Startpagina > Wandelen > Streek-GR Dijleland
> Een drukke betonweg over (met de naam 'Nieuwe Kassei'!) en de Mostaardstraat in. We lopen even over grind en dan weer over asfalt. In een bocht van deze weg links en dadelijk rechts achter een huis. Dit aanvankelijk smalle buurtpad bereikt een asfaltweg (Driesstraat). Rechts hier en dadelijk links over een graspad. Ook dit pad draait rond een veld en loopt dan in de richting van een populierenbosje. We hebben een volgend bijzonder natuurgebied van Natuurpark De Groene Vallei bereikt: het Silsombos.
> Deze etappe is absoluut mijn favoriet deel van Streek-GR Dijleland. Niet omdat ik kortbij woon maar omwille van de prachtige natuurreservaten, die samen het Natuurpark Midden-Brabant vormen. Tussen de treinstations van Eppegem en Veltem is het echter geen aaneengeschakeld groengebied. Typisch voor Vlaanderen is de versnippering van al dat groen. De drukke driehoek Leuven - Mechelen - Brussel wordt ook doorsneden met een pak verkeersaders en boven je hoofd scheren vliegtuigen richting Zaventem. Toch zijn de stukjes natuur die je doorkruist stuk voor stuk bijzonder waardevolle biotopen, als je er op het juiste moment bent, kan je hier heel wat zeldzame planten aantreffen.
Streek-GR Dijleland door natuurgebied Torfbroek
Vlinders in de Zennevallei: Oranje luzernevlinder, icarusblauwtje en kleine vuurvlinder.
Het Steen, geschilderd door Rubens
Neerhof tussen Het Steen en Elewijt
Underpass E19 te Elewijt
Sint-Hubertus als bisschop (beeld 1856)
De Barebeek bij het Hellebos
In het spoor van 2 GR's
GR Dijleland langs de rand van het Hellebos
Torfbroek
Vliegtuigen scheren laag over Torfbroek
Nederokkerzeel
GR Dijleland door Torfbroek
Planten van het Silsombos: eenbes, bosorchis, grote keverochis
Lantaarntje
GR Dijleland door het Silsombos
Knolsteenbreek
Gele lis
Onderweg tussen Erps-Kwerps en Molenbeekvallei
Molenbeekvallei
Molenbeekvallei
Beisem
Bosorchissen in Silsombos
Blauwe knoop
Parnassia
Orchideeën van Torfbroek: grote muggenorchis, brede moeraswespenorchis, bosorchis
Bruinrode heidelibel
Eenbes
Roze knoopzwam
Door het Snijsselbos
Barebeek te Elewijt
Het Steen te Elewijt
Steenvaartdreef
In de omgeving van de in 1914 verwoeste sluistoren
van Weerde is de Zennevallei op haar mooist.
Onderweg van Eppegem naar Elewijt, de veldweg is nu gedeeltelijk geasfalteerd.
Veldweg te Eppegem, onder een dik sneeuwtapijt
Sluistoren voor de verwoesting in 1914 (postkaart)
> De avond valt, maar het eindpunt van de etappe komt in zicht. Aan een kruispunt met een grote H. Hartkapel rechts en kort daarna links een buurtpad op. Dit wordt een graspad door velden dat uiteindelijk de parallelle autoweg bereikt bij een frituur. Links hier naar het centrum van Veltem. Hier vindt je een cafť en rustbanken. Rechtdoor nu over de hoofdweg, langs een Proxy Delhaize tot bij de treinhalte van Veltem. Van hieruit spoor je vlot naar Leuven of naar Brussel.
> Terug in Eppegem, aan de start van een boeiende etappe. Ter hoogte van een groot Mariabeeld langs de autoweg N1 (Mechelen - Brussel) en net voor het treinstation van Eppegem, neem ik links het fietspad langs de Elewijtsesteenweg. Onder de spoorbrug en kort daarna links terug draaien naar de spoorlijn over een ongeasfalteerde weg, de Plasstraat. Dit was altijd een veldweg, verhard met lichte steenslag, sinds 2010 is ze echter voorzien van een streep asfalt voor de fietsers.
> We lopen een hele tijd door veld om uiteindelijk de Zenneoever te bereiken. Rechts daar. Aan de andere kant van de Zenne ligt de fotogenieke ruÔne van de oude sluistoren van Weerde.
> Na 50 meter op de Zennedijk verlaten we hem alweer door nogmaals rechts af te slaan. Langs deze veldweg vond ik rond een schraal bosje van distels en heelblaadjes zowaar een klein paradijs aan vlinders. Toen ik hier wandelde op een zonnige septemberdag zag ik landkaartje, icarusblauwtje, 2 oranje luzernevlinders, 2 vuurvlindertjes en een distelvlinder.
