Startpagina > Wandelen > GR57 Ourthe + Sentier du Nord
Smal pad tussen de Ourthe en de rotsen van Renissart
> Hoogtepunt tijdens deze tocht is zonder meer het dorpje Wéris en de hele omgeving rond dit dorp. Wéris staat - een beetje overdreven misschien - bekend als het 'Stonehenge' of het 'Carnac' van België. Her en der zijn megalithische stenen te zien. Daarnaast staat Wéris terecht ook op de lijst van mooiste dorpen van België. Reden genoeg dus om er voldoende tijd voor uit te trekken. Het traject van GR 57 loopt langs de interessantste megalieten Voorbij Wéris en nog enkele legendarische stenen lopen we door bossen naar Erezée om dan over landbouwplateau langs enkele dorpen en met verre uitzichten weer de Ourthe op te zoeken bij het stadje Hotton.
> Op een stille zondagmorgen om 7 uur, als Barvaux nog slaapt, begin ik aan deze etappe die me tot in Hotton moet brengen. GR57 draait na de spoorweg sinds 2017 niet meer links om het spoortraject een tijdje te volgen. Nu ga je over de spoorwegkruising rechtsvoor verder, over de oude weg naar Wéris. Je komt even later weer op de verkeersweg naar Erezée maar neemt al snel een parallel paadje rechts van de weg. Aan de rechterzijde wandel je wat later langs het golfterrein van Durbuy om zowat 100 meter voorbij een woning links een bosje in te draaien. Het pad loopt naar een asfaltweg waar je links gaat om kort daarna de verkeersweg naar Erezée te kruisen. Een steenslagweg voert je naar een volgende asfaltweg. Die volg je een kleine 100 meter naar rechts om dan rechts weer voor een steenslagweg te kiezen. Die stijgt van 220 meter naar 270 hoogte bij een watertoren. Vlak voor de watertoren links. Je komt even later de bebossing uit op een vrij vlak landbouwplateau.
> Op het eerstvolgende kruispunt moet je een beslissing nemen. GR 57 loopt daar links verder maar indien je de menhir van Danthine wil zien ga je rechts (440 meter, staat langs de verkeersweg naar Erezée ) en ook rechts voor de dolmen van Oppagne - Wéris II (rechts en dan rechtdoor op het eerste kruispunt - 850 meter). GR 57 gaat echter links naar de bekendste dolmen, Wéris I.
Menhir Danthine
> Deze trapeziumvormige menhir Danthine van zowat 3,6 meter hoogte en 8 ton gewicht werd door een ploegende boer ontdekt in het veld vlakbij in 1946. Hij werd in 1947 naar de rand van het veld verplaatst (130 meter van de vindplaats) onder de leiding van de Luikse professor in archeologie Hélène Danthine, vandaar dus de huidige naam van de menhir. Voor de boeren waren die rare stenen maar hinderlijk, daarom werden ze omgegooid en in de grond gestopt. In 1983 werden op 50 meter van de originele plaats in hetzelfde veld nog 2 andere menhirs gevonden. Ze werden bij de noordelijke dolmen geplaatst, waar we vanaf deze menhir zowat 1250 meter van zijn verwijderd.
> Wéris II werd ontdekt door een boer bij het ploegen van zijn veld in de lente van 1888. Hij stootte toen op een wel heel zware steen. In tegenstelling tot Wéris I lag deze dolmen dus volledig ondergronds.
> De site wordt blootgelegd in de daaropvolgende jaren. De eerste onderzoekers laten hun fantasie gaan. Ze zien in de rare stenen van Wéris I en II een offertafel waarbij de slachtoffers onder 'het altaar' werden gevangen gehouden om vervolgens als zoenoffer bloederig geslacht te worden bovenop...De vondst van beenderen onder de stenen moesten hun beweringen staven...
Dolmen Oppagne of Wéris II
> In 1906 vindt ook hier grondiger onderzoek plaats. De megalieten van Wéris werden in vorige eeuwen begraven (mogelijk 16de of 17de eeuw) omdat ze een hinder vormden voor de boeren op hun veld. Oorspronkelijk lagen ze dus niet zo diep.
> Net zoals Wéris I vormen de stenen hier een overdekte lange ruimte. Deze dolmen is ook iets langer dan Wéris I; 11,2 meter bij 4,6 meter breed. Er werden beenderresten gevonden van een tiental personen, waaronder mogelijk ook kinderen. Van de grafgiften werden enkel wat potscherven en een versierde pijlpunt gevonden.
