Startpagina > Wandelen > Streek-GR Mol-Om
> Bij de kanaalbrug van Mol-Gompel even links om dan de brug te op te gaan en zo het kanaal over te wandelen. Aan de overkant van het kanaal Dessel - Kwaadmechelen eerste straat rechts in en verderop meedraaien naar links door de cité van Glaverbel. Wat verder een toch wel heel speciaal gebouw, het zogenaamde 'casino'.
> Op tijd gestart, want 43 km is toch een behoorlijke afstand. De officiële startplaats ligt niet in het centrum van Mol maar bij de sportterreinen en de sporthal van Mol, op 600 meter van de Markt. Tegenover de cafetaria van de sporthal staat een oude, houten wegwijzer en wat verder staat een nieuwer bord van de Mol-Om.
> Van aan de sporthal Den Uyt zie je de kerktoren van Mol boven de bomen pieken, de geelrode GR-streepjes brengen je over de Kleinendijk en de Rivierstraat dan ook op een goeie 5 minuten op de toch wel mooie Markt van Mol.
> GR Mol-Om gaat voor de kerk schuinrechts om er naast café 'Onder den Toren' rechts een wandelpad op te pikken. Verderop is het geasfalteerd en loopt het langs de oever van de Molse Nete. Die Molse Nete is de belangrijkste zijrivier van de Grote Nete. Hier in het centrum van Mol is het eerder nog een beek dan een rivier.
> Bij de eerste wegkruising rechts de Hofstraat in. We volgen ze helemaal rechtdoor. Toen ik de tocht liep hier was ik al van bij de start verwittigd dat er een omleiding zou volgen op Mol-Om. Hier zat dus het probleem. De Hofstraat komt bij de ringweg N71 en daar was een fietserstunnel in aanbouw. Inmiddels zou die dus af moeten zijn en in feite zou dit Mol-Om iets moeten inkorten.
> Vroeger moest je bij de drukke ringweg een ommetje maken tot het kruispunt rechts. Nu wandel je in principe gewoon door de fietstunnel, dan nog 200 meter rechtdoor om daarna links de Lieven Heerstraat te nemen. Van rechts komt op dit punt dus weer het oude traject van de Mol-Om erbij. De Lieven Heerstraat volgen we lange tijd, ook als ze op het einde van de woonwijk overgaat in een steenslagweg en we in bos lopen.
> De spoorlijn over en er komt een kleine padwijziging aan, volg hier gewoon de padmarkering die je een eind verder naar links weer op een verharde weg brengt. Op het jaagpad langs het kanaal Dessel – Kwaadmechelen naar links. Het geasfalteerde jaagpad wordt ook druk door fietsers gebruikt. We wandelen helemaal tot de brug van Mol-Gompel bij de fabrieksgebouwen van Glaverbel. Onderweg een gevarieerde plantengroei langs de berm 's zomers, vooral het zandblauwtje voelt zich op deze bodem erg thuis.
> Als de asfaltweg voorbij het casino dan een bocht maakt naar links gaan we echter rechtdoor over een graswegje achter de huizen. Verder naar links en we gaan wat slingeren over wisselende paden. We nemen ook een passage die wat overgroeid kan zijn door brandnetels maar zoals een steen bij een met katholieke parafernalia versierde boom ons vertelt: 'waar een wil is... is steeds een weg'. Bij die boom rechts en we komen kort daarna weer op de weg die langs de Glaverbelfabrieken loopt.
> Naar links 30 meter en dadelijk rechts nemen door een wijk met villa's. We zigzaggen even door die wijk en wat verder is er een verandering in het traject van GR Mol-Om. We gaan dus niet meer voor de spoorweg rechts maar steken de sporen over om dan pas een wijkweg rechts te nemen. Deze weg bocht en we nemen dan een lange rechte wijkstraat, Berkenbos, helemaal tot het einde, nogal oninteressant wandelen. Onderweg kruisen we nog oude GR 561-markeringen. Op het einde even rechts en bij de weg Postel – Balen naar links. Zo komen we op de splitsing met de verkorting voor 42 km, gemarkeerd met relatief grote zeshoekige borden.