> We komen over de Steenvaartdreef uit op de drukke Elewijtsesteenweg / Rubenslaan. Even links op het fietspad en na 50 meter rechts de geasfalteerde Steendreef nemen. Dadelijk de Barebeek over. Tesamen met de Dijle, de Zenne, de Voer en de IJse behoort deze beek tot de grotere waterlopen in het Dijleland. We kwamen tijdens de vorige etappe tussen Rijmenam en Mechelen al langs de plaats waar de Barebeek in de Dijle mondt. We lopen hier ook samen met het Rubenspad tot bij het 'Rubenskasteel', Het Steen van Elewijt.
> Via een voetgangers- en fietserstunnel de E19 onder (of Rubens de kleurrijke graffiti vandaag zou appreciŽren is zeer de vraag, feit is dat de vraag 'zag Rubens het zo?' zeker niet gesteld hoeft te worden). Nogmaals de Barebeek over, ze is hier in het verleden herlegd omwille van de aanleg van de E19. We lopen het centrum van Elewijt binnen en komen bij de splitsing van GR Dijleland en GR Groene Gordel met GR 128. De weg die we op dit punt kruisen is de Waversebaan, gelegd over een Romeinse heerweg.
> Vanaf nu volgen we weer geelrode bewegwijzering van de streek-GR. Net voor je de drukke Tervuursesteenweg bereikt, neem je rechts - links een buurtpad waarover je meteen in het centrum van Elewijt terecht komt.
> Bij de hoofdingangspoort van Het Steen niet het pad langs de Barebeek volgen maar links meedraaien met de asfaltweg. Op onze rechterzijde zien we nogmaals een kader met een typisch landschap. Deze 'zag Rubens het zo?'-kaders zijn geplaatst voor het 8 km lange lokale Rubenswandelpad.
> Een sinds 1986 met krimlinden afgezoomde dubbele dreef, de Steendreef, leidt ons langs het Neerhof (een voormalig pachthof van Het Steen, gebouwd rond 1735) naar een wijkstraat en verderop naar de snelweg E19. Deze dreef tussen Het Steen en het dorp Elewijt bestond nog niet in de tijd dat Rubens er woonde maar staat wel ingetekend op de Ferrariskaart (1775). Ze werd mogelijk aangelegd in dezelfde periode waarin het Neerhof werd opgetrokken.
> Natuurreservaat Torfbroek is mijn favoriete natuurreservaat, ik heb inmiddels al vele malen vertoefd in de unieke natuur hier en steeds weer valt er iets nieuws te ontdekken. De kleine bloemen van orchideeŽn en andere planten zijn toch wel zeer bijzonder. Typisch hier is ook de vreemde geur van moerassig water die hier hangt en toch is de waterkwaliteit hier zeer goed. GR Dijleland draait het reservaat in en loopt dan naar links door de rietachtige vegetatie waartussen bijzondere planten groeien.
> De eerste keer dat ik over GR Dijleland het Silsombos binnen liep zal ik niet snel vergeten. Nog nooit zulke dichte drommen muggen gezien. Ik moest me letterlijk een weg banen door de muggenzwermen, met gesloten mond om er geen in te slikken en voor mij uit zwaaiend met mijn topogids over GR Dijleland... Zo erg was het. Op betere momenten zal je er echter veel minder last van hebben. Op de bosranden kan je dan mogelijk nog wat worden geplaagd door dazen.
> Even een passage over een modderig pad om op een breder pad te komen langs een akker. Rechts hier langs de rand van het bos, af en toe nog modderstroken. Op een T-kruising van graspaden rechts Buurtweg 5 in. We lopen nu wat langer door het Silsombos, een vrij dicht en nat bosdeel. Langs het GR-pad groeien muntsoorten, moesdistel en smeerwortel. Voetweg 69 laten we links liggen.
> Uiteindelijk bereik je een betonbaantje, links hier. 150 meter verder links voetweg 95 in, weer een graspad. Voetweg 69 weer links laten liggen en vervolgen langs knotwilgen. In deze natuurgebieden liggen hooilanden met orchideeŽn. Voetweg 95 is af en toe wat overgroeid met netels en kan wat drassig zijn. Beekje over en links de beek volgen over voetweg 47. Op een padenkruispunt aan de bosrand rechts voetweg 76 op. Linksvoor ligt Kwerps, dat we bereiken door verderop voetweg 80 in te slaan.
> Weinig padmarkering onderweg in de open velden maar de richting is vrij duidelijk. Bij een schapenstal kom je op een V-splitsing. Links hier, richting een witte villa. Onmiddellijk daarna weer een vorksplitsing, neem de hoofdweg die licht is verhard met steenslag. Je komt uiteindelijk uit op een driehoekig pleintje met rustbank. Rechtdoor hier tot de drukke Lodewijk van Veltemstraat. Daar rechts in, we zijn nu aangekomen te Veltem-Beisem. Na 200 meter gaan we links een laatste natuurgebied in van De Groene Vallei: de Molenbeekvallei.
> Onderweg door het Hellebos fotografeer ik wat paddenstoelen langs het pad. Op het einde van de Wolfputwegel gaan we bij de bosrand naar links de Depotwegel op. Aanvankelijk kan dit pad wat overgroeid zijn maar al snel verbreedt het. Lange tijd lopen we langs de omheining van de bosrand. Ook hier weer veel Amerikaanse eik.
