trein naar Ciney. De treinwagon was bijna leeg op dit landelijk traject. In Ciney had ik nog mooi de tijd voor een koffie in het stationsbuffet vooraleer de bus te nemen naar Tige de Taviet op deze frisse nazomermorgen. Op de bus had ik een aangename kennismaking met een man die zeer geïnteresseerd was in waar ik ging stappen. Bleek dat hij ooit nog mee had geholpen aan markering van de oude GR 575. Spijtig van de korte busrit, ik had best nog wat langer met die oude man wil babbelen, als pionier van de GR 575-ploeg wist hij zeker nog veel meer te vertellen over het pad.
> In Tige de Taviet, daar waar GR 575/576 de snelle N936 oversteekt, ben ik dus uit de bus gestapt om de tocht verder te zetten. Aan de overkant van de N936 vervolgt GR 575/576 over een licht ingesneden graspad naar het dorp Taviet.
Kasteeldomein Taviet, sequoia
Vijvers van de oude watermolen
Langs koolzaadvelden naar het Bois de Thynes
Windmolens van Dorinne
> Onderweg zie je rechts het kasteel van Taviet. In het dorp ben ik even een paar meter het kasteeldomein ingewandeld. In het park zijn enkele mooie bomen waaronder een imposante sequoia. Nu, lang heb ik het daar niet uitgezongen, de furieuze kasteelheer, Ghislain Le Hardy de Beaulieu kwam aangestormd om van zijn oren te maken.
Bienvenue à Taviet!
> Voorbij een eerste windmolen draait GR 575/576 op een kruispunt van veldwegen rechts. Anderhalve kilometer verder, bij een volgende kruispunt, kiest GR575/576 weer rechts. Dat pad wordt verderop meer grassig, dit is een oude Romeinse weg. Ergens moeten we hier vlakbij het geografisch middelpunt van Spontin lopen. Officieel ligt dat in het centrum van Spontin (monument in het parkje bij het kasteel daar) maar feitelijk zou het hier ergens moeten zijn (coördinaten?).
> De 'Romeinse heerweg' draait in een zachte bocht geleidelijk meer noordelijk en gaat uiteindelijk dalen naar Spontin toe. Onderweg kom je nog langs een staafkapel die langzaam opgeslokt wordt door een dikke linde. 5 minuten later passeer je in de buurt van de kerk van Spontin, die je bereikt via een smal buurtpad. Het pad komt bij de hoofdweg door Spontin.
> In het dorp zijn verder nog een grote hoeve en vijvers, waarlangs GR 575/576 passeert. De kerk is de oude kapel van het kasteel, eigenlijk is heel Taviet een typisch kasteeldorp. Even door open veld om een bospad te bereiken. In dat bos kan je nog vele oude grenspalen vinden waarvan de merktekens over de jaren weggesleten zijn.
> Als het pad weer bos uitkomt, bereik je een gehucht van 2 aktieve boerderijen, La Romerée. Van hieruit worden de enorme akkers bewerkt die GR575/576 nu zal doorkruisen.
Linde die een oude staafkapel 'opvreet'
Taviet, heerwegenknooppunt
> In de plaatsnaam 'Taviet' herken je het woord...'taverne' of 'taberna' in het Latijn. Taviet ontwikkelde bij een belangrijk kruispunt van heerwegen. Zo liep van hier een weg noordelijk via Namen en Elewijt naar Rumst, zuidelijk liep deze heerweg verder richting Nassogne en Aarlen. Er was een andere weg die vanuit Bavay en Chimay kwam en doorliep naar Vervoz (zie ook etappe 9 Vervoz) en verder naar Keulen. Wellicht was er ook een weg die richting Andenne en/of Huy liep (zie ook etappe 3 Andenne).
> Aan deze verkeersknoop zou dan in de eerste eeuwen van de tijdrekening een 'taberna' zijn geweest, een pleisterplaats voor reizigers en soldaten waar proviand te vinden was en eventueel de mogelijkheid om er te overnachten of paarden te verversen. Opgravingen van funderingen en objecten uit de Galloromeinse periode rond het kasteel van Taviet bevestigen dit verhaal. Taviet ontwikkelde vreemd genoeg niet tot een nederzetting van betekenis, ondanks zijn strategische ligging.