> Hier neem ik dus de verkortingsroute 42 km. Aanvankelijk nog even door een woonwijk van Wezel. In bos aangekomen nemen we wat later een mooie grassige bosweg naar rechts om wat verder de Scheppelijke Nete te kruisen op een plek die te uitnodigend was om me niet even in de graskant te gooien. Vreemde naam voor een riviertje. Heeft waarschijnlijk niks te maken met 'schepping' maar eerder met het oude woord 'skaepa', een term die op een overstromingsgebied wijst. De Scheppelijke Nete treedt trouwens al eens buiten haar bedding. Ze ontstaat uit natte gebieden tussen Wezel en Blauwe Kei en vervoegt de Oude en Molse Nete te Mol.
> De oude GR 561-markeringen splitsen even verder af op een plek waar wij over Mol-Om links volgen. Over een soort onverharde weg met betonplaten in, komen we langs de Mora-fabriek. Er hangt een vieze stank, alvast geen reclame voor wat Cora van Mora allemaal in haar sosissen draait. De weg oversteken en rechtdoor langs nog een paar bedrijven tot bij het kanaal Dessel – Kwaadmechelen. Hier De brug onder wandelen en dan het jaagpad volgen helemaal tot de volgende brug.
Buitengoor
> Rechts van ons ligt het omheinde natuurgebied 'Buitengoor', gelegen tussen de recreatiegebieden Zilvermeer en Zilverstrand. Helaas is dit door Natuurpunt beheerde gebied helemaal afgerasterd. Om de ingang te vinden moet je kilometerslang omlopen, geen optie.
> Dit natuurgebied bestaat vooral uit een grote brok Kempens laagveen, vooral gevormd door kwelwater. Dat licht kalkhoudende en zurige water zorgt voor een bijzondere plantengroei waaronder zeldzame soorten. Wandelen door het Buitengoor kan best worden gecombineerd met een bezoek aan het ecocentrum, maar is dus enkel te bereiken via de andere zijde.
> Ook de Sluisbrug wandelen we onder en 100 meter verder gaan we rechts weg van het kanaal om zo de Sluisbrug op te draaien en het kanaal Dessel – Kwaadmechelen over te steken. (Je kan eventueel en doorsteekje nemen.) Op minder dan 1 km ligt het provinciaal recreatiedomein Zilvermeer.
> We zijn weer op de hoofdroute. We moeten nu de drukke weg nog een kleine km volgen over het fietspad. Aan de linkerzijde passeren we een picknickbank, 'het mountainbeukenplekske'. Nog even verder langs de drukke weg en bij de eerste huizen rechts over een pad.
> Nu volgen ter compensatie van al de verharding 2 mooie kilometers streek-GR Mol-Om. We lopen langs percelen wei en bos en door dichter bos tot bij een walgracht. Ideaal om de wandelvoeten even te verfrissen. Links hier, een tijdje langs die brede gracht met helder water. We draaien de volgende kilometer steeds met het hoofdpad mee en negeren dus nogal wat padsplitsingen onderweg. Als we dan in de buurt van bewoning op een verharde weg komen gaan we scherp rechts en na 200 meter kiezen we bij de V-splitsing de linkse privé-weg. We komen hier bij de verkavelde meeroevers van Miramar.
> We wandelen op dit punt (Boeretang) echter rechtdoor en volgen het brede bospad nog een heel eind verder tot we op een T-komen. Rechts hier en onmiddellijk links. We blijven iets verder links meedraaien en in een volgende bocht naar rechts verlaten we het hoofdpad om rechtdoor over een aanvankelijk wat grassig pad (dat is afgelijnd met echte guldenroede in september) om zo dadelijk weer in bos te komen.
> Verder rechtdoor, we steken de brede beek Breiloop over en komen weer op een T-kruising. Links daar en de volgende kilometers volgen nog een pak splitsingen en richtingveranderingen. volg in de eerste plaats goed de padmarkering hier. Het traject zoals gemarkeerd op het terrein komt ook gedeeltelijk niet meer overeen met wat stond ingetekend op de kaarten van de oude topogids.