> Het graspad draait bij het einde van de afrastering toch plots het Hellebos naar links in om dadelijk rechts te lopen, we snijden eigenlijk een kort stuk van de Depotwegel af. Op asfalt gekomen volgen we verder de bosrand tesamen met lokaal wandelpad 'Van Steelantpad'. We komen uit op de drukke Haachtsesteenweg (krantenwinkel, bushalte) die we oversteken.
>! Als je de bosrand bereikt even opletten. Even licht meedraaien naar links naar een vorksplitsing. GR Dijleland neemt op die vorksplitsing echter niet langer het bospad links zoals in je gids misschien nog staat aangegeven. Dat pad bleek privť te zijn en GR Dijleland volgt nu dus een alternatief traject. Blijf langs de bosrand lopen en vervolg verderop rechtdoor over het graspad tussen akkers.
>! We bereiken een kruispunt met een asfaltweg. Nogmaals opgelet. De twee Streek-GR's splitsen hier. Streek-GR Groene Gordel loopt rechtdoor maar Streek-GR Dijleland gaat hier links! We lopen over de rechte verharde weg naar de Kampenhoutsesteenweg. We kruisen deze betonweg en lopen rechtdoor de Breemstraat in.
> Langs het schip van de kerk lopen we de Victor Sevranckxstraat in en achter de kerk (cafť) houden we dezelfde richting aan. De straat draagt de naam van nog een bekende schilder die het aangenaam leven vond in Elewijt: Victor Sevranckx (1897 -1965). Hij kwam op late leeftijd in Elewijt wonen en verwierf vooral bekendheid met zijn abstracte kunst van zowel schilderijen, sculpturen als architectuur.
> Voorbij een bakkerij gaan we kort daarna rechts een pad op, de Meulekensweg, langs het wijkschooltje 'De Regenboog'. Langs een afrastering verder in het verlengde van het pad. Dat draait rond een veld naar de Barebeek en volgt dan stroomopwaarts deze beek, die we al meermaals kruisten op GR Dijleland. We zijn nu in Perk, op het grondgebied van de gemeente Steenokkerzeel.
> De Meulekensweg komt uit op een asfaltweg. 20 meter naar rechts en dan links het Snijsselsbos in over de zogenaamde 'Hoofdbosweg', tesamen met lokaal wandelpad 'Natuur-rijk Elewijt'. Dit bos is een restant van het oude Kolenwoud en is vandaag samengesteld uit nogal vrij veel Amerikaanse eik, naast andere loofboomsoorten. Het prettige wandelpad loopt een tijdje kaarsrecht.
> Die straat brengt ons langs een Mariagrot en kort na een voormalige hoeve met beerpomp aan de straatkant gaan we links een pad in. Bij een bosje populieren kruisen we nogmaals de Barebeek, op de Wolfsputwegel zitten we weer volop in het groen. We betreden hier het Hellebos, een eerste groengebied van het Natuurpark Midden-Brabant, waarvan we tot bijna het einde van de etappe de meeste delen zullen ontdekken.
> In de Vissegatstraat links om bij een kapel rechts de Haaggatstraat te nemen. Door een eerder lelijke woonwijk en dan rechts buurtweg 23 in. Aan een V-splitsing links aanhouden. Voor ons ontvouwt zich een panorama van een meer 'bergachtige' Dijlevallei. We naderen stilaan weer het golvende Dijleland rond Leuven.
> We nemen de Torfbroeklaan aan de overkant. Deze wijkweg van het dorp Berg leidt naar een driesprong. Rechtdoor de Visserijlaan in en onmiddellijk linksvoor een kleinere asfaltweg op die tussen het groen loopt. Aan het einde van dit wegje komen we bij de ingang van het natuurreservaat Torfbroek, door de Kampenhoutenaars verkozen als mooiste plekje van hun gemeente. Opvallend zijn ook de vliegtuigen die boven je hoofd passeren, we zitten vlak onder een aanvliegroute naar de luchthaven van Zaventem.
> Om even Kwerps in te wandelen ontbreekt de tijd, de zon begint immers laag tegen de horizon te zakken. Je moet er wel goesting voor hebben om in Erps-Kwerps te wonen, het dorp ligt haast pal onder de drukste aanvlieglijn naar Zaventem. Een spektakel misschien voor de wandelaars om die zware vliegtuigen pal boven je hoofd te zien vliegen, de inwoners hier kijken er al lang niet meer van op.
> Terug op GR Dijleland. In de Neerstraat nemen we al na 70 meter schuinlinks een recht pad dat aanvankelijk langs de bosrand loopt. Op het einde van het bos links en langs de afrastering van een domein. Over een graspad tussen de velden wandelen we naar een volgende bosrand. Deze volgen, een wegje kruisen en verder rechtdoor langs die bosrand. Dit pad draait stilaan richting Nederokkerzeel.