Spontin, vergane glorie
> In de eerste toeristische gids voor de Ardennen was auteur Jean d'Ardenne in de 19de eeuw zeer lyrisch over Spontin, een fragment: 'Het gracieuze kasteel met zijn torens als peperbussen wordt omringd door de waters van de Bocq, die een prachtige spiegel vormen, gebroken door talrijke dammen en kabbelende stroomversnellingen. Daarrond ligt een zo perfect uitgebalanceerd geheel dat het lijkt of alles, gebouwen en landschap, speciaal ontworpen zijn, het meesterwerk van een magische artiest. Dat is Spontin'. Het dorp oogt inderdaad mooi op de zonnige dag waarop we hier passeren. De Bocq glinstert en reflecteert nog steeds als een golvende spiegel tussen de vele oude gebouwen.
> Tussen ongeveer 1950 en 1980 was Spontin één van de bekendste toeristische plaatsjes van Wallonië. Een combinatie van een bezoek aan het schitterende kasteel en de bekende fabrieken van Spontin-waters was toen zeer populair. Dat is vandaag allemaal voorbij. Het dramatische verhaal over hoe Spontin weer in de vergeethoek belandde:
Spontin, kerk
> Het kasteel van Spontin is qua uitzicht één van de attraktiefste in Wallonië. Het ziet er uit als een prototype van een versterkte burcht, inclusief slotgracht en ophaalbrug. De huidige gebouwen gaan grotendeels terug tot de 14de -15de eeuw, pas later zijn ze voorzien van meer en grotere vensters. In die tijd was het nog nodig om kastelen volgens een militair concept uit te bouwen. Stevige, dikke muren en torens in de lokale kalksteen dus en een gracht met ophaalbrug. Invloed toch ook van de overgangsperiode van burcht naar residentieel kasteel, zoals de toevoeging uit 1622 van een nieuwe toegangspoort met bijgebouwen, een ereplein met park en de vele vensters getuigen.
> Voorbij een wegkruising klimt 575/576 zacht over een veldweg hogerop het plateau. De weg wordt even hol en draait daarna mee westelijk, recht op een windmolenpark af. De windmolens zijn hier opgericht in 2006 en zijn gelegen op het grondgebied van Thynes (Dinant) en Dorinne (Yvoir) op een plaats die Salazine heet.
> Van het oorspronkelijke kasteel uit de 13de eeuw dat er stond, is er ondermeer een donjon overgebleven. De kasteelheer die er rond 1275 woonde ging een alliantie aan met die van Celles en Goesnes in de beginperiode van de oorlog om de koe . Ze trokken samen op strafexpeditie tegen de baljuw van Ciney. (zie ook etappe 4 Goesnes en de oorlog om een koe)
> Het kasteel van Spontin werd in 1990 gekocht door Robert Vermeersch en enkele financiers. Robert Vermeersch was gepassioneerd door de middeleeuwen en gidste op zijn oude dag zelf nog dagelijks toeristen op een levendige manier door zijn kasteel. Mijnheer Vermeersch had het niet gemakkelijk om zijn kasteeldomein financieel te runnen, hij woonde er bovendien alleen. Zijn hele kapitaal stak er in en om de zaak wat leefbaar te houden werden ook enkele kamers als 'chambre d'hôte' ingericht.
> In één van de bijgebouwen woonde in 2004 de toen 39-jarige Duitse Uwe Brodesser en zijn Bulgaarse vrouw. Ze hielpen de 78-jarige kasteelheer op het domein met allerlei klusjes. Uwe Brodesser was een man die van aard nogal lui was, dingen stal en opvliegend was, zeker als hij had gedronken. Op 2 mei 2004 kwam het tot een hoog oplopende ruzie tusen Robert Vermeersch en Uwe Brodesser. In een dronken staat nam Brodesser een ijzeren tafelpoot en sloeg daarmee Vermeersch de kop in, 18 maal na elkaar. Vermeersch werd een tijd later gevonden in een plas bloed en werd nog naar het ziekenhuis afgevoerd waar hij kort daarna overleed. Al snel werd Brodesser verdacht van de moord. Hij werd op 11 oktober 2006 veroordeeld tot 20 jaar opsluiting.
