Startpagina > Wandelen > GR16 Sentier de la Semois
Moerassige Semoisvallei
> De Semois tussen Aarlen en Chantemelle loopt door een van oorsprong erg moerassig gebied. Het vlakke landschap van de Boven-Semois met een waaier aan beken, bronnen die opborrelen uit de zandlaag (rustend op een ondoordringbare mergellaag) en regelmatige overstromingen van de Semois, vormen de ideale omstandigheden voor moerasgebied.
> Over vele eeuwen heen ontstonden door afgestorven plantenresten dikke veenlagen. Van landbebouwing kon door de natheid weinig sprake zijn. Minder natte delen dienden voor begrazing of voor hooiwinning. Hakhout kappen en turfsteken waren andere populaire vormen van exploitatie in het moerasgebied.
Romeinse weg Trier - Reims
> Na 2 millenia vind je zelfs nu nog de Romeinse weg Trier - Reims gemakkelijk terug op je topografische kaart. Van Aarlen tot net voor Fouches (Affen) vormt hij nu de snelle N83 (Aarlen - Florenville). Van Fouches loopt hij als een kaarsrechte veldweg tot net voor Etalle waar hij weer 3 kilometer over de N83 loopt. Trek dezelfde lijn rechtdoor waar hij weer als veldweg loopt tot Pin om daar af te buigen naar Chameleux - Carignan - Mouzon - Reims.
Etalle, etapperustplek voor Romeinen en GR-wandelaars
> Het toponiem 'Etalle' komt van het Latijnse 'stabulum' waarin je het nederlandstalige woord 'stal' ontdekt, verwijzend dus naar de paardenstallen. Mooie verklaring, was het niet dat er twijfel is dat 'Etalle' ook van het woord 'estault' zou afgeleid zijn. Dat woord betekent 'grens of limiet', wat dan weer kan slaan op de scheiding tussen het oude Germaanse en Romaanse gebied. Ga je iets ten oosten van Etalle, dan zit je meteen in een gebied waar tot voor 100 jaar door het grootste deel van de bevolking een taal gesproken werd die eerder bij het Letzebuergesch aansluit. Verfransing de voorbije eeuw heeft die 'taalgrens' ondertussen een flink stuk oostelijk verplaatst.
> De drukke grote weg Florenville - Aarlen die door Etalle loopt, volgt grotendeels het oude traject van de historische Romeinse heerbaan waarover we vanuit Fouches kwamen. Op de plaats waar de heerbaan de Semois kruist, heeft zich in de Galloromeinse tijd een dorp ontwikkeld dat is uitstaan uit een afspanning. Ruwweg om de 15 kilometer was er immers een infrastructuur aanwezig waar soldaten en andere reizigers konden rusten of paarden verversen. In Montauban (zie ook wandelroute Gaume Buissonnière) werd een oude mijlpaal ontdekt die haast zeker in Etalle langs de heerbaan stond en die later als bouwmateriaal diende te Montauban.
> De weg dateert ten laatste uit de regeerperiode van keizer Claudius (41-54 n/C) . Bewijs daarvan werd gevonden op een mijlpaal die werd gebruikt als bouwmateriaal op de oude site van Buzenol-Montauban maar die in feite afkomstig was van Etalle (op de heerweg). Over het hele traject zijn bovendien diverse Gallo-Romeinse resten ontdekt die langs de weg lagen. Versterkingstorens, villa's, necropolen, relais, tempels of oude woonkernen. Deze weg was voor de Romeinen van primair belang in de ontwikkeling van hun noordelijk wegennet dat vooral in functie stond van een betere ontsluiting van hun veroverde gebieden en de militaire overheersing daarvan.
> De weg was 7,5 meter breed. Je hoeft niet te zoeken naar grote plavuizen of kasseien die de weg ooit bedekten, die zijn al lang gerecycleerd in oude huizen, muurtjes of versterkingen. De weg raakte al gedeeltelijk in verval tijdens de Frankische periode, veroorzaakt door machtsversnippering en lokale belangen die de panregionale sterk overstegen.