> We lopen ook vaak samen met een pad dat is aangeduid met een oranje zeshoekje. Ook opletten onderweg om een onopvallende paadje niet te missen. Het bos is vooral beplant met grove den, Corsicaanse den, zomereik en Amerikaanse eik. Op een steenslagweg gekomen gaan we rechts. Die volgen we een tijdje tot we op een betonbaantje komen met een rij huizen. Rechts hier, bij het laatste huis gaat het beton over in een steenslagweg langs de bosrand met links van ons een grote paardenweide. We omcirkelen de weide en door een grassige en met eiken afgelijnde dreef bereiken we de Bleken.
> De Naam 'Bleken' heeft mogelijk te maken met de kleur van de grond hier. Oorspronkelijk was het hier allemaal heidegebied. Vooral in de 20ste eeuw werden hier massaal dennen aangeplant. Bij een Mariakapelletje en rustbank naar rechts. De met es en eik afgelijnde dreef leidt ons naar de Kastelse Baan. Even 30 meter links daar en onmiddellijk weer rechts.
> We lopen nu door een erg brede oude dreef die is afgelijnd met Amerikaanse eik. Langs de kant groeien opvallende veel en verschillende paddenstoelen. Ik vond er mooie doolhofzwammen, veel eekhoorntjesbrood, boleten, amanieten en russula's. We komen aan een hek. Rechts ligt de Europese school maar we gaan links om wat later in een sjieke woonwijk te komen. Rechtdoor hier.
> 's Zaterdags overheerst hier het lawaai van grastractoren. Het is nogal een belachelijk zicht om overal die luie en lawaaierige bewoners te zien rondjes draaien op hun gazon. Net voor de weg een bocht naar links maakt gaan we rechts een steenslagweg in, de Spechtstraat. Die draait verderop en we vervolgen over een graspaadje. Links op het einde daarvan. De steenslagweg wordt al vlug asfalt en we lopen weer langs huizen.
> Op een viersprong scherp rechts. Een eind verder draaien we naar links over een brede verharde weg. We houden die richting nu langere tijd aan. Even later kruisen we de weg 'Stokt'. De Eksterstraat kruist verderop de Koekoekstraat bij een kapel en wat later de spoorlijn.
> We steken de N103 NIET over maar draaien weer linksvoor weg over een betonbaantje en omcirkelen nog even wat huizen om dan verderop toch de N103 te kruisen. Aan de overkant loopt een brede steenslagweg die eerst de mooie Molse Nete kruist en daarna bij de zeer snelle N71 komt. Aandachtig oversteken. Verder rechtdoor en op een T naar rechts langs nogal protserige woningen met ook hier het helse zaterdags lawaai van de grasmachine.
> Op een volgende T gaan we naar links en hier komt ook oude markering van GR561 ons pad vervoegen, een traject dat GR 561 trouwens vandaag niet meer volgt. We komen op een kruispunt van paden bij de Belse wijk 'Volmolen' (rustbank). Een wat vervelend traject over een rechte geasfalteerde weg zonder echte wandelstrook volgt nu.
>We kruisen verderop de N110 (Mol - E314). Nog steeds met de oude markering van GR 561 volgen we rechtdoor over een dubbele betonstrook. Later wordt het weer een zandweg . Bij een V-splitsing de linkse tak aanhouden en de zandweg komt in een woonwijk. Langs natuurgebied Heidehuizen (waar je inderdaad mooi heidegebied kan ontdekken) en even verder gaan we links het bos in. Op een T-kruising met een gebetonneerd fietspad gaan we links, we volgen het tot het einde en daar links langs het Technisch Instituut. Daar voorbij links langs een brede verkeersweg (Taverne 't Saffloerke). Op een V niet de linkse weg naar het kerkhof nemen maar rechts vervolgen langs bejaardentehuis 'Hemelrijck'.