> Sinds de moord is het kasteel gesloten voor bezoekers. Het ziet er niet naar uit dat daar snel verandering in komt. De gemeente Yvoir is niet geïnteresseerd om te investeren te samen met de vereniging die het kasteel bezit om een aantal noodzakelijke aanpassingen (oa ivm met de veiligheid) te bekostigen die nodig zijn voor een eventuele heropenstelling.
> Spontin was tot een paar decennia terug een naam die over de hele Benelux bekend was omwille van het mineraal water en misschien nog beter voor de limonades die er werden gemaakt. Voor 1980 moest Spontin qua naambekendheid niet onderdoen voor Spa of Chaudfontaine.
> NV Spontin werd opgericht in 1921. De fabriek werd ontwikkeld op een goeie 500 meter ten noorden van het centrum van Spontin en gelegen langs de spoorweg van de Bocq. Rond de fabriek werden Engelse tuinen aangelegd, het was eigenlijk een mooie site voor een bedrijf. In de jaren '50 werd Spontin opgekocht door Spa Monopole, nog later werd het te samen met Bru een dochteronderneming in de Spadel-groep. De Spontinfabriek was tot ongeveer 1980 een populaire attraktie voor bezoekers die er gratis de moderne afvullijnen konden bekijken. Van het merk Spontin waren op den duur nog enkel de siropen bekend. Spadel liet er uiteindelijk enkel nog limonades bottelen voor derden, waaronder de Unilevergroep.
Zonnestralen op een paradijselijk
stukje GR 575/576
> Rond 2007 stoot de Spadelgroep Spontin af, ze willen zich vooral focussen op hun sterke merken en Spontin is over de jaren heen als merk weg gedeemsterd. Enkele Hollanders nemen de fabriek over en richten opnieuw de NV Spontin op. Ze focussen zich op de aanmaak van de siropen en frisdranken als biologisch produkt. Er zijn dan nog een kleine 50 werknemers tewerk gesteld. De nieuwe strategie is geen succes, Spontin blijft voor zowat 80 % van de produktie afhankelijk van Unilever waarvoor ze flesjes Lipton Ice Tea bottelen in Spontin. Als het dan tot problemen komt tussen de fabrieksdirectie en Unilever is het over en out met Spontin. In augustus 2010 wordt de NV Spontin failliet verklaard. Gesprekken met verschillende overnamekandidaten mislukken omdat de Nederlandse eigenaar van de merknaam Spontin deze niet wil verkopen.
> Eigenlijk drinken we misschien zonder het te beseffen dagelijks nog Spontinwater. Het is namelijk zo dat Vivaqua sinds 1899 drinkwater capteert in de omgeving van Spontin. Zo vindt dagelijks tussen 16.000 en 45.000 kubieke meter Spontinwater via 80 km buizen zijn weg richting Brussel! En dat komt zomaar uit het waterkraantje.
> Met een failliete drankenfabriek en een gesloten historisch kasteel is het dus niet zo verwonderlijk dat het tegenwoordig rustig is in Spontin. Vroeger waren hier goed draaiende cafés, restaurants, souvernirwinkels en hotels. Een bijzonder aangename wijze om vandaag de vallei van de Bocq en de omgeving te ontdekken is de spoorlijn van de Bocq. Van de lente tot de herfst richt een vereniging van vrijwilligers nostalgische treinritten in op de Bocq-spoorlijn. Website.
> Vanaf de kerk van Spontin volgt GR 575/576 sinds 2012 een nieuw traject. Je loopt bij de kerk niet meer naar de watermolen maar volgt over ongeveer 400 meter de Chaussée de Dinant (hoofdstraat door Spontin) naar links. Dan rechts, langs een supermarktje en op de parking daar vervolgen we rechtdoor over het linkse, stijgende bospad.