> Deze Romeinse weg proberen te volgen over zijn hele traject en de Romeinse overblijfselen in het landschap opzoeken, vormt het thema van een boeiende tocht. Misschien wat eentonig om helemaal te voet af te leggen omdat het traject zo recht loopt, daarom is de fiets beter. Ik heb de weg enkele jaren geleden gefietst en het is best boeiend als je je ook wat ingraaft in de lokale geschiedenis van de dorpen en gebieden onderweg. Andere paden die ook een stukje over de oude weg Trier - Reims lopen zijn oa de Transgaumaise® en GR 129, deze laatste passeert ook langs ruïnes van het oude relaisstation van Chameleux.
> Na de Tweede Wereldoorlog zien we het snel verdwijnen van deze moerasgronden, ten voordele van huizenbouw en spoor- en wegenaanleg (oa de E411). Ook het recht trekken van de Semois op sommige plaatsen zorgde voor een snelle uitdroging. Economisch werden de moerassen de laatste decennia ook van minder nut, waardoor sterk waterzogende vegetatie zoals riet en wilgen opschoten, uitdroging verder in de hand werkend. Meer zelfs, de aanwezigheid van malaria- verspreidende muggen zorgde voor een negatieve beeldvorming van deze moerasgebieden.
> Vanaf de jaren '60 wordt gestart met een aktief aankoop- en beheersbeleid van overgebleven moerasgebied door natuurgroepen. Dankzij hen zijn een aantal stukken van uitdroging gered. Het onderhoud (zoals kappen, maaien en het dichten van oude ontwateringssloten voor de turfontginning) van deze natte stroken vraagt veel inzet van vrijwilligers op een gebied waar het moeilijk werken is door de drassigheid. Er zijn hierdoor 5 reservaten gecreëerd: Heinsch (32,5ha), Fouches (15,5ha), Sampont (33,5ha), Vance (12ha) en Chantemelle (8,5ha). Je treft er biotopen aan waar een aparte verscheidenheid van zowel moerasplanten als broedvogels en insecten aanwezig zijn. Orchideeën, de grote boterbloem, zeggesoorten, trilveen zijn er maar enkele. Moerasminnende planten zoals het veelvuldig aanwezige pijpestrootje of paardenstaart verraden de aanwezigheid van moerassig gebied. De grauwe kiekendief vindt er een ideaal habitat. Hij is redelijk gemakkelijk te spotten onderweg naar Etalle. Wat vlinders betreft kan je hier het veenhooibeestje aantreffen. Zelf spotte ik in de omgeving (maar niet tijdens deze GR-tocht) zowaar een wilde kat (niet hetzelfde als een verwilderde kat) en een bunzing.
> Wil je de moerassen exploreren informeer je dan goed op voorhand. De natuurreservaten zijn toegankelijk maar voorzichtigheid is aangeraden. Ons pad loopt niet door de moerassen, de Romeinse weg die we hier langere tijd volgen loopt een eind hoger.
Onderweg naar Etalle over de Romeinse weg Trier - Reims.
> De eerste etappe van GR 16 Semois is niet meteen de meest spannende. Van de bron van de Semois, die midden in de stad is gelegen, loop je te Aarlen over zowat 5 km verkeers- en wijkstraten. Onderweg is er niet veel boeiends te beleven. Pas voorbij het dorpje Viville krijg je echt het gevoel op een traject voor wandelaars te lopen. Er volgt over zowat 7 km een leuke afwisseling van vooral bospaden en oude paden door struweel en over gras. Een oude wasplaats midden in het bos bij Lottert is misschien wel het meest idyllische plekje tijdens deze etappe. Voorbij Lottert is het helemaal tot Etalle nogal eentonig wandelen, eerst over asfaltwegen, na Fouches over rechte Romeinse heerbaan. Alle reden dus om er flink de pas in te zetten en conditie aan te kweken voor de grote hoogteverschillen die 100 km verder langs GR 16 wachten.