> De volgende kilometer slingeren we wat door een woonwijk om zo de zeer drukke N71 weer te bereiken. Oversteken bij de verkeerslichten en dadelijk rechts over een parallelle asfaltweg. Na zowat 500 meter links een geasfalteerd fietspaadje op. We komen uit op de Oude Nete die we naar rechts volgen. We zien nu het zwembad van Mol en wat verder de sporthal waar Mol-Om officieel begint en eindigt. Voilà, een lange etappe, even uitblazen in de cafetaria van de Sporthal, waar de uitbaatster ng nooit van Mol Om heeft gehoord, ondanks de wegwijzer voor haar deur.
Sporthal van Mol, startplaats Mol-om
> Meteen een stevige afstand, met 43 km is de zuidelijke ronde veel langer dan de andere twee maar dit zijn niet de Ardennen. Je kan hier vlot doorstappen. De zuidelijke ronde is ook de meest afwisselende qua landschap. Er zit vanalles bij: Het centrum van Mol zelf, jaagpaden, industriële geschiedenis, versnipperd bos. Minder leuk is dan weer dat er meer verharde wegen bij zijn dan op de 2 andere delen, soms wandel je helaas een paar kilometer nonstop over asfalt.
> Een teleurstelling om hier te wandelen. Op de topokaart zag het er anders aantrekkelijk uit: Ik keek er naar uit om hier langs de oevers tussen meren in te wandelen. Niks van. Het bordje 'privé-weg' geeft al dadelijk het gevoel dat je hier eerder een indringer bent. Het wegje zelf - dat we maar liefst 2 kilometer volgen - is rechts afgeschermd van de parallelle verkeersweg door een hoge muur in de vorm van een haag. Aan de andere kant is het een oplijning van huisachterkanten en garageboxen. Een typisch voorbeeld van Vlaamse koterij in de meest uiteenlopende bric à brac, van pompeus tot bunkerachtig. Wat ik in gedachten had als één van de leukere delen van Mol-Om werd net één van de dieptepunten.
> Bij het laatste huis (eindelijk) nog even rechtdoor over de parallelle verkeerweg tot bij de drukke weg Dessel-Mol. Daar 150 meter naar links en dan rechts de Emiel Becqaertlaan in. We zijn in Mol-Donk.
> Steeds maar rechtdoor, langs de kerk van Donk en verder. Op den duur loopt de Beqaertlaan uit in in bos dat blijkbaar tot het domein van het atoomonderzoekscentrum van Mol hoort. Rechts even een doorkijkje op de buitenwand van de reactor. Op een kruispunt heb je rechts op enkele honderden meters de ingang van het onderzoekscentrum.
De oude Mol-Om wegwijzer
kan een wat kleuriger
likje verf gebruiken
Boerenkrijgmonument / rest schandpaal
Zandblauwtje
Het Buitengoor
> Na een bocht, nog een eind verder, komt de Eksterstraat dan tenslotte bij de 'Hertenhoek' (picknickbank) waar we in dezelfde richting vervolgen over een grotere weg. Er grazen effectief ook herten op de Hertenhoek! De volgende 2 kilometers zigzaggen we wat door wijken. Uiteindelijk arriveren we op de parking van café 'De Oude Jager', gelegen aan de N103.
Jaagpad kanaal Dessel - Kwaadmechelen
Paarse schijnridderzwam

Natuurgebied Heidehuizen

De Molse Nete

Kapel aan de Koekoekstraat

Doolhofzwam
Eekhoorntjesbrood
In de omgeving van atoomonderzoekcentrum
De brug van Gompel en AGC Glass Europe
Mol centrum: Sint-Pieterskerk en oude gemeentehuis
Mol-Donk
> Het dorp Donk ontwikkelde zicht te samen met de succescolle industriële vestingen bij het Kempens Kanaal. De Emiel Becqaertlaan, die we lange tijd volgen, dankt haar naam aan de man die mee aan het ontstaan van de arbeiderswijk lag, tevens baas van het zandbedrijf Sablières et Carrières Réunies (SCR) dat sinds 1872 in Mol aan zandwinning doet. Rond 1900 ontwikkelde de woonkern. De kerk werd opgetrokken kort na WO II, op een bomkrater.