> Op het hoogste punt van de stijging komen we bij een open plek op een grassig pad en we gaan daar rechts. Dit pad gaat al snel dalen. Een daas en teek ambeteren me wat. Wat verder loopt het pad weer bos in en het gaat wat sterker dalen. Een heel eind lager nemen we op de V-splitsing de rechtertak en 50 meter verder komen we op asfalt, waar we links gaan. We volgen hier eigenlijk een interdorpenpad dat richting het gehucht Chansin loopt.
> Langs een open plek met de naam 'Le Bailoy'. Onderweg is er nogal wat witte rapunzel te zien in mei/juni. De steengroeve van Chansin laten we rechts liggen om te vervolgen rechtdoor over het asfaltweggetje door de ingesneden Bocqvallei. De rivier is er dus inmiddels bijgekomen en daar duikt ook de Bocq-spoorlijn op. We bereiken het voormalige stationnetje van Dorinne-Durnal op de mooie, oude Bocq-spoorlijn.
Witte rapunzel
Pad stijgend door bos voobij Spontin
Over een oude 'chaussée romaine' naar Spontin
> Om in aanmerking te komen voor deze lijst moet het dorp nog een rurale omgeving hebben, een architecturaal waardevol erfgoed hebben (geklasseerde gebouwen en monumenten) en zeker niet onbelangrijk: Er moet een duidelijk engagement zijn vanuit de lokale bevolking (zowel gemeentebestuur als verenigingen) om het dorp en zijn erfgoed door middel van akties en aktviteiten zo optimaal mogelijk tot zijn recht te laten komen en aldus een gastvrij karakter te creëren. Krijgt het dorp zo'n label dan kan het ook rekenen op advies en promotie door de vereniging. Die heeft haar zetel hier in Crupet.
> Er zijn in Wallonië momenteel 24 dorpen die het label van 'één van de mooiste dorpen van
> Ietsje verder komen we bij een brug over de Bocqspoorlijn. Niet de brug over maar nog 50 meter verder over de asfaltweg. Waar deze een haarspeldbocht naar links maakt gaan we (op een open plek) rechtdoor (ongeveer linksvoor). Deze koele bosweg brengt ons weer snel bij een ruisende Bocq. Op een V-splitsing het dalende pad nemen naar de rivier. We kruisen een paadje dat naar een pompstation van Vivaqua loopt en kort daarna komen we uit in een bocht van een stenig pad. We volgen het rechtdoor, zo ook in de vallei van de Bocq blijvend.
> Het is een lekker wild pad en aan je linkerzijde vind je wat verder een bron langs het pad, waar welig water uitstroomt. Hier kan je ook lievevrouwbedstro opmerken. Kort daarna op de linkerzijde relatief hoge rotsformaties, het is hier prachtig wandelen langs dit geïsoleerd gelegen stukje kabbelende Bocq. Veel varensoorten ook waaronder tongvaren en steenbreekvaren. Het stenige pad gaat wat stijgen en hogerop de spoorbrug over.
> Aan de andere zijde naar links en we blijven op het rotsige hoofdpad. Weer afdalen in de vallei en de Bocq oversteken wat verder. Links van ons vervallen ruïnes. Op het kruispunt van paden hier rechtdoor vervolgen, even stevig stijgend. Eens boven botsen we weer op de spoorlijn. Mooi uitzicht over enkel tunnels en bruggen van de spoorlijn verderop.
> 100 meter langs de spoorlijn en dan rechts kort omhoog naar een open plek bij een verlaten steengroeve. Scherp rechts hier, meedraaien. Indien je de camping 'Le Bocq' wil opzoeken moet je niet scherp rechts nemen maar rechtdoor wandelen met de groeve aan je rechterzijde en na zowat 250 meter ga je links naar de Bocqvallei.