5 menhirs naast Weris II
> We gaan over GR 57 dus op het veldwegenkruispunt linksaf. Een ietwat monotone verharde weg door open veld leidt ons naar de bekendste dolmengroep, Wéris I of de noordelijke dolmen of de 'allée couverte'. Er staat hier ook een rustbank.
> De noordelijke dolmen van Wéris werd 'herontdekt' eind 19de eeuw als de interesse voor archeologie ontluikend is. Tevoren stonden de stenen er maar wat bij, grotendeels overdekt met aarde en struikgewas. Voor de plaatselijke boeren hadden ze al lang hun betekenis verloren. De reuzenstenen werden hooguit als een merkwaardigheid in de natuur aanzien.
> Rond 1882 kocht de Belgische staat het lapje grond op voor 1200 franken. De dolmen werd weer volledig bloot gelegd en gerestaureerd. Bij opgravingen in 1906 kwamen oa menselijke beenderen, scherven en pijlpunten naar boven.
Wéris I, noordelijke dolmen
> De staat liet er een borduur en een hek rond plaatsen. Jean d'Ardenne, de eerste bekende reisgidsuitgever voor de Ardennen, vond het rond de eeuwwisseling maar ridicuul om de dolmen zo belangrijk te beschouwen dat er een hek rond moest. "Zo krijgt het Gallische graf het uitzicht van dat van een gestorven legerofficier" schreef hij toen. Pas in 1974 kreeg de dolmen een beschermd statuut. Tussen 1979 en 1984 vond nieuw archeologisch onderzoek plaats. Het ijzeren hek werd verwijderd in 1991 bij een nieuwe restauratie. Nogmaals onderzoek van 1999 tot 2001.
> Deze dolmen diende dus als begraafplaats en bestaat uit een reeks rechtopstaande monolietstenen waarop horizontale dekstenen rusten. Het dolmencomplex is 10,8 meter lang en 4,6 meter breed, 15 stenen vormen hierdoor een soort overdekte gang. De conglomeraatsteen of zogenaamde 'puddingsteen' waaruit ze bestaan is eigenlijk samengekoekt zand, schelpen, keien etc., een soort natuurlijk beton ontstaan door persingdruk van jongere geologische lagen op sedimentpuin. De dichtst bijgelegen groeve waar deze steen vandaan kan komen, ligt op 1,5 km. Het moet dus een haast bovenmenselijk werk zijn geweest om ze daar uit te kappen en tot hier te sleuren, aangezien de zwaarste steen toch meer dan 20 ton weegt! Hoe ze dat flikten is maar één van de raadsels. De 2 menhirs die bij de dolmen staan zouden niet op hun oorspronkelijke plaats staan.
> Waarom gingen ze zo ver van de groeve de dolmen bouwen? De schrijver van het merkwaardige boekje 'Raadselachtige Ardennen', Paul de Saint-Hilaire, ontwikkelde in de jaren '70 een wel erg opvallende theorie over de megalieten van Wéris. Volgens hem vormen ze een soort boerenkalender. Hij kwam tot de ontdekking dat er een berekende oplijning zit in de verschillende megalieten van het land van Wéris ten opzichte van elkaar en ook ten opzichte van de stand van de zon in de loop van een kalenderjaar. Ze zijn volgens hem helemaal niet toevallig geplaatst maar grondig georiënteerd gezet. (Zie ook info over de Pierre Haina verder in dit verslag.) De Saint-Hilaire gaat echter nog verder. Volgens hem komt de stand van de megalieten overeen met die van de sterren die samen het sterrenbeeld Grote Beer vormen! Paneuropees kan je deze theorie doortrekken naar de stenenmystiek van Carnac of zelfs tot de Camino naar Santiago de Compostela, naar de theorieën van Louis Charpentier en de weg naar de sterren. Vooral voer voor zij die sterk geloven in mystieke verschijnselen. Wetenschappers zijn vaak heel wat sceptischer tegenover zulke theorieën maar kunnen ze meestal ook niet met harde bewijzen weerleggen.
Hoe oud is deze dolmen nu? Volgens vrij betrouwbaar koolstof 14-onderzoek moet hij zijn gebouwd tijdens de eerste helft van het 3de millennium v/C.
Wéris I
Ingekleurde postkaart van Wéris I in het begin van de 20ste eeuw.
> Op 25 meter van de dolmen staan 5 menhirs opgesteld. 3 ervan werden ontdekt in 1888, de andere 2 in 1996, toen de hele site na nog een grondig onderzoek werd gerestaureerd tot haar huidige toestand. Van deze 5 menhirs werden er 4 weer recht gezet.