Uitzicht over Aarlen vanop de Sint-Donaasheuvel
Lottert lavoir
De Semois in de Rue de l'Hydrion
Kleverig koraalzwammetje
Viville wasplaats
Tattert vijvers
Etalle Semois
Etalle
Pijpestrootje
Fouches Semois
Sampont
Viville kerk
Bron van de Semois
Aarlen, een piepjonge Semois
> Een rustplaats zoals in Romeinse tijden heeft Etalle vandaag vandaag niet meer voor de reiziger over GR 16 Semois. Toch niet in de vorm van een camping. Wel raak je hier makkelijk weg met openbaar vervoer.
De man aan de bron
> We beginnen de lange trekking over GR 16 niet aan de bron van de Semois maar in het archeologisch museum van Aarlen. Dit museum herbergt ondermeer de fijnste collectie Romeins beeldhouwwerk in België. De meeste objecten zijn gevonden in Aarlen zelf, langs de Grand'Rue.
> Tussen al die kapitelen en godenbeelden is dit merkwaardige beeld van deze 2000 jaar oude wandelaar. Dat hij te voet onderweg is zien we aan zijn wandelstok en zijn pij met kap. Hij laaft zich met een beker aan een gemetselde bron. Vermoedelijk gaat het hier over de bron van de Semois, gelegen in Aarlen. De bronnen van de Semois werden onder de Romeinen gewijd aan de god Apollo. Nog vroeger, onder de Trevieren, heette de Semois 'Sesmara', met bron in Are Launos (Aarlen).
Tunnellavoir van Lottert
> De meeste dorpen hier in de omgeving hebben allemaal nog oude wasplaatsen. We kwamen in Viville er ook al één tegen. Bijzonder aan 'de lavoir' van Lottert is dat hij van het type 'tunnellavoir' is. Hij werd de laatste maal rond 2003 gerestaureerd.
> Gelijkaardige wasplaatsen die zijn overdekt met een tunnelgewelf vinden we haast enkel hier in het Arelerland, in de Gaume en een deeltje van Frans-Lotharingen (regio Longwy / Longuyon). Vermoedelijk is deze constructievorm van tunnel ontstaan begin 19de eeuw in Frans-Lotharingen en heeft de stijl zich in de loop van de 19de eeuw uitgebreid over de hele streek. Het algemene idee van lavoirs dateert vooral uit eind 18de eeuw. Opkomende industrie en nijverheid zorgde voor een groeiende vervuiling van beken en rivieren waarin traditioneel de was werd gedaan. Lavoirs ontstonden dus vooral uit noodzaak voor meer hygiëne. De opkomst van wasmachines in de 20ste eeuw betekende het einde van deze wastraditie.
> Wil je meer tunnellavoirs ontdekken, wandel dan over de Gaume Buissonnière langs Saint-Léger of Houdlémont of nog beter, wandel over GR 570 waar je - met name op het Franse deel - nog verscheidene tunnellavoirs passeert.
> Behalve wasplaatsen waren deze lavoirs ook sociale ontmoetingsplaatsen bij uitstek, met name voor het vrouwelijk deel van de dorpsbevolking. Uitgedrukt in meer directe taal: er kon hier tussen het geplens in stevig worden geroddeld. Deze lavoirs in Gaume en Arelerland zijn in de 21ste eeuw vooral interessant voor wandelaars die bvb op over GR 16 lopen. Bij heet weer is het hier heerlijk om de voeten even te verfrissen of om de watervoorraad bij te vullen aan de bron waar die nog werkt. Bij nat weer zijn het goeie plekken om te schuilen of om even op adem te komen van al de nattigheid...