> Na zowat 700 meter loop je aan de andere zijde van Torfbroek via een hekje het reservaat weer uit en kruis je de Keibeek. We lopen in dezelfde richting 50 meter verder op asfalt en komen zo op een kruispuntje. GR Dijleland gaat hier rechts in de Neerstraat maar het is - vooral eind mei, begin juni - zeer de moeite om nog 50 meter rechtdoor te wandelen om daar een ander deeltje van natuurreservaat Torfbroek even in te wandelen, Ter Bronnen. Je vindt in dit kleine gebied al het moois uit het grotere gebied tesamen + nog een paar extra soorten zeldzame planten! De verkavelde omgeving hier is bijzonder jammer.
> We hebben zowel voor het begin- als eindpunt een plaats gekozen met een treinstation. Vanuit Eppegem spoor je naar Brussel of Mechelen. In Veltem spoor je tussen de stations van Leuven en Brussel. Ongeveer halfweg kruis je al wandelend de Haachtsesteenweg waarlangs regelmatig bussen tussen Haacht en de de bushub van luchthaven Zaventem rijden.
> Cafťs en restaurants onderweg heb je te Eppegem, Elewijt (achter de kerk), Kwerps en Veltem (bij de kerk). Voor bevoorrading vind je halfweg de etappe langs de Haachtsesteenweg een Aldi op 500 m richting Brussel. Tussen de kerk en het treinstation van Veltem kom je langs een Proxy Delhaize.
> Opgelet onderweg, aanvankelijk loopt GR Dijleland samen met GR Groene Gordel en GR 128. Voor Elewijt krijgen Dijleland en Groene Gordel weer geelrode tekens, beide routes splitsen dan op hun beurt op tussen Elewijt en Perk.
> De beste periode om dit deel van Streek-GR Dijleland af te wandelen is begin juni, als in de reservaten de orichideeën bloeien. Op sommige momenten kunnen er veel muggen aanwezig zijn in de natuurgebieden Torfbroek en Silsombos. Neem eventueel voorzorgen.
Steenvaartdreef
> Het rechte wegje waarover we wandelen tussen de Zenne en de drukke Rubenslaan loopt eigenlijk op of naast een gedempt kanaal. Dat kanaaltje werd aangelegd tussen de Zenne en de Barebeek en verbond zo Het Steen met de Zenne. Het werd aangelegd in 1259 en wellicht verplaatste Rubens zich tussen de stad Antwerpen en Het Steen over dit verdwenen kanaal. Op de Ferrariskaarten, gemaakt rond 1775, zien we dat het kanaal toen al gedempt was.
> Tot vandaag is de Steenvaartdreef eigenlijk een privť-weg maar wel met het karakter van een eeuwigdurende openbare erfdienstbaarheid met toegang voor wandelaars en fietsers. In 2009 kwam het tot een overeenkomst tussen de eigenaar en de gemeente Zemst om er een streepje asfalt op te leggen ten voordele van de fietsers. De canadapopulieren werden tevoren al gekapt en in 2010 werden ze vervangen door jonge eiken om er weer een volwaardige dreef van te maken.
> Rubens was al 53 toen hij met de 16-jarige HťlŤne hertrouwde. Ze kregen nog 5 kinderen, waarvan het laatste geboren werd toen Rubens al dood was. Dat geluk met zijn rondborstige jonge vrouw in Elewijt blijkt ook uit de vele portretten die hij van haar maakte maar ook uit de landelijke taferelen die hij schilderde, ongetwijfeld geïnspireerd op de mooie omgeving van het land rond Zenne en Dijle. Hij moet ook trots zijn geweest op zijn eigen kasteel, dat hij op doek vereeuwigde in twee schilderijen, ze zijn vandaag te bekijken in de Londense National Gallery en in het Louvre van Parijs. Ongetwijfeld had hij in Het Steen ook contacten met andere schilders, zoals David Teniers, die in het vlakbij gelegen Perk woonde. Eigenlijk was van een burcht niet echt meer sprake in de tijd van Rubens, eerder van een groot landhuis met een residentiŽle functie.
> De toevoegingen van eental mooie zijgebouwen zijn van een eeuw later, rond 1754 werden deze opgetrokken, in Vlaamse renaissance-stijl. De laatste grote veranderingen dateren van rond 1875, dat waren niet meteen smaakvolle aanpassingen. In de periode rond de Franse Revolutie had Het Steen een functie als staatsgevangenis. Tijdens het interbellum werd een deel van de grachten gedempt om er een tuin aan te leggen. In de 20ste eeuw werd Het Steen soms geopend voor het publiek. Helaas is dat sinds 1990 niet meer het geval, een bedrijf baat het domein nu uit voor evenementen. Je moet het dus stellen met even te piepen door de tralies van de poort.
> Tegenover het kasteel zijn nog de resten van een watermolen te zien, die eveneens tot het kasteeldomein behoorde. De huidige gebouwen werden rond 1780 opgetrokken. De geschiedenis van de watermolen gaat echter terug tot de 13de eeuw, hij was in bedrijf als graanmolen tot 1890.