> De legende van het 'bed van de duivel' hangt samen met de merkwaardige steen 'Pierre Haina', waar we over GR 57 net langs kwamen. 'Le lit du diable' is zowat 2,6 meter lang. De precieze functie van dit 'Duivelsbed' is onzeker: Een offersteen? Onderdeel van een dolmen? Hij zou in de lengte op 50° zijn georiënteerd, in de lijn van de zonsopgang rond midzomernacht op 21 juni.
> De naam Pierre Haina zou afkomstig zijn van het Keltisch voor 'Steen der Ouden'. Een legende vertelt dat dit de versteende last voorstelt van een priester die - onder zonden gebukt - werd belast door God. Veel bekender is echter volgende legende: Onder dat verticale rotsblok loopt een diepe schacht naar het middelpunt van de aarde. Langs hier komt de duivel naar de aarde om er zijn 'duivelse boosaardigheden' te ondernemen. De Pierre Haina vormt als het ware een kurkstop op deze onmetelijk diepe schacht. Als de duivel toch naar boven komt, gebruikt hij het bed dat we daarstraks passeerden om er tussen zijn aardse kwaadaardigheden door wat te rusten. De witte kleur op de Pierre Haina is niet natuurlijk. Traditioneel wordt de puddingsteen wit gekalkt door de inwoners van Wéris bij de lente-equinox. Wit, als teken van zuivering, dat moet de duivel beneden houden. De traditie van witten wordt op equinox nog af en toe onderhouden door de dorpsbewoners.
> Wellicht is deze steenvorm zo uit de plaatselijke rotsen 'geboetseerd' door de omliggende steen er van weg te kappen. In zijn reisgids over het eerste pad van de Ourthe (de voorloper van GR 57) heeft Maurice Cosyn het in de jaren '30 van vorige eeuw niet over een megaliet maar over een bizarre rots die mogelijk 'een verzamelplaats voor jagers' was. Op een oude postkaart uit dezelfde periode staat als titel bij de foto over de Pierre Haina 'natuurlijk gevormde menhir'. In de jaren '70 komen dan de fantastische theorieën van Paul de Saint-Hilaire:
> De Pierre Haina past als megaliet immers ook perfect in het plaatje van een wel bepaalde oplijning. Gezien vanaf de dolmen van Oppagne (gelegen op 2,5 km in vogelvlucht) zie je precies op 21 juni de zon opkomen boven de Pierre de Haina. Ook met de dolmen van Wéris is er een duidelijk niet-toevallige verhouding. De steen van Haina staat precies ten oosten van die dolmen, volgens de equinox dus of nachtevening. Je moet je de omgeving rond de megalieten ook wat anders voorstellen in de oudheid. Wellicht stonden ze allen op zichtafstand van elkaar. Denk dus het bos rond het Duivelsbed en de Pierre Haina helemaal weg.
> In het boek 'Raadselachtige Ardennen' uit 1973, ziet schrijver Paul de Saint-Hilaire echter nog veel meer. De megalieten van Wéris en omgeving vormen niet alleen een soort natuurlijke kalender maar zouden te samen ook dezelfde posities hebben als de sterren van de Grote Beer. Hoe dan ook, een feit is dat de megalieten van Wéris zondermeer één van de interessantste raadsels in België vormen.
Wéris, observatie van de GR 57-wandelaar.
Barchon - Angleur / Angleur - Hamoir / Hamoir - Barvaux / Barvaux - Hotton / Hotton - La Roche-en-Ardenne / La Roche-en-Ardenne - Engreux / Engreux - Gouvy / Gouvy - Troisvierges / Troisvierges - Goebelsmühle / Goebelsmühle - Diekirch
> Kermis in Hotton, en dat is behoorlijk meer dan een draaimolentje. Het hele dorp is bezet door kermisattrakties. Na een hele dag genoten te hebben van eenzaamheid en stilte het moment om op te gaan in de anonimiteit en het feestgedruis en zo met een zak smoutebollen het einde te vieren van een etappe vol boeiende afwisseling. Nog 180 uitdagende kilometers voor de boeg tot Diekirch.