Bron Semois
Arel Semois
Aarlen Semois
Cultuurcentrum van Aarlen
> Onderweg naar Etalle heb je volop bevoorradingsmogelijkheden te Aarlen, na 3 km GR 16. Delhaize, Lidl, bakkers en slagers kom je langs. In Aarlen heb je uiteraard alle horeca. Een camping die het hele jaar open is, ligt op 3 km van Aarlen, langs de uitvalsweg naar Martelange. Voorbij Aarlen kom je te Lottert langs een taverne en daarna is het stappen tot Etalle. Daar zijn een paar café-restaurants, een bakker en op 600 meter over de weg naar Florenville ligt een Intermarché-supermarkt.
Grote sponszwam
Grote sponszwam
De grote vijver van Tattert
Lavoir van Lottert in tunnelvorm
Etalle, kerk
Etalle, de Semois
Romeinse weg Trier - Reims tussen Sampont en Etalle
De Semois tussen Fouches en Sampont
Oude hoeve te Sampont
Onderweg naar Lottert
Tussen 2001 en 2008 liep het traject van de de toenmalige GR TransSemoisienne (later GR 16) anders uit Aarlen. Onderweg naar Viville kreeg je een mooi beeld van de piepjonge Semoisvallei (hier 3 km na de hoofdbron). Op dit punt hebben al talrijke andere bronnetjes de Semoisbeek versterkt. De huidige GR 16 Semois passeert niet meer op dit punt. Het is aan de stad Aarlen en het Waalse gewest om na tientallen jaren investeringen in verkeerswegen en rotondes nu prioritair verder te investeren in wandelmogelijkheden door de jonge Semoisvallei in en uit Aarlen.
'Charmille', gegroeid uit mogelijk tot
350 jaar oude kornoeljestruiken
Nieuw wandelpad langs de oever van de jonge Semois
Arlon parc archéologique
Gele houtridderzwam
Arlon centre culturel
Grote sponszam
Arlon Semois
Kleverig koraalzwammetje
Zeldzame gele houtridderzwammen
De markering van GR 16 is af en toe vergezeld met tekens van de TransSemoisienne voor MTB of ruiters.
Op zoek naar hoogte boven de Semoisvallei
Oude wasplaats van Viville
De kerk van Viville (Altenuewen)
Stijgend naar een hoogte van 450 meter krijgen we (terugkijkend) een mooi zicht op de Arelse skyline
Arlon St-Donat
Aarlen - Etalle Romeinse weg
Aarlen
> Aarlen (Arlon in het Frans, Arel in het Luxemburgs) verlaten zonder de stad ook even te bezoeken is in feite wat zonde. Belgiës kleinste provinciale hoofdstad is zeker niet de mooiste onder de provinciesteden maar ze verdient een korte wandeling. Het is een kleine stad, en alles ligt dan ook redelijk dicht bij elkaar. Gevonden voorwerpen uit steen en brons wijzen op een erg oude bewoning van het gebied.
> Aarlen kende een bloeitijd onder de Romeinen, vanaf 50 v/C. Hier in de buurt kruisten 2 belangrijke heerwegen: Reims -Trier (waarover we tijdens deze etappe nog zullen wandelen!) en Tongeren-Metz. Tijdens de 3de eeuw vervalt Aarlen wat, door de voortdurende invallen van de Barbaren. De open stad krijgt in de laat-Romeinse periode dan ook stevige stenen stadswallen om beter aanvallen te weerstaan. Ze zijn tot 8 meter hoog. In de middeleeuwen wordt de stad op de Sint-Donaasheuvel gekroond met een burcht. Door de strategische ligging tussen Germaans en Frankisch gebied, valt Aarlen nogal eens ten prooi aan plundering, vernieling en brandstichting. Hierdoor verdwijnt in de loop van de eeuwen ook voor een groot stuk het historisch erfgoed van de stad.