> Over GR 575/576 lopen we langs de rand van de groeve (die aan onze linkerzijde ligt) en we blijven op deze 'hoofdweg', ook als we even later de groeve verlaten en stevig omhooglopen door bos. Een groot deel van dat bos wordt blijkbaar gebruikt door Vivaqua voor waterwinning.
> Aan de bosrand gekomen vervolgt de stijging nog een tijd, maar meer geleidelijk. Een hele tijd zo tussen akkers lopen en een dikke kilometer na de bosrand lopen we in het verlengde van de veldweg over asfalt langs een paar huizen tot de weg Durnal - Crupet. De dubbele weg oversteken hier en bij een electriciteitscabine en een rustbank nemen we een wegje in ongeveer dezelfde richting verder.
> Op de V-splitsing wat verder links, 'Herleuvaux'. Voorbij een paar huizen die in de schaduw staan van een prachtige linde en even dalen. Hier in Herleuvaux kwam het oude tracé vanuit Spontin van rechts aan over een buurtpad. Beneden gaan we links een oeroud pad op tussen weiden dat verderop sterk hol wordt en door een overkapping van groen loopt, dalend naar Crupet. Plots arriveer je op het dorpsplein van één van de mooiste Condrozdorpen, Crupet.
De Bocq-spoorlijn
> Spoorlijn 128, beter bekend als de Bocq-spoorlijn of Chemin de fer du Bocq, is zonder twijfel één van de mooiste spoorlijntrajecten door België. De spoorlijn loopt door de smalle vallei van de Bocq onder en over nogal wat bruggen en tunnels, dat alles in een sterk beboste omgeving. De eerste delen werden in 1898 in gebruik genomen en tegen 1907 was ze helemaal klaar, van Ciney tot Yvoir, een goeie 20 km lang. De enkelsporige lijn verloor passagiersvervoer al in 1960. Regelmatig goederentransport ging nog 10 jaar langer
door en tot 1983 maakte de NMBS nog gebruik van de lijn voor uitvoer van ballastmateriaal uit een steengroeve. Dat de sporen nadien ook zijn blijven liggen komt door de militaire functie die de spoorlijn nog had kunnen vervullen indien noodzakelijk. Ook de meeste stationsgebouwen zijn nog bewaard gebleven. Dankzij vrijwilligers van de vereniging Toerisme en Spoorpatrimonium rijden er sinds 1992 soms weer toeristische treinen op het spoor. Er wordt op een onregelmatig schema vooral tijdens de weekends van juli, augustus, september en oktober gereden, meestal met autorail, soms met een stoomloc.
Spoortijden en meer info.
Crupet, mooi dorp

Vereniging van de mooiste Waalse dorpen.
> De vzw 'Les plus beaux villages de Wallonie' werd opgericht in 1994. Bedoeling was om een aantal Waalse karakterdorpen een kwaliteitslabel toe te kennen en ze op langere termijn te steunen en promoten. Het idee was niet origineel, in Frankrijk werd reeds in 1982 een gelijkaardig initiatief genomen. Inmiddels is het concept ook in een aantal andere landen overgenomen.
Wallonië' dragen. De volledige lijst is te vinden op de website van de vereniging en er bestaat een gids over met ondermeer lokale wandelingen in en rond elk van deze dorpen. Dat er geografisch gezien in verhouding nogal veel dorpen uit de provincie Namen het label kregen (10 van de 24) heeft wellicht te maken met het feit dat het initiatief vanuit de provincie Namen is gegroeid.
> Voor nogal wat dorpen heeft dat dingen positief veranderd. Een aanzuiging van toeristen creëerde mogelijkheden voor de horeca en dus tewerkstelling. Restauratie-dossiers worden onder handen genomen, streekprodukten ontwikkeld enz... Nadelig dan weer is dat prijzen van huizen omhoog gaan en dat er moet over worden gewaakt dat sommige dorpen geen dode museum-dorpen worden. We passeren er 3 langs GR 575/576: Celles, Mozet en dus ook Crupet.