> Per trein is deze etappe gelinkt met de stations van Barvaux (op 600 meter van het centrum maar langs GR 57) en het station van Melreux (2 km ten noorden van Hotton). Ook tijdens deze etappe geen gebrek aan horeca en winkels onderweg: Te Barvaux, Wéris, Erezée en Hotton. Campings te Barvaux, Mélines en Hotton. Attrakties onderweg: De megalieten van Wéris, het dorp Wéris met zijn typische architectuur en museum van de megalieten. Voorzie onderweg ook wat extra tijd (anderhalf uur) als je behalve de dolmen Wéris I ook de dolmen Wéris II en de Danthine-megaliet wil zien. Heb je tijd zat dan kun je ook de museumtramlijn van Erezée proberen of rustig je tijd nemen om wat in Hotton rond te kuieren..
> GR57 loopt Wéris uit over de Rue de Mont. Zoals de straatnaam al doet vermoeden, verloot dat dus stijgend. Aanvankelijk licht omhoog, verderop wat scherper. Steeds maar rechtdoor om na een volle kilometer rechts dan een steviger stijgend pad te nemen door bebossing. De 50 hoogtemeters verschillen worden beloond met een mooi uitzicht over de landelijke omgeving en daar hoort natuurlijk ook een merkwaardige steenformatie bij, de legendarische Pierre Haina.
> De asfaltweg vorkt en GR57 loopt links hier om enkele honderden meters verder een graspad links op te lopen. Een stuk bos en dan meer open landschap naar Soy toe. Langs de St Rochuskapel van Soy. Een indrukwekkend dikke conifeer hier en een dreef van es. Onderweg een mooi uitzicht over Soy. GR57 blijft stroken bos combineren met weiden en wijdse landschappen op de plateaus. Door een camping-domein (café) te Melines
Kerkplein Erezée
Heerlijke vergezichten vanop de hoogten rond het gehucht Oster
> Achter de Pierre de Haina is een geschikte wildkampeerplek maar in feite is het uitdrukkelijk verboden om in de wijde omgeving van Wéris vrij te kamperen. GR 57 voert ons nu over 250 meter en sterk dalend naar een volgende merkwaardigheid, de Lit du Diable of 'het duivelsbed', een conglomeraatsteen.
GR57 van Wéris naar Eveux
Pierre Haina
Een aardige verrassing bij de Pierre de Haina:
De zeldzame kleine ijsvogelvlinder
Het Duivelsbed
Verticale rorswand nabij Hotton
> Aan een schuilhut draait het pad links en daalt naar de vallei van de Ourthe toe. Eens aan de oever loop je tussen water en indrukwekkende verticale rotswanden door. Veel kans dat je hier rotsklimmers aan het werk kan zien. Via de watermolen Moulin Faber kom je zo Hotton binnen. Deze watermolen uit 1729 is te bezoeken, hoewel de openingsuren wat onregelmatig zijn. Zowel het gebouw als het raderwerk van de graanmolen zijn in zeer goede staat.
> Na het oversteken van de beek Isbelle op de camping ga je bij de eerst wegsplitsing (nog steeds op de camping!) links. Je stijgt uit de camping en komt op een asfaltweg. Daar links (het monument John Shields ligt 150 meter rechts). Bij de eerste wegsplitsing volg je rechtdoor (richting Werpin). 450 meter verder neem je rechts een steenslagweg die je een hele tijd volgt tot hij na bijna 900 meter doodloopt aan een weide. Neem daar rechts een onduidelijk en aflopend graspad langs de afspanning van de weide, tot aan de rand van bos. Daar links over een wegje dat langere tijd tussen bosrand en weide loopt. Dit wegje draait een eind verder zacht naar zuidelijke richting en enkele tientallen meters voor een scherpe bocht naar links met picknickbank, verlaat je dit wegje om rechs een ruw pad te nemen door bos en langs de rand van het kasteeldomein Héblon. Let goed op de GR-tekens hier, er zijn een paar padsplitsingen. Kort voor Hotton kom je in de buurt van de rotsen van Renissart.
Wéris, waterpomp
> Voorbij het Duivelsbed volgt GR 57 sinds 2017 een nieuw traject. We stijgen weer wat, krijgen aan onze linkerzijde een mooi zicht en draaien door bos in zuidelijke richting. Op een iets bredere bosweg gaan we links om na een tijdje wat sterker te gaan dalen. In een open landschap krijgen we mooie zichten over de golvende Condroz en de Ardennen.
> Het pad maakt een brede bocht en daalt geleidelijk verder naar het gehucht Eveux, gelegen in de vallei van de Aisne. Een paar mooie Ardense woningen hier, een oude watermolen en er is een picknickterrein.