> Waar in de vroege middeleeuwen nog een kasteel stond, verrees op de Sint-Donaasheuvel (450m) een kapucijnerklooster. Op de top kan je nu nog de dominante Sint-Donaaskerk bezoeken en wat resten van omwallingen. Plezierig is de kloosterrondgang van 'charmilles'(een soort 'haagtunnels'), bestaande uit kornoeljestruiken. Hier heb je ook een panoramisch uitzicht over het Arelerland. Resten van de Romeinse omwalling kan je bezoeken niet ver van de Grote Markt (voor een kleine vergoeding). Enkele andere Romeinse overblijfselen bezoeken we onderweg langs GR 16. Aarlen is sinds 1839 hoofdstad van de Belgische provincie Luxemburg. In dat jaar werden de definitieve grenzen tussen de 2 Luxemburgen vast gelegd.
> Waar anders dan bij de bron van de Semois begint GR 16 'Sentier de la Semois'? Die bron ligt aan de kruising van de Rue des Tanneries met de Rue Sonnetty. We ontmoeten weer de Romeinse reiziger van 2000 jaar geleden, dit maal in de vorm van een afgietsel van het echte beeld, dat is aangebracht over de bron. Het bronwater wordt opgevangen in wat er uitziet als een vijvertje, kompleet met waterplanten.
Bron van de Semois
> In feite is het vijvertje een gerestaureerde looiput. Vele eeuwen geleden werd het bronwater van de Semois op deze plek gebruikt voor leerlooierij. De straatnaam 'Rue des Tanneries' verwijst nog naar die ambachtelijke bedrijvigheid hier. De putten raakten echter in verval. Tussen 1968 en 1971 werden de looiputten weer uitgegraven en werd de bron blootgelegd. Op deze plek komt het water van de Semois dat her en der hogerop uit de ondergrond opborreld tesamen. Het afgietsel van de Romeinse Semoisreiziger werd eveneens in deze restauratiefase aangebracht.
> Er staat een infobord,geplaatst in het kader van het Trans-Semoisienneproject waarvan GR 16 het traject is voor wandelaars. Je kan hier bij de bron nog even op één van de rustbanken energie opdoen voor de 209 kilometer lange tocht waaraan we nu echt beginnen.
> We zoeken het wat hogerop en achteromkijkend zien we de kerk van Arlon uit het groen pieken. Op een bredere steenslagweg gekomen, gaan we links door een bosje en 150 meter verder op een asfaltwegje rechts-rechts. We stijgen stevig door op dit rustige asfaltwegje maar worden daarvoor onderweg beloond met mooie uitzichten achter ons over de skyline van Aarlen. Mogelijk worden in dit gebied windmolens geplaatst in de toekomst.
> Een boswachter stapt uit zijn 4X4 en vraagt of ik 10 minuten tijd heb. Hoewel ik moet doorstappen na al het geslenter in Aarlen kan ik natuurlijk niet anders dan ja zeggen, alleen al uit nieuwsgierigheid waarom een boswachter mij nodig zou hebben. Hij vraagt mij om een vragenslijst in te vullen ivm met recreatie in het bos. Dat doe ik dus maar even, ik kan er mijn mening in kwijt over jagers. Als ik problemen heb met jagers mag ik hem altijd bellen. Voilà, iedereen gelukkig. Hij moet lang naar een wandelaar hebben gezocht hier in het Arelerland want het is niet dadelijk het meest populaire wandelgebied van Wallonië.
> We lopen hogerop het bos in en komen op een hoogte van ongeveer 425 meter bij de lokalen van sportclubs, waaronder een schietclub. Even opletten nu. Voor die lokalen rechts maar dan onmiddellijk een grassig paadje nemen dat het bos inloopt, het Jongebësch. Een bos vooral bestaande uit dat dennen, het staat vol paddenstoelen in de herfst.
