Startpagina > Wandelen > Streek-GR Vlaamse Ardennen
> We blijven beneden naar rechts draaien en wandelen weer in open veld. Een eind verder komen we op een kruising in de buurt van gebouwen die op een oud klooster lijken. We gaan niet tot daar maar gaan scherp links een veldweg op. Die oude steenweg voert ons op de heuvel Foreest, waar we weer op asfalt komen. We wandelen er rechtdoor over de Omer Wattezstraat, genaamd naar de man die De Vlaamse Ardennen zijn toeristische naam gaf.
> Op het volgende kruispunt gaan we ook rechtdoor, ditmaal over een nogal ingesneden smal paadje tussen afsluitingen van weiden. Het pad is nogal kapot, enige voorzichtigheid is aangeraden om geen contact te maken met schrikdraad. Beneden gaan we op de T-kruising links en dadelijk rechts, de Rijststraat in. Na bijna 400 meter nemen we links een pad dat gedeeltelijk omgeploegd kan zijn. Let op de paaltjes van het Omer Wattezwandelpad. Een grasweg verderop voert ons weer naar asfalt. We houden rechts aan wat verder en bereiken zo het gehucht Bosgat.
> Onderweg merk je in de lente mogelijk weer paarse schubwortel op in de padberm. Verderop kun je eind april mooie partijen boshyacinten ontdekken, ze geven het bos een paarse zweem in de lente. We komen langs enkele rustplaatsen en zowat 100 meter voorbij een tweede (overdekte) rustplaats gaan we scherp rechts, de Molenbeek over en dadelijk rechts over een snel breder wordend pad dat een asfaltlaag krijgt.
> Een rustbank nodigt uit om nog eens te genieten van het 'rollend landschap'. We stijgen naar het gehucht Doom en kruisen er ter hoogte van een kapel en oude schuur een andere weg. Rechtdoor en een eind verder wordt de weg wat ruwer, als hij in en uit een beekdal loopt. Weer in bewoning krijgt de weg weer een betere bedekking en we wandelen langs een mooie oude hoeve. De straat draait naar de verkeersweg N454 (Ronse – Maarkedal) op de Goudberg. Daar rechts-links bij gastenverblijf Braetshoek.
> De straat verslechterd na een bocht links tot een veldweg die 's winters heel modderig kan zijn en bereikt bij een voetbalveld de Tenhoutestraat. Daar gaan we rechts om tot het eindpunt van onze etappe vanaf nu steeds ongeveer een noordelijke koerst te volgen. We dalen helemaal af van Tenhoute, na een beekkruising stijgen we uiteraard weer. Steeds maar rechtdoor, ook als we een eind verder het dorpje Kerkem op ongeveer 600 meter rechts zien liggen. We wandelen hier over een oude heerweg en stijgen nog steeds, tot zowat 100 meter hoogte.
> De kale heuvel Bossenare is getopt met een windmolen die hier dapper de weerselementen trotseert. De molen die we nu zien werd nieuw gebouwd rond 1996. Er werden onderdelen gebruikt van een oudere windmolen die uit Impe afkomstig is. De eerste tien jaren werd de molen regelmatig in werking gesteld maar de voorbije jaren gebeurt dat nog zelden.
> Je bent hier net zoals de molen nogal bloot gesteld aan de weerselementen. Bij slecht weer kun je eventueel schuilen in de constructie onder de molenkast. De Nieuwe Bossenaremolen staat eigenlijk niet ver van een plek waar eeuwenlang een windmolen stond. De laatste molen werd afgebroken in 1939 en was de jaren voordien al een toeristische attraktie.
> Als je er op de T-kruising even naar rechts uitwijkt kom je bij een picknickbank en panoramisch uitzicht over de Vlaamse Ardennen. We gaan echter links verder en nemen na 200 meter een weggetje rechts dat naar Bos Ter Rijst loopt, een bosgebied grotendeels beheerd door Agentschap Natuur & Bos, de Vlaamse overheid is eigenaar. Eigenlijk is dit een restant van een bos dat 500 jaar geleden 10 x zo groot was.
> We gaan links verder over een wegje dat de vallei uit stijgt. Op een kruispunt wat verder gaan we scherp links een asfaltwegje nemen dat weer over de vallei van de Perlinkbeek loopt en daarna stijgt naar de Leberg. In het gelijknamige gehucht lopen we langs Het Monasterimum Maria-Kluizen, gevestigd in een oude hoeve. Het is een katholieke gebedsplaats, gesticht door twee Broeders in 1982. De varkens – en koeienstallen, evenals de schuur werden omgebouwd tot kapellen en ruimten voor gebed en oecumenische diensten. Er werden ook kluizen ingericht voor wie langer in gebed wil verblijven. We gaan er rechts om weer af te dalen. Wat lager links, een straat in met rare naam Bleinstraat (toepasselijk?).
> Rond de kerk loopt Streek-GR Vlaamse Ardennen verder over de Rekelberg om dan rechts de Ommegangstraat in te slaan en hoogte op te zoeken. Nog wat hoger zien we in de verte de Vijflindenkapel temidden de velden, ze ligt bijna op het hoogste punt van Rozebeke (boven 90 meter). We maken inderdaad 'een ommegang', de betonweg draait onderweg driemaal naar links, zodat we weer op Rekelberg komen.