> Even weer krachtig omhoog om uit de vallei van de Aisne te komen. Ter hoogte van het gehucht Oster nivelleert het pad weer uit. Ook hier weer aangename uitzichten over een groen landschap waarover een zalige stilte heerst. GR 57 loopt langs een domein waar damherten worden gekweekt om dan na een strookje bos af te dalen naar Erezée in de Aisnevallei.
> Erezée lijkt qua praktische voorzieningen alles in dubbel te hebben: 2 café’s, 2 kruideniers en zelfs 2 frituren. In de buurt kan je ook de oude tramlijn door de Aisnevallei nemen voor een toeristisch ritje. Deze tramlijn is wel niet bruikbaar om delen van het GR57-pad te combineren. GR57 passeert een bron, de kiosk en de kerk van Erezée langs rechts en steekt wat lager de drukke N807 over.
> Het pad daalt verder door bos en in een kleine zijvallei van de Aisne om dan een stuk boven die Aisne te lopen. Afdalen om de rivier en de N876 over te steken ter hoogte van een oude watermolen en dan omhoog over een door netels en bramen wat overgroeid pad naar de N841. Hier links en een stijgend bospad op. GR 57 passeert opnieuw een kruis en enkele oorlogsgraven van Belgische weerstanders in WOII.
> Weer de N807 over om verder te klimmen door bos om zo snel het gehucht Fisenne te bereiken aan een kapel voor OLV van Lourdes.
Soy
> GR 57 gaat bij de noordelijke dolmen rechts, de verharde weg loopt recht naar het centrum van Wéris. Wéris is werkelijk een schitterend dorpje, terecht bekroond met de titel van 'één van de mooiste dorpen van Wallonië'. GR 57 passeert langs het mooie centrum met ondermeer een oude dorpspomp, langs een oude bakkersoven, het kerkgebouw, hoeven en dorpswoningen in lokale natuursteen. Voor de huizen staan hier en daar nogal wat dikke auto's met Nederlandse nummerplaten. Een beetje het nare gevolg van die titel van 'mooi dorp'. De huizenprijzen schieten hierdoor omhoog waardoor een elite van kapitaalkrachtige buitenstaanders met weinig lokale betrokkenheid ze kunnen opkopen. Wéris is niet het enige dorp dat hierdoor wat dreigt te veranderen in een wat kunstmatig museumdorp.
> Het is op deze zondag blijkbaar brocante in Wéris. De handelaars zijn nog druk bezig hun kraam op te trekken. De bakker/kruidenier is al open. Even een paar zondagse croissants gekocht. Er zijn dank zij het toerisme ook een paar cafés en overnachtingsmogelijkheden in Wéris.
> Jean d'Ardenne, die de eerste echte Ardennengidsen schreef, merkte in 1895 al op dat Wéris als dorp "absolument original" was. Bij elk met leischalie bedekt huis leek toen een notelaar te horen, naast de vele andere fruitbomen in het dorp. Het is niet duidelijk of Wéris met zijn Keltische geschiedenis ook na die periode constant werd bewoond. De eerste echte geschreven bewijzen over latere bewoning dateren uit een charter van 814. De kern van de mooie 11de eeuwse Sint-Walburgakerk is in een brute Romaanse stijl gebouwd. Daarbij is uiteraard vooral de regionale kalkbreuksteen gebruikt. De middeleeuwen verlopen zoals in veel Ardense dorpen, met af en toe de nodige tegenspoed in de vorm van plunderingen door vreemde legers en ziekten als de pest. Toerisme ontwikkelde zich voor het eerst op beperkte schaal in de jaren '20 en '30 van vorige eeuw, met name om de dolmen te zien ten noorden van het dorp. Er was toen zelfs een 'Hotel des Dolmens'. Ook vandaag zijn die dolmen zeker het belangrijkste attraktiepunt van Wéris. Nergens anders in België vind je zo'n geconcentreerde verzameling van megalieten dan in het land van Wéris. Het kleine megalietenmuseum in het centrum vormt dan ook een interessante kennismaking. Verder is Wéris mooi gerestaureerd, met respect voor de harmonie van de vele 18de en 19de eeuwse gebouwen in kalksteen.
Hotton
Eveux
Algemeen voorkomende wilde bloemen onderweg naar Hotton
Vijfdelige kaasjeskruid Stinkende gouwe Rode klaver Nachtkoekoeksbloem
Boerenwormkruid Wilde bertram Zwarte toorts Gevlekte aronskelk
Wéris
GR 57 Ourthe / Sentier du Nord

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Barchon - Diekirch / Libramont (360 km)