> Aangenaam wandelen hier. We dalen naar de verkeersweg Heinsch - Tattert. Op die weg rechts, langs de vijvers van Tattert. De moeite om in dit mooie kader even te verpozen. Er zijn rustbanken en er is een leerpad rond de vijver aangelegd. GR 16 vervolgt nog een minuutje over de asfaltweg die een bocht maakt. Kort daarna links even stevig stijgen in het bos van Lottert en al snel weer dalen, het was maar een heuveltje. Op een kruising van paden nemen we scherp links een bospad en op de vorksplitsing die dadelijk volgt, nogmaals links. Het bospad loopt afwisselend door dennenwoud en beukenwoud. Op het einde ervan bochten we naar rechts en daar ligt de mooie oude wasplaats (lavoir) van Lottert, nog een plek om even te blijven hangen, er staat een rustbank.
> We wandelen de lavoir voorbij en komen al snel het bos uit. Over een draaiende veldweg zetten we koers naar de eerste huizen van Lottert. We blijven op dezelfde weg en komen zo in het centrum van Lottert. Helaas het begin nu van een lang en wat eentonig deel van onze wandelroute. Rechts ligt het centrum van het dorp met vlakbij een taverne. GR 16 Sentier de la Semois gaat echter links over de asfaltweg, langs verkavelingen.
> Na 550 meter bereiken we de N40 Aarlen - Habay. We kruisen hem en lopen rechtdoor de Rue de Lottert in. Ook een asfaltweg, die wat door de velden slingert om na 1,5 km in één ruk de spoorlijn Brussel - Aarlen en een brug over de autosnelweg E411 over te steken. Aan de overkant komen we dadelijk het dorp Fouches (Affen) binnen.
> De oude weg is afgelijnd met een variatie aan struikplanten die voor vogels en insekten ongetwijfeld een groene corridor en fourageerlijn vormen in het landschap. De weg zelf plooit mee met de golven van het landschap, dat eigenlijk verrassend vlak is. We kruisen een paar verkeerswegen onderweg en gaan steeds rechtdoor. Het vrij rechte traject wordt in een beekvallei even doorbroken door een korte rechts-links.
> Op dat punt zijn we zowat 20 km ver over GR 16 Semois. Het gaat dan zowat in lijn verder tot kort voor Etalle. Nieuwe asfaltering kondigt aan dat Etalle er aankomt. We naderen ook stilaan de N83 (Aarlen - Florenville). Net voor deze weg komen we langs een picknickbank. We steken er die N83 over en vervolgen na 20 meter rechts over een parallel asfaltwegje naar het centrum van Etalle.
> Even opletten hier want ook de GR's 129 en 15 hebben de bron van de Semois als bestemming. Met de rug naar de bron volgen we rechts de Rue de Sonnetty uit om in de Rue des Déportés rechts te gaan. Al na een goeie 100 meter links, Rue des Thermes Romains. Een oninteressant achterafstraatje lijkt het maar mis zeker niet het kleine archeologische park wat verder op je linkerkant. Het is wel bijzonder.
Archeologisch park Aarlen
> Het eerste wat je ziet als je het toegangspoortje tot het archeologisch park indraait (toegang gratis) is een 'versleten' kerkhof. Her en der steken nog wat verweerde stenen kruisen in de grond. Deze grafkruisen uit lokale grijze steen dateren uit de 17de tot 19de eeuw. Tot 1853 was deze plek nog in gebruik als kerkhof. Bij opgravingen tussen 1936 en 1938 werden ook 21 Merovingische graven uit de 6de en 7de eeuw bloot gelegd. De waardevolle vondsten zijn nu uitgestald in het eerder bezochte archeologisch museum van Aarlen, op het eerste verdiep.
> Achter het kerkhof stuit je op de fundamenten van wat de oudst bekende kerk (basiliek) van België is. Ze dateert van de vroegste kersteningperiode in België. De oudste resten dateren dus uit de 4de of 5de eeuw, de kerk was ongeveer 25 m lang en 12 meter breed. Je kan nog duidelijk het grondplan van koor en schip ontwaren. Later kwam er nog een kapel op die was gewijd aan Sint-Maarten.