> De Molse zandwinning trok ook heel wat andere bedrijven aan. Tussen het huidige Donk en de kanaaloever kwamen zich in de eerste helft van de 20ste eeuw cement- en glasbedrijven vestigen. Het bekendste bedrijf was zeker Verlipack, dat 77 jaar flessen maakte te Mol-Donk en uiteindelijk failliet ging in 1999. Het grote terrein dat achterbleef na dat failliet, werd na lange leegstand ingenomen door verschillende ander bedrijven en staat nu bekend als 'Verlipark'. Industriële milieuvervuiling was een probleem dat pas vanaf eind 20ste eeuw aux sérieux werd genomen, de site van Verlipack maar ook die van een failliet asbestbedrijf dienden grondig gezuiverd te worden.
> Het bedrijf van Becqaert waarmee het allemaal begon, SCR, bestaat na bijna 150 jaar nog, is ook nog steeds aktief in Mol en is inmiddels uitgegroeid tot de multinational SCR-Sibelco.
Mol
> Interessepunten voor een bezoeker aan Mol-centrum liggen vrijwel allemaal geconcentreerd aan en rond de markt. De naam Mol heeft dus niks te maken met het gelijknamige dier, hoewel de wandelclub WSV Mol ze als mascotte gebruikt in haar logo. In de gemeentenaam herken je wel het woord 'mul' en dat verwijst naar de bodem van 'mul zand', wellicht komt het woord uit het Germaans of Frankisch.
> De langwerpige, driehoekige vorm die je tot vandaag kan herkennen in het marktplein, doet sterk vermoeden dat hier al een Frankische nederzetting was. Typisch voor die tijd was een driehoekige kern, een dries, afgelijnd en versterkt met woningen en afsluitingen en waarop 's nachts uit veiligheidsredenen het vee werd ingesloten.
> In de middeleeuwen ontwikkelde de dries zich tot een bloeiende handelsmarkt van landbouwprodukten, waarbij Mol vooral vermaardheid verwierf omwille van de wolhandel. Niet toevallig. De schrale gronden van 'mul zand' waren vooral bedekt met uitgestrekte heidelandschappen zodat massa's schapen alle ruimte en voedsel hadden. Bovendien waren die graasgronden vooral gemeenschappelijk bezit.
> Al in de 14de eeuw groeide Mol zo uit tot een centrum voor wol, er was ook een bloeiende lakennijverheid, de bevolking leefde grotendeels van wolweven. Na een woelige 17de eeuw was er in de 18de eeuw een sterke heropleving van de textielnijverheid. In de loop van de 19de eeuw ging het echter weer bergaf, omwille van toegenomen concurrentie (oa vanuit Verviers) en in Mol werd ook niet snel ingepikt op technologische evolutie, mechanisering werd er eerder vijandig onthaald, waardoor de Molse weverij zichzelf uit de markt dreigde te duwen.
> Industrialisatie vindt op den duur toch doorgang. Tijdens het interbellum telt Mol zo'n 750 werknemers die in de wolsector actief zijn. Na WO II kon de Molse wolindustrie niet meer op tegen de sterke buitenlandse concurrentie en lagere lonen. De wolverwerkingsfabrieken sloten één na één. In de plaats kwam totaal andere industrie met als speerpunten: Zandwinning, glasbedrijven en nucleaire energie.
Onrechtstreeks werden hierdoor ook recreatiemogelijkheden gerecreëerd, met name bij de oude zandputten en langs de kanaaloevers.
> De toren van de Molse Sint-Pieterskerk is laatgotisch, gebouwd in baksteen eind 15de eeuw. Hij is 55 meter hoog en was vroeger zelfs 80 meter, tot hij door een brand in 1765 werd ingekort. Zoals je zelf kan zien is de toren nu getopt met een spits die helemaal niet in verhouding staat met de rest van de kerk. In de toren is een Torenmuseum, met 5 verdiepen documenten en voorwerpen die zijn gerelateerd met de beiaard, de kerk en de toren zelf. Mol heeft trouwens nog een beiaardier die af en toe carillonmuziek over Mol laat galmen.