> Dit straatje verlaten we een eind verder door rechtdoor een veldweg op te wandelen die ons in het mooie en hoog gelegen dorpje Elst brengt, een bedevaartsoord waar sinds eind 18de eeuw Sint-Apollonia werd vereerd (tegen tandpijn). In het plaatselijk dialect wordt de tandenheelster ook wel eens 'Sente Plone' genoemd. Net zoals Maarke-Kerkem is Elst ook bekend voor zijn Geutelingen, een soort in de oven gebakken kaneelpannenkoeken, vooral in de maand februari. Geen probleem voor bedevaarders met slechte (of zonder!) tanden om geutelingen naar binnen te werken!
> Elst ligt op een hoogte van rond 100 meter, zowat op de grens tussen Zwalmvallei en Vlaamse Ardennen. We lopen over dorpswegen en kerkwegels tot bij een kapel, waar we de Molenkouterweg nemen. Die leidt ons naar de verkeersweg Brakel – Zwalm, die we schuin kruisen.
> Aan de overkant slaan we bij de eerste gelegenheid links af om rond het Hof van Sieregem te wandelen. Deze half gesloten boerderij met gekasseid erf was eeuwenlang een pachthoeve van de abdij van Ename, de huidige gebouwen zijn 19de en 20ste eeuws. Voorbij de boerderij wandelen we op een veldweg die naar een kruispuntje loopt. Daar gaan we rechts afdalen van de Pottenberg.
> Op een volgend kruispunt even opletten, we nemen er een voetpad dat naar de Perlinckmolen loopt, gelegen langs de gelijknamige beek. Het gaat hier mogelijk om een van de oudste watermolens van Vlaanderen, tenminste als we geschreven bronnen als referentie nemen. In een bezitsbeschrijving van de abdij van Lobbes (Henegouwen) werd immers al in het jaar 868 melding gemaakt van een molen bij Zegelsem. Hij was in functie tot 1974. Vandaag vormt het een wooncomplex met mooi bewaarde gebouwen, grotendeels 19de eeuws.
> We gaan er rechts afdalen in de vallei van de Boembeek en blijven ook daarna nog zowat 1 km rechtdoor wandelen, tot op een T-kruising. We zijn hier niet ver van het dorp Michelsbeke, bekend als thuisbasis van de politieke De Croo-dynastie. Door een sterke op cliëntelisme gebouwde politiek kon de familie De Croo van Michelbreke en de gemeente Brakel een liberaal bastion maken. Ze worden hier vereerd en aanbeden als koningen, zo kan je ondermeer tegen de kerk van Michelbeke een grafplaat zien van het geslacht Decroo, inclusief Herman de Croo.
> We gaan op de T-kruising echter rechts (Poorterij) en wandelen dus niet door het De Croo-dorp.
> Onderweg over dit noordelijk deel van Streek-GR Vlaamse Ardennen doen we nog enkele kleine maar (vooral in de lente) bijzonder mooie natuurgebieden aan: vooral in het Burreken en Bos Ter Rijst is het bijzonder aangenaam vertoeven. Een aantal karakterdorpen ademen geschiedenis uit en liggen harmonieus ingebed tussen de plooien van de heuvels of op de toppen van de zachte hellingen, zoals Elst, Zegelsem en Rozebeke. Via de eenzaam hoog gelegen Bossenaremolen dalen we af naar het eindpunt van de dag: Maarke-Kerkem.
> Via het Kloosterpad arriveren we even later in Zegelsem (café) met zijn gekasseid centrum en gotische kerktoren. Zet er nog de oude dorpsherberg bij en het nostalgisch plaatje klopt volledig. We nemen bij de Sint-Ursmaruskerk de gelijknamige straat, die naar de drukke N8 (Brakel – Ronse) loopt.
> Voorzichtig de N8 oversteken en rechtdoor over een asfaltwegje dat naar enkele afgelegen huizen loopt. Daar gaan we rechts en even later wandelen we het mooie natuurreservaat Het Burreken binnen over een gedeeltelijk gekasseid pad. Het Burreken is een pareltje. De ingesneden beken en daardoor geaccidenteerd reliëf hebben dit stukje gespaard van ontginning voor landbouw. Bronnen, een snelstromende beek en wilde paadjes met uitbundige plantengroei maken van Het Burreken een waardevol natuurgebied. Het beheer gebeurt grotendeels door Natuurpunt. We zijn er wat sneller door dan verwacht, het natuurreservaat verdient eigenlijk wat extra exploratie via kleine paden.
> Op het kruispunt in de buurt van de molen nemen we de weg rechtsvoor en daarna het eerste betonweggetje rechts. Voor ons ligt in de verte Maarke-Kerkem, het dorp waar we onze rondwandeling over Streek-GR Vlaamse Ardennen begonnen meer dan 150 kilometer eerder. Het weggetje daalt vlot en geleidelijk de vallei van de Maarkebeek in. Een paar stratenwissels verder lopen we het centrum van Maarke-Kerkem binnen, eindpunt van deze etappe.
Onderweg naar Tenhoute
Kasseipaadje door het Burreken
Natuureservaat Het Burreken
Goudveil, goeie indicator voor zuiverheid, de plant groeit langs de oever van bronbeken
Streek-GR Vlaamse Ardennen voorbij Elst, onder een sneeuwlaagje
Vlaamse Ardennen, omgeving Ganzenberg
Rozebeke
Door de vallei van de Boembeek
De Nieuwe Bossenaremolen
Zegelsem, afspanning In Den Drijhaard
Maarke-Kerkem
Perlinckmolen, voormalig molen- en woonhuis
Omgeving Leberg
Streek-GR Vlaamse Ardennen door Bos Ter Rijst
Bos Ter Rijst, rustplaats
Elst
Hoevetje op de Ganzenberg
Donkere ooievaarsbek
Schuur te Bosgat
Goudberg, hoeve

 

 

 

 

 

 

 

 

GR Vlaamse Ardennen (157 km)