> Rechts achterin het park zie je een overdakking. Hieronder liggen de resten van de Romeinse thermen. Van dit oude badhuis is helaas nog weinig over. Het werd (onbegrijpelijk) in 1906 redelijk grondig vernield. De thermen waren centraal gelegen in de vicus (= niet-militaire Romeinse nederzetting zonder stadsrechten).
> We lopen de Rue des Thermes Romains ten einde en gaan dan links de spoorweg onder via de Rue Albert Goffaux. Dan niet de eerste rechts, hoewel de straat de naam Rue de la Semois draagt!
> Ga nog 50 meter verder in de Rue Albert Goffaux, tot bij de rotonde met het standbeeld van de amfoor. Die amfoor symboliseert de oorsprong van Aarlen aan de jonge Semois die als waterbron uit de Romeinse amfoor loopt. Een beeldhouwwerk van Bettina Scholl-Sebatini.
> Ga ter hoogte van de rotonde rechts het wandelpad langs de Semois op. Het werd aangelegd in 2011 en 2012. Een hele verbetering voor GR 16 door Aarlen want hier heb je contact met de jonge Semois. Sinds augustus 2014 nam SGR onze suggestie over om GR 16 langs hier te laten lopen. Het wandelpad loopt aanvankelijk over houten bedekking en gaat dan over in een betonpad. Er is hier ook werk gemaakt van een heraanlegde Semoisoever. Geen betonnen inkapseling maar milieuvriendelijke, aflopende oevers. De Semois is niet langer een licht stinkende riool, afvalwaters hebben nu een gescheiden afvoer. Het resultaat is dadelijk merkbaar, langs en in de Semois duikt een gevarieerde plantengroei op.
> Onderweg naar het dorpscentrum van Viville (Altenuewen) komen we nog langs een gerestaureerde lavoir. In het centrum houden we 2 x links aan om langs een boerderij de Rue de Freylange in te wandelen. Voorbij een speelparkje met rustbanken komen we even later bij de kerk van Viville.
> Na 500 meter eindigt dit nieuwe wandelpad. Eventjes rechts gaan daar en zo komen we uit op de Place de l'Yser waar we weer aansluiten op het gemarkeerde traject van GR 16 Semois. We nemen er de Rue Parc des Expositons. We lopen langs het 'Maison de la Culture' en een polyvalente zaal. Daar voorbij draaien we met de brede asfaltweg rechts-links mee om dan rechtuit de Rue de l'Hydrion te volgen, die parallel loopt met de spoorlijn Brussel - Luxemburg. Oninteressante weg, gelukkig is er een goed voetpad. De Semois stroomt ergens links in de laaggelegen bosjes die je ziet op afstand. In de toekomst zou hier met het Parc Hydrion de groene long van de stad moeten komen. Dat biedt wellicht perspectieven op een beter traject door Aarlen voor de GR, want nu lijkt het maar niks.
> Bijna op het einde van de Rue de l'Hydrion kruisen we even de Semois, die al een iets steviger beekje is geworden. Kort daarna draait de hoofdweg naar rechts. Nog een eind verder komen we bij de drukke N83. We nemen hem naar rechts, richting 'Diekirch' dus en onder de spoorbrug. Eigenlijk backtracken we wat naar het centrum van Aarlen!
> We blijven deze invalsweg volgen en 400 meter na de spoorbrug vervoegen we zelfs de nog drukkere N40. Onderweg een reeks winkels waaronder en bakkerij, slagerij en verschillende supermarkten. Tegenover het politiebureel van Aarlen steken we de weg via het zebrapad over en we vervolgen over de N40 aan de andere kant. Daarna nemen we de eerste straat links, Avenue Numa Ensch Tesch. Deze volgen we - meedraaiend naar links en dan in een grote bocht naar rechts - over zowat 650 meter, helemaal tot op het einde. Aan het T-kruispunt gaan we links over 50 meter om rechts de Rue de la Promenade te nemen. Einde links de Rue de Viville in tot op de rotonde. We steken langs links de rotonde over om aan de overzijde te vervolgen in de Rue du Moulin à Huile.