> Van de Elewijtse kerk is vooral de romaanse toren zeer oud. De rest werd afgebroken en herbouwd in 1847. Voor die tijd stond het schip van de kerk volledig anders georiŽnteerd tegen de zandstenen toren, het bevond zich waar nu de parking is. Bij de kunstschatten in de kerk ondermeer een waardevol Peteghemorgel.
Sluistoren van Weerde
> Op deze plaats bevond zich een sluis, molen en tolhuis. Wie zich langs hier over de Zenne verplaatste in de middeleeuwen, moest tol betalen. Wellicht gebeurde die heffing in opdracht van de eerste kasteelheer van het Elewijtse Steen, een kasteel waar we verderop langs komen. De getijdenwerking werd hierdoor haast geneutraliseerd verder stroomopwaarts. Het complex dateert uit de 13de of 14de eeuw. Helaas werden de gebouwen grotendeels verwoest tijdens de oorlog in 1914. Er bleef slechts ťťn zandstenen muur over. De ruïnes van de sluistoren in het kader van een meanderende Zenne, vormen vandaag één van de mooiste plekken in de gemeente Zemst, er passeren dan ook nogal wat wandelaars en fietsers.
Het Steen, Rubenskasteel
> Het Elewijts kasteel Het Steen heeft een lange voorgeschiedenis. Waarschijnlijk stond hier al een versterkte houten of stenen toren op een aarden verhoging in de 11de eeuw, een zogenaamde motte. Die kaderde mogelijk als vooruitgeschoven post in een verdedigingslijn van de Berthouts van het Land van Grimbergen tegenover het Mechelse machtsblok. Er kwam een stenen burcht rond 1304.
> Het Steen is echter vooral bekend omwille van zijn wereldberoemde 17de eeuwse eigenaar: de schilder Pieter Pauwel Rubens. Hij kocht het vervallen kasteel in mei 1635, liet het ombouwen in renaissancestijl en verbleef er tot eind 1639. Hij stierf enkele maanden later te Antwerpen. Rubens moet hier in Elewijt een aantal gelukkige jaren hebben gekend, genietend van de omgeving en zijn 'jong blaadje' Hélène Fourment.
> Tijdens de tweede eeuw groeide de Romeinse militaire site uit tot een nederzetting (mansio). In 1636 werden veel Romeinse zilveren en bronze munten gevonden. In 1871 ontdekte een amateur-archeoloog heel wat grafurnen uit de preromeinse en romeinse periode. Vanaf 1947 werd gezocht naar sporen van het wooncomplex van het mansio. Heel wat aardewerk en brons uit de 2de en 3de eeuw werd gevonden, evenals een waterput en funderingen van het wooncomplex. Ook in de 21ste eeuw wordt nog archeologisch werk verricht, ihb naar aanleiding van bouwwerken in de gemeente.
Elewijt en Sint-Hubertus
> In de middeleeuwen groeide Elewijt uit tot een belangrijk regionaal bedevaartsoord. Net zoals in Wakkerzeel, waar we eerder over GR Dijleland langs kwamen, werd hier Sint-Hubertus vereerd. Waarom hij hier in het Dijleland zo populair was is niet geheel duidelijk. Volgens de legende stierf de Ardense heilige in het niet zo ver afgelegen Tervuren maar die bewering is verre van zeker.
> Vooral op Pinksteren en op het naamfeest van de heilige Hubertus was er nogal een toeloop in Elewijt voor verering. Hubertus werd vooral aanroepen tegen hondsdolheid. De eeuwenlange verering verdween eind 19de eeuw met de uitvinding van een vaccin tegen hondsdolheid door Louis Pasteur. Enkel nog de processie van Elewijt herinnert nog aan de oude tradities, ze trekt na meer dan 400 jaar nog jaarlijks door de Elewijtse straten.
Elewijt, Romeinse site
> Te Elewijt hadden de Romeinen tijdens de eerste eeuw van de jaartelling een kleine nederzetting. Oorspronkelijk ging het om een legerkamp, gelegen bij de kruising van 3 wegen. De belangrijkste was de heerweg naar Waver en Gembloers, een andere liep naar het Romeins heerwegenkruispunt van Asse en een derde liep naar Nederland. De huidige Waversebaan komt in grootte overeen met het tracť van de heirbaan naar Gembloers. Ongeveer 1 meter onder de weg werden sporen terug gevonden van de oude Romeinse kassei. Het legerkamp lag relatief hoog gelegen op ongeveer 500 meter ten noorden van de huidige dorpskern.
> Een prettig pad slingert langs de Molenbeek. Na een bocht kies je voor de andere beekoever wat verder door nog eens de Molenbeek over te steken. 100 meter na dit laatste brugje leidt GR Dijleland je uit het natuurreservaat meteen het dorpje Beisem binnen.