> De plaats waar het oude gemeentehuis werd opgetrokken in 1804 is wel opvallend: Plompweg op het marktplein, bonk voor de kerk. Dat is geen toeval. Het moest duidelijk stellen dat met de Franse Revolutie een eind gekomen was aan de eeuwenlange ongebreidelde macht van kerk en adel. In het gemeentehuis is de VVV van Mol gevestigd, hier kan je het kaartje van Mol-Om kopen voor 1 €. Daarnaast is er ook een historisch museum. Je kan er ondermeer produkten bekijken die werden vervaardigd door de Molse industrie de voorbije paar eeuwen.
> Rond het marktplein liggen nogal wat 16de en 17de eeuwse huizen. Niet altijd herkenbaar als zo oud door sterke restauratie of verbouwingen in het verleden. Het grote gebouwencomplex waarlangs we over Mol-Om het marktplein naderden is het ROG, afkorting van 'Rijksopvoedingsgesticht'. In 1878 bouwden de Broeders van Liefde er een normaalschool. Eind 19de eeuw werd ze staatsbezit. De huidige gevel werd rond 1900 geplaatst, daarvoor moesten helaas een aantal oude gevels verdwijnen. Er werden jonge delinquenten evenals onder voogdij geplaatste kinderen 'heropgevoed' tussen 1923 en 1990. Een deel van de gebouwen wordt vandaag benut door de muziekacademie en andere verenigingen. Eind 2010 werd beslist om de lelijke naam van 'rijksopvoedingsgesticht' te wijzigen naar 'De Zwaan', naar de naam van één van de oude huizen die destijds plaats moesten ruimen voor het pompeuze gebouw.
> Langs de zijkant van de kerk staat naast het Boerenkrijgmonument nog een stuk van de oude schandpaal.
Gompel & Glaverbel
> Gompel groeide pas uit tot een dorp door de vestiging van de glasfabriek Glaver hier op braakland in 1920. De fabriek moet al van bij de start een onmiddellijk succes zijn geweest. In 1923 werd ze geopend en in 1926 was men al aan uitbreiding toe. In 1930 werd de kerk van Gompel ingewijd. Rond de fabriek zelf werd al van bij de aanvang een cité gebouwd, met huizen voor het personeel. De stijl waarin deze werden ontworpen wordt Biedermeier genoemd. In 1960 fuseerde Glaver met Univerbel tot de onderneming Glaverbel. In 1972 kwam Glaverbel in handen van Fransen en sinds 1981 is het Japans. De bedrijfsnaam Glaverbel is sinds 2007 veranderd in AGC Glass Europe. Er zijn zo'n 500 werknemers aktief in Gompel en tot vandaag wordt er vooral vlakglas gemaakt.
'Casino'
> Het merkwaardige 'casino' werd eveneens in Biedermeier-stijl gebouwd, in dezelfde periode dat de cité werd gebouwd, tussen 1920 en 1930. Of het ooit als casino dienst deed is twijfelachtig. Het werd gebouwd als stijlvolle ontspanningszaal voor het personeel van Glaver en bood de mogelijkheid om gasten onder te brengen in hotelkamers. Het mooie gebouw in zo'n vervallen toestand aantreffen is triest. De verklaring over hoe het zo ver is kunnen komen is nog triester.
> Het gebouw was tot 2000 eigendom van de vastgoedvennootschap van de familie Vansant. Die vennootschap werd door gewiekste oplichters meegesleurd in een frauduleus failliet in het jaar 2000. Het 'casino' komt zo in handen van een curator, die het doorverkoopt. Er zijn sterke aanwijzingen dat de gerechtelijke instanties van Turnhout mee betrokken zijn in corruptie rond het dossier. Het wordt een heel juridisch kluwen en ondertussen vervalt het leegstaande 'casino'.