> We laten de kerk en de weg links liggen en lopen rechtdoor de licht stijgende asfaltweg op, nog steeds Rue de Freylange. Hogerop langs de weg naar Freylange (Frällen) krijgen we achter ons nog een panoramisch zicht over Aarlen. Voorbij de top zijn we de laatste bebouwing eindelijk kwijt. We dalen in de vallei van de Freylange-beek en net voorbij het beekbruggetje verlaten we voor het eerst sinds de start van GR 16 ook de verharde ondergrond. We gaan NA de brug rechts een graspad op.
> Hier begint GR 16 echt, zoals we dat van een GR-pad gewoon zijn, wat over wilde paden. Er wacht ons een aangenaam en afwisselend wandeltraject van een goeie 5 km tot in Lottert. Bij de vorksplitsing die snel volgt, vermijden we de privétoegang, we nemen dus de linkertak en lopen verder over een versmald en mogelijk 's zomers overgroeid paadje. Het moet een oud weggetje zijn, het is wat ingesleten en afgezoomd met een verscheidenheid aan struiksoorten. Verderop loopt het langs een smalle plantage van populieren die het hier duidelijk niet goed doen, ze staan wellicht te nat.
> Het pad stijgt nog wat zacht door maar gaat dan dalen en loopt voorbij een waterpompstation. Kort daarna komen we aan de bosrand. Niet links naar het dorp Heinsch (Häischel), waarvan de eerste huizen vlakbij liggen, maar rechts en na enkele tientallen meters links weer het bos in. Dit aangename bospaadje gaat wat verder over in een pad dat tussen weiden loopt. Rechtdoor tot op een T-kruising met een steenslagweg en daar rechts. Nog voor een chalet nemen we links een graspad dat verderop weer bos opzoekt.
> De eerste 10 km van GR 16 liggen nu achter ons.
> De hoofdweg door Fouches draait naar links het dorp in, op een kruispunt met de Rue du Lottert gaan we rechtdoor in de Rue du Cimétière. Op het einde rechts de Rue du Moulin nemen en links aanhouden. We hebben haar een tijd moeten missen, maar hier is ze weer, de Semois. We kruisen haar gekanaliseerde loop en vervolgen rechtdoor. Verderop loopt deze straat in een brede bocht naar links over in de Rue des Fours à Chaux. Kort daarna rechts de Chaussée Romaine in.
> We zullen deze oude Romeinse weg tussen Fouches en Aarlen over maar liefst 6,8 km volgen! Gelukkig is hij niet helemaal verhard met asfalt. We kruisen nogmaals de Semois op de oude grens tussen de dorpen Fouches en Sampont en lopen dan over de voormalige heerweg door het dorpje Sampont (Sues), waarvan we de kern links laten liggen.
> De doortocht door Sampont loopt langs verscheidene kapellen en de volgende kilometer staan er een paar rustbanken langs de oude weg. Voorbij een oude boerderijschuur met kastanjelaar gaat de weg over in meer verbrokkeld asfalt en nog een kleine kilometer verder krijgen we zandsteenslag onder de voeten.
> We hebben na Sampont het Arelerland ongemerkt verlaten en treden de Gaume binnen met zijn zandleemgrond. We verlaten hier ook het taalgebied Frans/Letzebuergesch voor dat van het Frans/Waals. In de lagere delen van het landschap zijn hier en daar ook geïsoleerde stukken moeras te ontdekken. De Semois stroomt inmiddels weer een heel eind van ons weg. De Romeinen zochten het liever hoog en droog om hun heirwegen aan te leggen.
GR 16
Semois van bron tot monding (208 km)