Natuurpark 'De Groene Vallei'
> Natuurpark 'De Groene Vallei' werd in februari 2014 officieel in het leven geroepen. De titel van 'natuurpark' heeft eigenlijk rechtstreeks niks te maken met 'natuurreservaat' of 'nationaal park'. De benaming kan redelijk vrij worden geïnterpreteerd en slaat op een samenwerking voor het beleid rond natuurgebieden en het bundelen van kennis en projecten. Eigenlijk gaat dat projectidee tot begin jaren '00 terug maar al die jaren leed het een wat sluimerend bestaan. Daar is dus nu verandering in gekomen. Onder het Natuurpark vallen veel versnipperde groengebieden, van het Steentjesbos en het Hellebos bij Kampenhout tot De Rotte Gaten en de Molenbeekvallei te Veltem-Beisem (Herent).
> Stukjes groen in een gebied van pakweg 20 x 8 km in Midden-Brabant. Over GR Dijleland passeren we langs de meest boeiende groengebieden, dat zijn wellicht Torfbroek en Silsombos, waar de meest uitzonderlijke flora voortspruit uit opwellend kalkhoudend grondwater. Veel van de natuurgebieden zijn in beheer of in eigendom van Natuurpunt, de voortrekker van het natuurparkproject. In samenwerking met andere beheerders, de betrokken gemeenten en provinciale overheid, zullen de komende jaren zeker heel wat aktiviteiten en plannen tot ontplooiing komen die alleen maar de natuur kan ten goede komen in deze druk bevolkte en met verkeersaders doorsneden streek.
Hellebos
> Dit bosgebied, dat grotendeels op grondgebied van de gemeente Kampenhout ligt, is een honderden jaren oud bos met een basisbestand van vooral eik. Tijdens je wandeling merk je nog sporen van de militaire basis die hier een tijd was, zoals aarden wallen en prikkeldraad. Vandaag valt het beheer van het Hellebos grotendeels onder Natuurpunt. Heel wat paddenstoelensoorten werden in het Hellebos geregistreerd. Zelf ontdekte ik hier ook eenbes, een plant die toch wel redelijk zeldzaam is in Vlaanderen. De aanwezigheid van eenbes vertelt ook dat er een zekere aanwezigheid van kalk in de bodem moet zijn. Begin 2014 werden 46 hectaren van het Hellebos-Rotbos door de Vlaamse overheid uitgeroepen tot natuurreservaat.
Beisem
> Dit dorpje, dat vandaag tot de gemeente Herent behoort, ligt op slecht 1 km van Veltem. Dat twee dorpskernen soms zo dicht bij elkaar liggen maar toch aparte parochies vormden, is historisch vaak te verklaren door de verschillende machtsgebieden waartoe ze behoorden. Veltem was in de vroege middeleeuwen deel van het bisdom Luik, terwijl Beisem tot het eveneens machtige bisdom Kamerijk (Cambrai) behoorde. Met het einde van het Ancien Rťgime (Franse Revolutie) werden Beisem en Veltem nog wel een tijd aparte gemeenten maar sinds het Hollandse Bewind werden de inmiddels versmolten dorpen ťťn gemeente. Tot 1977, toen ze onder Herent kwamen.
> Het classicistische Sint-Michielskerkje (18de eeuw) van Beisem vormt met de geherkasseide hoofdstraat best een fraai dorpszicht.
> Vanaf 2001 startten herinrichtingswerken, onder de dynamische leiding van Natuurpuntmedewerker Ewout l'Amiral. Verscheidene hectaren populieraanplant verdwijnen ten voordele van hooiweiden, er komen een vogelkijkmuur en knuppelpaden op de natste paden, wandeltrajecten en vooral een systematisch en doorgedreven maaibeheer. De resultaten die de voorbije jaren werden geboekt ogen spectaculair.
> Rond 2000 bestond het orchideeënbestand er amper uit enkele tientallen bosorchissen. Vandaag zijn er 7 soorten wilde orchideeŽn aanwezig, waaronder duizenden bosorchissen begin juni. Andere merkwaardige planten aanwezig in het Silsombos zijn ondermeer eenbes, knolsteenbreek en herfsttijloos. De modder, vele muggen en soms ook dazen moet je er maar bij nemen, dit is Vlaams-Brabant op zijn wildst!
Torfbroek
> Het natuurreservaat Torfbroek is een juweeltje, een van de meest bijzondere natuurreservaten in BelgiŽ! Vermoedelijk verwijst de naam Torfbroek naar een moerassig gebied waar turf werd gewonnen. Eigenlijk bestaat natuurreservaat Torfbroek uit twee delen, over GR Dijleland lopen we door het grotere deel maar het is beslist de moeite om ook het kleinere deel te exploreren, Ter Bronnen, waar de GR wel langs maar niet door loopt. Die opdeling kwam er wellicht rond het jaar 1600, toen een kanaaltje door het Torfbroek werd gegraven.