> Vandalen breken er af en toe in. In 2006 wordt het pand een periode bezet door krakers van 'Het Klein Verzet'. Ze ruimen het casino wat op en richten er zelfs culturele aktiviteiten in voor de lokale bevolking. Het casino komt ondertussen in handen van afbraakwerken Smets uit Dessel. Ze willen het oude gebouw plat gooien en er een groot opslagterrein van maken. De gemeente Mol keurt die aanvraag in eerste instantie af nadat druk gezet werd door een petitie.
> Ondertussen is ook een dossier lopende om het casino te klasseren als beschermd monument. Nogmaals dient Smets een sloopaanvraag in en nogmaals komt er een petitie. Eind 2010 klasseert NVA-minister Bourgeois het casino dan als beschermd monument, met name voor de waardevolle feestzaal. Het mag dus niet meer worden afgebroken. Een belangrijke stap. Wat de toekomst brengt voor het casino is echter nog uiterst onzeker. Momenteel is het gebouw een topper bij urbex-fotografen...
Mol en 'den atoom'.
> In de plannen rond de Brusselse wereldtentoonstelling Expo 58, speelde atoomenergie een voorname rol. Jaren na de verschrikking van de eerste atoombommen op het einde van WO II, kwam ook de toekomst van kernenernie op meer vredelievende wijze op het voorplan. Symbool voor Expo '58 zou het atoom worden. Niet enkel een groot atoommonument (vandaag bekend als het Atomium) maar ook een kernreactor in het Brusselse, die de Expo van stroom moest voorzien en ook te bezoeken zou zijn tijdens de Expo. Van die laatste plannen werd uiteindelijk afgezien. Toch maar geen kernreactor in het midden van de stad Brussel. De reactor werd gebouwd in Mol en de foto's daarvan waren te bekijken in het Atomium. De arme zandgronden waarop het 'Studiecentrum voor Kernergie'(SCK) zou komen, werden door de staat overgekocht in 1953 van de koninklijke familie. Later werd nog meer terrein opgekocht van industriële eigenaars. Tussen 1954 en 1962 werd niet enkel het onderzoekscentrum gebouwd maar ook een residentiële wijk voor de werknemers, de zogenaamde Atoomwijk. De wooneenheden werden in een modernistische stijl opgetrokken, futuristisch voor de jaren '50. De woonzone ligt in een smalle strook langs het Kempens Kanaal, we komen er niet voorbij langs Mol-Om. Meer dan 50 jaren later zijn de meeste woningen echter aan een grondige aanpassing toe. Aangezien het SCK het beheer van vastgoed niet (meer) tot zijn kerntaken beschouwd, zullen de woningen waarschijnlijk worden afgebroken in 2013. Het onderzoekscentrum staat in de volksmond bekend als 'den atoom'. De site wordt nogal eens verward met de elektriciteitscentrale van Electrabel, die langs het Kempens Kanaal ligt. Er werken ongeveer 700 personeelsleden. Inkomsten: Voor de helft uit overheidssubsidies en de rest via diensten en adviezen. In de onmiddellijke omgeving hebben zich nog bedrijven gevestigd die bezig zijn rond nucleaire energie: Belgonucleaire en Belgoprocess zijn de bekendste. Alles te samen zorgen vandaag de nucleaire aktiviteiten voor bijna 2000 banen.
Miramar
> De Miramarplas werd - zoals de meeste grote waterpartijen in Mol - gecreëerd door zandontginning. Hij behoort tot de oudste ontginningen, uit de tweede helft van de 19de eeuw. Helaas krijg je er niet veel van te zien. Zowat de hele oever is verkaveld en als niet bewoner ben je hier ongewenst. Miramar heeft wat de reputatie van woongebied voor dikkenekken, een beeld dat nog versterkt wordt door de privé-bordjes en het ongastvrije beeld van de omgeving.
Splitsing 42
Jaagpad kanaal Dessel - Kwaadmechelen
'Casino'

 

 

 

 

 

Mol - Om (93 km)