Kasteel van Crupet

> Crupet telt zo'n 500 inwoners en ligt op het grondgebied van de gemeente Assesse. Het dorp ontwikkelde zich op de zuidhelling van het nogal ingesneden dal van de Crupetbeek. In die vallei liggen molens en vijvers. Ze brachten de dorpsbevolking vroeger welvaart. Meest opvallend is het fotogenieke kasteeltje van Crupet. Het is waarschijnlijk gegroeid uit een versterkingstoren die hier in de 13de of 14de eeuw is gebouwd. Bewijs daarvan zijn de nog 1 meter dikke muren van het onderste gedeelte, typisch voor die tijd.
Steengroeve Herbois
> Deze steengroeve van 10 hectaren waar tot eind jaren '90 gemalen steen en grote blokken harde zandsteen werden gewonnen, is vandaag een site met verhoogde biologische waarde. Behalve klassieke pionierbegroeiing zoals berk en vlinderstruiken, duikt er ook meer zeldzame fauna en flora op, zoals Duits viltkruid, muurhagedis, kiezelsprinkhaan en vroedmeesterpad.
Crupet, Sint-Maartenskerk
Crupet in 1743 (gravure Remacle le Loup)
> Zoals we eerder al langs onze tocht over GR 575/576 konden vast stellen, was een stevige versterking nodig voor landheren die enige macht wilden uitstralen. Komt daar nog bij dat Crupet toen een enclave was van het prinsbisdom Luik in het land van Namen en het er niet steeds even vredig aan toe ging (cfr de oorlog om een koe tussen de machtsblokken van oa Namen en Luik).

Sint-Antoniusgrot
> Wel erg apart is de grot van Sint-Antonius, in het centrum van het dorp gelegen. Ze werd gebouwd in 1900 op initiatief van de toenmalige pastoor Jules Gérard. Vond hij inspiratie bij pastoor Laloux van Conjoux (zie etappe 1), die rond 1900 zijn grottencomplex klaar had? Moeilijk te zeggen maar hij kreeg zijn parochianen alvast zeer gemotiveerd om elke zondag hard labeur te verrichten.
> Tonnen aarde werden aangevoerd en uit de bossen werden 300 ton kalkblokken aangesleurd. Die werden met zo'n 30 ton cement aan elkaar geklit (beton bestond in die tijd nog niet) om het bouwsel stabiliteit te geven. Er moet hard aan zijn doorgewerkt, want op 12 juli 1903 werd de Sint-Antoniusgrot ingehuldigd. Binnenin staan 18 beelden die het leven van Sint-Antonius van Padua illustreren.
> De kleurrijke beelden zijn afkomstig uit een fabriek in Vaucouleurs (N-Frankrijk) (What's in a name?). Niet ongewoon voor die tijd is het thema van contrast tussen goed en kwaad, het meest komt dat tot uiting door de imponerende duivel die moet terugdeinzen voor de jonge Antonius die het kwade bezweert.
> Vandaag is het misschien moeilijker voor te stellen maar deze meer dan levendige wijze van moraalleer sprak gelovigen rechtstreeks aan. De beelden zijn uit gips gemaakt en kleurrijk beschilderd, 3 zijn in brons waaronder dat van de duivel dat 703 kilo weegt.
Dalend pad naar Crupet tijdens de winter
> Vandaag bestaat het kasteel uit meerdere gebouwen die geen harmonisch geheel vormen, het is echter ook nu nog de opvallende toren die het meest in het oog springt. Hij is ook bekend onder de naam Tour de Carondelet. Die kalkstenen toren is herbouwd in de loop der eeuwen tot de vreemdsoortige en best mooie constructie die we nu zien. Zo dateert het vakwerkgedeelte met gebakken steen uit de 16de eeuw.
> In dezelfde periode werd de ronde kalkstenen toren gebouwd. Hij herbergt een eiken draaitrap waardoor je toegang hebt tot de verschillende etages. Dat was vrij nieuw voor die tijd. Later zouden veel kerktorens en kastelen met zo'n ronde uitspringende toren worden uitgerust. De vensters zijn 16de en 17de eeuws, ze vervingen schietgaten. Het kasteel van Crupet is eigenlijk nooit uitgegroeid tot een groot domein, hoewel er achter het kasteel een herenboerderij kwam waarvan nog een deel recht staat.