> Torfbroek ziet er uit als een relict van een oud ongeschonden moeraslandschap. Niets is echter minder waar. Dit gebied heeft in de loop der eeuwen grondige veranderingen en menselijke ingrepen ondergaan. In de middeleeuwen, vanaf de 13de eeuw, mocht het door de omwonenden vrij worden benut als graasland, voor het verzamelen van hakhout en riet, turfsteken en voor visvangst. Later werden de vijvers economisch ontwikkeld voor ondermeer het roten van vlas. In de 19de eeuw werden grote delen bos gekapt met het oog op drooglegging. De vijvers verlandden dan weer tijdens de volgende decennia. Nog in de 19de eeuw trekt Torfbroek de eerste botanici aan, ongetwijfeld waren die gefascineerd door de uitzonderlijke flora hier.
> Eind 19de eeuw heeft Torfbroek echter geen economisch belang meer. In 1896 wil de gemeente Schaarbeek een deel van het Torbroek inpalmen om er een stort van te maken. Opmerkelijk dat het toen al 'groene jongens' waren (lees: botanici) die de verkwanseling van het natuurgebied konden voorkomen. Ook tijdens WO I leed het gebied grote schade door de massale kap van bomen op last van de Duitse bezetter. Na WO I worden allerlei grootste plannen voor het Torfbroek ontplooid: Van verkaveling tot golfterreinen, een 'plage' met plezierbootjes enz... Die waanzinnige ideeŽn zullen grotendeels worden begraven door de economische crisis tijdens de jaren '30. Tegelijk gaan in die tijd ook de eerste stemmen op tot klassering van Torfbroek als natuurgebied. De voorbereidende drainagewerken met het oog op verkavelingen en het graven van grote recreatievijvers hebben dan echter al grote schade aangericht aan de natuurwaarde van Torfbroek.
> Tijdens WO II gebruikten zowel Belgische, Duitse als geallieerde troepen het gebied. De grootste schade vond misschien nog na WO II plaats, toen het natuurgebied Torfbroek werd teruggedrongen tot de huidige grootte en verkaveling met villa's sterk oprukte, waardoor een deel van de natuur definitief verdween. Bedreiging door meer verkaveling bleef duren tot in de jaren '70 van vorige eeuw. De gemeente Kampenhout, die inmiddels weer eigenaar is van het grootste deel van wat nog overbleef van het Torfbroek, sloot in 1977 een contract af met de Belgische Natuur- en vogelreservaten, een voorloper van Natuurpunt.
> Inmiddels heeft Torfbroek een stevig beschermend status: Dit is zowel erkend natuurreservaat, beschermd landschap als habitat. Het beheer bestaat er vooral in om opschietend groen, vooral riet, door manuele maaibeurten onder controle te houden om zo de biodiversiteit aan planten maximale kansen te geven. Dat wordt inmiddels al tientallen jaren gedaan en het resultaat oogt vandaag bijzonder fraai.
Silsombos
> De versnipperde hooilanden en natte bospercelen die vandaag het natuurreservaat Silsombos vormen, liggen voor een kleiner deel op het grondgebied van de gemeente Kampenhout (Nederokkerzeel) en voor een groter deel op dat van Kortenberg (Erps-Kwerps). De meeste percelen zijn eigendom of onder beheer van Natuurpunt of Natuur & Bos. Ondanks het heterogeen karakter van zowel eigendom als landschapstypen is men er in het Silsombos in geslaagd om prachtige dingen te verwezenlijken. Vanuit Natuurpunt is hier dan ook een zeer enthousiaste ploeg aan het werk sinds 2000. Ze is erin geslaagd om een flink deel van de lokale bevolking warm te maken voor haar projecten rond het beheer van Silsombos. De mooie resultaten die hier ook op vlak van natuurbeheer zijn geboekt, versterken dat enthousiasme nog en vormen een bevestiging van doorgedreven en doordacht beheer door vrijwilligers en andere betrokkenen.
> Silsombos is een relatief wild gebied, dat redelijk authentiek is gebleven over de eeuwen heen. Aan de percelen hooiland te merken, kan je afleiden dat de bewoners van de streek de voorbije eeuwen geprobeerd hebben om ook deze laaggelegen gronden voor landbouw en bebouwing geschikt te maken. Ook hier is het op vele plaatsen opwellend kwelwater er voor verantwoordelijk dat dit natuurgebied vandaag nog bestaat. Veel van de gronden waren algemeen bekeken veel te nat om ze voor lucratieve landbouw geschikt te maken. De natte landen werden dan maar hoofdzakelijk benut voor hakhout en begrazing. Tijdens de tweede helft van de 20ste eeuw vervalt die functie omwille van veranderende leefomstandigheden. Eigenaars van percelen beplantten nogal wat bosdelen dan maar met snelgroeiende populieren voor houtverkoop. Dat brengt soortenverarming met zich mee, vooral monotone ruigtekruiden zoals brandnetels profiteren immers mee van dit soort bebossing.