Jules Gérard
> De parochianen hebben hun herder niet vergeten: Pastoor Gérard kreeg ter gelegenheid van zijn 60 jaar priesterschap zelf een beeld bij de toegang tot de grot. Hij is trouwens na 44 jaar dienst als pastoor van Crupet begraven in de grot zoals je kan aflezen uit een herdenkingsplaat uit 1932, achteraan de grot.
> Vandaag wordt de Sint-Antoniusgrot van Crupet meer bezocht door toeristen uit curiositeit dan uit devotie. Sommigen vinden het vreselijke kitsch, anderen zien er misschien toch kunst in. In dat laatste geval sluit het misschien nog het beste aan bij de Art Brut stijl, zoals de toren van Eben-Ezer (langs GR 5).
> Wandelend door Crupet kan je in de smallere straatjes zeker nog oude huizen zien, opgetrokken in grijze natuursteen maar ook met vakwerk en kalkzandsteen. Vele van die huizen zijn de voorbije 20 jaar helemaal gerestaureerd. Ze zijn oorspronkelijk uit de 16de, 17de eeuw. Ook het restaurant 'Auberge de la Vallée' was 16de eeuws maar hij brandde in 2006 volledig uit. Toen ik er de eerste keer langs kwam, hing er nog een menukaart tegen de ruïne. Het is dit restaurant waarover Rik van Walleghem een bijzonder hilarisch stuk schreef in het boek 'België, absurdistan'.

Linde
> Zeer mooi is ook het dorpsplein. Van de stoere maar sierlijke Sint-Martinuskerk is de toren het oudst, voornamelijk in grijze Condroz-steen gebouwd. De oude linde die op het dorpsplein staat, was tot 2004 een monumentale boom. De linde was opgenomen in het klassieke boek 'Monumentale bomen van België' van Waters en Bossen uit 1978. 'Deze boom is even hoog als de kerktoren', stond er bij geschreven. Zijn stam was misschien niet zo dik (3m68 cm in 1978) dan andere monumentale exemplaren die we langs GR 575/576 tegen komen maar hij was 25 meter hoog en had een prachtige kruin. Ooit stond er nog een tweede linde bij het kerkhof, maar die is 50 jaar geleden omgevallen op de kerkhofmuur.
De foto links nam ik in 2007. De halfdode linde was toen al 'bijgeknipt' maar zou enkele weken later nog veel drastischer worden ingekort. De foto rechts is van Wikipedia en toont wat er nu nog is overgebleven van de linde.
> GR575/576 gaat links weg van het dorpsplein en neemt dan rechts de Rue de Messe, het mooiste straatje van Crupet, met enkele eenvoudige kleine huisjes, mooi gerenoveerd. Over een hol paadje daal je dan naar een asfaltweg in de vallei van de beek van Crupet. Tijd voor nog een kort omwegje. Verlaat even GR 575 en wandel op deze asfaltweg rechts tot het fotogeniek kasteeltje van Crupet.
> Terug naar GR 575/576, die een tijdje de asfaltweg volgt in de richting van Mont door de beekvallei van Crupet. Bij een brugje rechts deze beek over om rechts een stijgend paadje te nemen dat hogerop scherp links doorstijgt tot het plateau. Over een prettig graspad door halfopen landschap lopen we nog wat hoger tot een kruispunt van paden bij een bosrand. Rechts hier naar een boerderij waar je wat verder in zigzag over het erf loopt. Aan de andere kant volg je de geasfalteerde toegangsweg naar de boerderij. In een bocht van deze weg, met prachtig uitzicht over het dorpje Ivoy, passeer je een mooie staafkapel, gewijd aan de heilige voor bescherming tegen bliksem en hagel, Sint-Donatius.
Ivoy
Vliegenzwam
Van Ivoy naar Château d'Arche
Sint-Donatiuskapel onderweg naar Ivoy
> Langs een indrukwekkende vierkantshoeve kom je Ivoi in. Bij de eenvoudige maar mooie oude kerk (rustbank) nam ik even een pauze. Het is blijkbaar goed leven in Ivoi, de jongste grafzerk op het kerkhofje rond de kerk is alweer 5 jaar oud. Kort na Ivoi kwam ik enkele borden tegen met jachtaankondiging. Dus ook open veldgebied wordt soms afgesloten voor jacht.
> Langs ruïnes loopt GR575/576 verder in noordelijke richting over een mooie oude weg, langs populierenbos om dan het 17de eeuwse château d'Arche te bereiken, een kasteelboerderij die tegenwoordig voor grote feestelijkheden wordt verhuurd. De dreef naar het kasteel is afgelijnd met oude linden. Er staat een oude kapel met chronogramtekst. Ze is uit 1678 en gewijd aan Notre Dame de Saint-Foy, opgericht in een tijd waarin dat bedevaartsoord waar we tijdens de vorige etappe langs kwamen, zeer populair was.
> Na dit kasteel even de weg Lustin - Maillen over om dan het Bois d'Arche in te trekken. Het grootste deel van dit bos is privé-eigendom. Ook hier jachtaankondiging. Het geluk is met mij want ik wandel tussen 2 jachtdagen in. Voorbij een soort neogotische kapel en afdalen door bos tot het beekdal van de Tailfer. Over de beek licht rechts en klimmen in dicht bos om hoger links te draaien.
Château en Ferme d'Arche
Markering GR 575/576
> Na nog een bocht, waar GR 575/576 de noordelijke wandelrichting herneemt, vlakt de klim uit. We verlaten even later het bos om door open veld naar Sart-Bernard toe te lopen. Bij het kerkhof van Sart-Bernard en voor je een kapel voor OLV van Halle bereikt rechts langs de kerkhofmuur. GR 575/576 trekt door een wijk en loopt dan een stuk verderop links.
> Over een uitgekiend traject dat een aantal verharde buurtwegels combineert, komt het pad een kwartier later uit in de buurt van het treinstationnetje van Sart-Bernard. Voilà, eindbestemming van een mooie en gevarieerde wandeldag, misschien wel de leukste etappe op de hele GR575/576.
Carrière d'Herbois
Een zeldzame kolibrievlinder langs de Bocq-spoorlijn
> In de lente van 2004 waren de inwoners van Crupet verbaasd. De linde ontwikkelde plots geen bladeren meer, enkel op de laagste takken. Van het éne op het andere jaar bleek hij plots ten dode opgeschreven. Onderzoek heeft uitgewezen dat de hoofdschuldige wellicht het gebruik van herbiciden is door het gemeentepersoneel. Sommige van die middelen zijn erg krachtig en hadden blijkbaar na enkele jaren de boom hard aangetast. Linden zijn daarvoor extra gevoelig en zo is de linde van Crupet eigenlijk een symbool geworden van mishandeling van natuur door chemische produkten. Waarschijnlijk werd Diuron gebruikt, een herbicide dat jarenlang kan doorwerken en waarschijnlijk een pak wortels van de linde heeft kapot gemaakt. Naar aanleiding hiervan springen lokale besturen omzichtiger om met agressieve onkruidverdelgers, Diuron is trouwens verboden sinds een aantal jaren.
> In 2005 werden voor het eerst wat dode takken verwijderd en afgezaagd. Eind 2007 ging was de aanpak drastischer. De linde werd sterk ingesnoeid om het gevaar op afbrekend dood hout te vermijden. Hiervoor werd een team ingeschakeld met alpinistische ervaring. Sinds 2008 staat er dus een zeer sterk ingekorte linde, de oude trots is gekortwiekt. Jonge takken ontwikkelen zich op de overgebleven stompen, het duurt wellicht nog jaren voor de linde weer een mooie kruin zal ontwikkelen.

 

 

 

 

 

 

GR 575/576 Condroz (293 km)