> In de nasleep van de erkenning van het nabijgelegen Torfbroek, zetten dezelfde beheerders rond 1994 ook de eerste stappen om het Silsombos in bescherming te nemen. Ook hier kan het aanwezige kalhoudende kwelwater immers voor een bijzondere natuuromgeving zorgen. De eerste percelen in het Silsombos worden aangekocht rond 1994 door de voorloper van Natuurpunt, Natuurreservaten vzw. Dankzij aktieve medewerking van de toenmalige Kampenhoutse schepen voor milieu, komen de zaken in een stroomversnelling. De volgende jaren worden meer percelen aangekocht.
> Het natuurbeheer bestaat er vandaag in om die populieren niet meer te vervangen door nieuwe en terug te keren naar de situatie van voor WO II, toen hier tussen de bospercelen in ook natte hooilanden lagen met gevarieerde plantengroei. De bosorchis is inmiddels terug gekeerd en de vrijwilligers van Natuurpunt hopen natuurlijk dat ook andere orchideeŽnsoorten en andere kalkminnende flora zullen weerkeren, ook hier kan immers opwellend kalkhoudend kwel een bijzonder habitat bieden. Zoals je zelf kan zien is de Molenbeekvallei een brok natuur die volop maar heel geleidelijk in herstel is. Er zijn ook knuppelpaden aangelegd om van al dat moois te genieten.
Wat maakt Torbroek zo bijzonder?

> De mooie omgeving van rietvijvers gevuld met water van uitstekende kwaliteit en overgaand in kalkmoeras is vrij uniek in België. Opborrelend kwelwater en bronnen voeren die kalk en ook ijzer aan uit de grondlagen. De kalkhoudende bodem trekt een aantal aparte plantensoorten aan die elders zeldzaam tot zeer zeldzaam zijn. Dit is topnatuur in Vlaanderen. Heel wat vogelsoorten nesten of verblijven er als stand- of trekvogel.
> Maar het zijn dus vooral de planten die de show stelen. Eind mei, begin juni bloeien er verschillende orchideeënsoorten, waaronder grote muggenorchis, grote keverorchis, moeraswespenorchis en de talrijk aanwezige bosorchis of gevlekte orchis. Daarnaast vind je hier ook galigaan, knopbies, gewone vleugeltjesbloem, teer guichelheil, weegbreefonteinkruid, wolfskers, klein blaasjeskruid, kattendoorn en bevertjes. Allemaal planten waarbij het hart van botanici toch wat sneller gaat kloppen. Kom je hier eind augustus / begin september, dan zal je zeker blauwe knoop aantreffen en mits wat speuren ook het bijzonder mooie bloempje van parnassia. Het moerassig gebied lokt ook veel verschillende libellen- en waterjuffersoorten.
> Tijdens het broedseizoen (half maart - 1 augustus) wordt een groot deel van het natuurreservaat afgesloten ten voordele van broedende vogels. Het pad dat GR Dijleland volgt door het Torfbroek is wel het hele jaar door toegankelijk. Heb je interesse voor deze bijzondere natuur, wandel dan ook zeker door Ter Bronnen, dat is een afgescheiden kleiner deel van Torfbroek, waar de GR niet doorloopt maar wel kortbij komt. Hoewel Ter Bronnen kleiner is, zijn er nog meer verschillende zeldzame plantensoorten aanwezig.
Molenbeekvallei
> Het landschapsverhaal van het natuurgebied Molenbeekvallei te Veltem-Beisem (Herent) is nogal gelijkaardig met dat van Silsombos, in die zin dat ook deze natte gronden eeuwenlang werden aangewend voor begrazing, hooiland en houtsprokkel. Tot die aanwending overbodig werd in de periode na WO II omwille van veranderende leefomstandigheden. Ook hier kwam aanplant van snelgroeiende en snel kapklare canadapopulieren in de plaats. Dit bracht natuurlijk soortenverarming mee. OrchideeŽn verdwijnen helemaal als zo'n gebied tientallen jaren door populieren wordt ingenomen.
> De Molenbeek is een van de grote beken tussen Leuven en Mechelen die de Dijle versterken. We passeerden tijdens de vorige etappe al op de plaats waar de Molenbeek in de Dijle mondt tussen Rijmenam en Muizen.
Erps-Kwerps
> Een wel erg rare, zelfs wat grappig klinkende dorpsnaam. Wellicht ontstond Erps het eerst, de naam heeft een Keltische oorsprong, het moet dus een oeroude nederzetting zijn. In die entiteit ontwikkelde zich - mogelijk in de 11de eeuw - een heerlijkheid, een van Erps onafhankelijk hofkasteel, Quadrebbe. Ook die heerlijkheid evolueerde naar een zelfstandige parochie met een eigen kerk, hoewel Quadrebbe bijna helemaal was omringd door het grondgebied van Erps. De naam evolueerde in de 18de eeuw tot Kwerb en wat later tot Kwerbs. Sinds 1930 wordt de officiŽle benaming Erps-Kwerps gebruikt voor de verstrengelde dorpen. Sinds de gemeentefusies van 1977 valt Erps-Kwerps onder de gemeente Kortenberg.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

GR Dijleland (119 km)